Uitval vleesvarkens is duurder dan gedacht
Het percentage vleesvarkens dat de eindstreep haalt, is belangrijk en heeft economisch veel invloed op het resultaat. Informatie over uitval, in welke periode van het groeiproces van spenen tot afleveren dieren uitvallen en de reden van uitval geeft veel inzicht.

Hoe langer een varken op het bedrijf aanwezig is, hoe groter de financiële waarde. Een goede overgang naar de vleesvarkensstal is belangrijk om uitval te voorkomen. Foto: Herbert Wiggermans
Alle vleesvarkens gezond afleveren. Dat is het ideaalplaatje voor elke varkenshouder. Naarmate een varken langer op het bedrijf aanwezig is, heeft het dier een grotere financiële waarde. De financiële impact van uitval neemt dan ook toe richting het einde van de vleesvarkensronde. De geïnvesteerde waarde na de aankoop van biggen stijgt naarmate een vleesvarken ouder is en er meer kosten zijn gemaakt. Vooral de voeropname heeft daarin een groot aandeel.
Hoewel het verlies van elk vleesvarken er één te veel is, blijft het percentage uitval van vleesvarkens in Nederland al jaren gemiddeld rond de 2 tot 3% schommelen. Terwijl individuele varkenshouders goede resultaten boeken met lagere uitvalspercentages, lukt het landelijk gezien niet om gemiddeld onder de 2% uitval bij vleesvarkens te komen.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses








