Mechanisatie

Achtergrond

‘Niet éen perceel is homogeen’

Er zijn pioniers en er zijn buitengewone pioniers. Akkerbouwer Oliver Martin behoort zeker tot de laatste categorie.
Oliver Martin demonstreert de bodemscanner in een veld naast zijn boerderij. Tussen 20 en 45 cm boven de grond zwevend meet die de elektrische geleidbaarheid van de bodem (ECa en ECt) om verschillende bodemkenmerken te bepalen. - Foto: René Koerhuis
Oliver Martin demonstreert de bodemscanner in een veld naast zijn boerderij. Tussen 20 en 45 cm boven de grond zwevend meet die de elektrische geleidbaarheid van de bodem (ECa en ECt) om verschillende bodemkenmerken te bepalen. - Foto: René Koerhuis

Alle machines zijn Isobus-compatibel (gemaakt) en in staat plaatsspecifiek variabel te werken (inclusief de cultivator). “Sommige zijn op ons verzoek aangepast, anderen passen we zelf aan om aan onze behoeften te voldoen. Je vindt hier niets dat níet is aangepast.” Alle trekkers en de maaidorser hebben verwisselbare Topcon RTK-gps-sets en elektrische stuurautomaten. De maaidorser is uitgerust met opbrengstmeting. Martin probeert waar mogelijk gebruik te maken van vaste rijpaden (CTF, controlled traffic farming) en gebruikt 21 m brede spuitsporen. De strooibreedte verlaagde hij van 24 naar 21 m voor een nauwkeuriger dosering. Spuiten gebeurt altijd tussen 2 en 7 uur om verdamping en drift zoveel mogelijk te voorkomen, en om toe te kunnen met slechts 70 procent van de standaard dosering gewasbeschermingsmiddelen. Als de wind aanwakkert, vertelt zijn weerstation aan boord van de trekker hem dat hij moet stoppen met spuiten. “Ik kan het indien nodig ook gebruiken om achteraf te bewijzen dat ik me aan de milieuregels heb gehouden.”

Dit is het nieuwe ontwerp van de Topoil Mapper-bodemgrondscanner van Geoprospectors. - Foto: Geoprospectors
Dit is het nieuwe ontwerp van de Topoil Mapper-bodemgrondscanner van Geoprospectors. - Foto: Geoprospectors

Zeer wisselende grond

De bemonsteringspunten op de 160 hectare lössgrond scoren van 24 tot 94, waarbij 100 punten het best is voor akkerbouw. “Al mijn percelen zijn wisselend tot zeer wisselend van samenstelling. Daarom ben ik begonnen met plaatsspecifieke bewerkingen.” Ploegen is taboe sinds 1988 en vanaf 2015 gebruikt hij waar mogelijk directzaai in plaats van strip till. “In de akkerbouw is de bodem het startpunt van alles. Als je weet wat daar gaande is, kun je de juiste maatregelen nemen. Vertroetel je je grond, dan is een gelijkmatig gewas van goede kwaliteit je beloning.”

Links de zendspoel, rechts vier ontvangerspoelen die de geleiding van de bodem meten. Hierdoor ontstaat een beeld van de opbouw van de bodem. - Foto: Geoprospectors
Links de zendspoel, rechts vier ontvangerspoelen die de geleiding van de bodem meten. Hierdoor ontstaat een beeld van de opbouw van de bodem. - Foto: Geoprospectors

Om te begrijpen wat er in zijn bodem gebeurt, ging Martin enkele jaren geleden op zoek naar een bodemscanner. “Ik wilde een continu metende on-the-go bodemscanner die – om bodemverdichting te voorkomen – bij voorkeur geen extra werkgang nodig maakt. Eentje die geen bodemcontact vereiste en die ik op elk moment kan gebruiken – ook op bevroren of met sneeuw bedekte grond en in (zeer) droge en (zeer) natte omstandigheden. Toen ik ergens in 2014-2015 las over de Topsoil Mapper (TSM) van het Oostenrijkse Geoprospectors wist ik, dus voordat-ie officieel was geïntroduceerd, dat ik de TSM wilde hebben.”

Geoprospectors werd opgericht in 2014. Het introduceerde de TSM-bodemscanner op de Agritechnica 2015. Martin gebruikt nu 1 van de 3 TS-scanners in Duitsland en van de 56 wereldwijd verkochte exemplaren.

“Ik ben een data-nerd”

De akkerbouwer zit nu echt op de praatstoel. Over het doen van remote- en near sensing, en data(verwerking). “Ik beschouw mezelf als een data-nerd, getallengek.” Verrassend genoeg gebruikt hij satellietbeelden in plaats van de bodemscanner om opbrengstpotentiekaarten te maken. “De Sentinel 1 en 2 van Esa leveren zeer nauwkeurige beelden, resolutie 10x10 meter. Ik gebruik radar-infraroodbeelden van de afgelopen vijf jaar. Die € 6 per hectare daarvoor betaal ik graag.”

Met zijn eigen algoritmes zet hij de satellietbeelden om tot opbrengstpotentiekaarten. Martin kan dit voor elk perceel op aarde doen en onderstreept: “Veel boeren hebben de neiging te denken dat hun percelen gelijkmatig zijn. Op basis van mijn ervaring kan ik ze verzekeren dat geen enkel perceel op aarde homogeen is!” Standaard bestaan de kaarten uit 5 zones van een lage tot een hoge opbrengstpotentie. In deze zones varieert hij de kunstmestgift en de zaaidichtheid. Het doel is een uniform gewas (kwaliteit), niet zozeer het besparen op inputs. “Ik pas de dosering pleksgewijs zo aan dat die aansluit bij de opbrengstpotentie. De ervaring leert dat bij een gebruikelijke dosering van 70 kg N per hectare, de daadwerkelijke gift tussen 40 en 100 kg/hectare kan variëren, met een gemiddelde van 71 kg/hectare. Mijn winst komt tot uiting in de gewassen, die veel uniformer zijn.”

Foto: Oliver Martin
Foto: Oliver Martin

NEUWIESENHOF
Naam:
Oliver Martin
Plaats: Baden-Württemberg (D.)
Bedrijf: Op het bedrijf van 160 ha verbouwen Oliver Martin, zijn vrouw en zijn schoonvader wintertarwe, koolzaad, sojabonen, zomergerst, spelt, korrelmais en luzerne. Gemiddeld is een perceel 2,03 ha groot, en het is lössgrond. Martin gebruikt een van de drie in Duitsland werkende TSM-scanners (56 wereldwijd verkocht).
FarmBlick: Gebruikmakend van de aangeschafte apparatuur en opgedane ervaring richtte Oliver Martin (r.) in april 2017 het precisielandbouw-adviesbedrijf FarmBlick op. Medeoprichter is zakenpartner Marius Sauer (l.). Zij adviseren boeren die aan de slag willen met precisielandbouw, leveren rendementskaarten op basis van satellietbeelden en verhuren hun gewassensor en bodemscanner. Ook voeren ze plaatsspecifieke bodembemonstering uit in samenwerking met regionale bodembemonsteringsbedrijven.

Foto: Oliver Martin
Foto: Oliver Martin

Tijdens het groeiseizoen gebruikt Martin de Isaria-gewassensor, drones met een temperatuurgevoelige camera (Parrot Sequoia) en ook satellietbeelden (de NDVI-indices) om plaatsspecifiek korrelkunstmest bij te strooien en de dosering groeiregulator te bepalen. “Ik gebruik de NDVI-kaarten van satellieten omdat blijkt dat de gewassensoren laat in het groeiseizoen tegen de grens van hun mogelijkheden aan kunnen lopen. Dit loont tijdens het oogsten, want het hierdoor uniforme gewas vereist slechts 1 optimale instelling van de maaidorser. Daarom heb ik simpelweg geen cruisecontrol-optie nodig, en kan ik zelfs brandstof besparen.”

Topsoil Mapper

Op de Neuwiesenhof dient de TSM-bodemscanner om plaatsspecifiek de bodemtextuur, verdichting en bodemlagen te bepalen, alsmede relatief vochtgehalte, organische stof en – in combinatie met de bodemmonsternemer – het fosfaat-, mangaan- en calciumgehalte in de bovenste 110 centimeter van de bodem. Met de TSM-kaarten maakt Martin taakkaarten met variabele zaaidichtheden. “Bij wintergewassen verhoog ik het aantal zaden op plekken met een laag vochtgehalte (de mindere grondsoorten) ter compensatie van de slechtere opkomst. Bij zomergewassen als korrelmais zaai ik juist minder dicht omdat de beschikbaarheid van water op die plekken de beperkende factor wordt.”

Martin gebruikt de TSM (nog) niet om de bodem op variabele diepte te bewerken. De gedragen cultivator is daar niet echt geschikt voor, een halfgedragen versie zou beter zijn. De TSM doet dienst op ongeveer een derde (63 ha) van het areaal. Hij bepaalde tevens de (diepe) bodemverdichting veroorzaakt door zware zelfrijdende bemesters. “Die is zo ernstig, zelfs met de laagste bandenspanning en in hondengang, dat ik alle drijfmestapparatuur van mijn boerderij heb verbannen. Ik gebruik voortaan compost.”

Aangezien de TSM – afwijkend van andere bodemscanners – de delta (verandering) in bodemomstandigheden meet, is het niet nodig om velden vaker dan eens in de 5 tot 7 jaar te scannen”, concludeert de getallengek.

Inzicht in oppervlaktestructuren
Het Oostenrijkse Geoprospectors is opgericht in 2014 met als motto ‘inzicht in oppervlaktestructuren’. “We wilden tijdens het uitvoeren van elk type bewerking, maar zonder contact met de grond, gegevens verzamelen over bodemgesteldheid”, zegt technisch directeur Michael Pregesbauer. De Topsoil Mapper die ze daarvoor ontwikkelden werkt met elektromagnetische inductie (vergelijkbaar met het draadloos opladen van elektrische tandenborstels). Vier ontvangstspoelen detecteren de signalen van de zendspoel. Dit werkt betrouwbaar in elk type bodem en in elke toestand: droog, nat, zout, bevroren, sneeuw bovenop – het heeft geen invloed op de resultaten. Elk van de ontvangstspoelen neemt 30 cm bodemdiepte voor zijn rekening (samen 20 tot 110 cm diep) terwijl de TSM 20 tot 45 cm boven de grond zweeft. Ze meten de elektrische geleidbaarheid van de bodem en daar rollen verschillende bodemeigenschappen uit, waaronder bodemverdichting en/of de diepte van bodemlagen, het relatieve vochtgehalte en de bodemtextuur (in grondsoorten).
Metaal dicht bij de spoelen kan de metingen beïnvloeden. Dus is er een niet-metalen constructie om de TSM op het dragende voertuig te monteren. Tijdens het kalibreren van de TSM compenseert de computer voor alle dichtbijgelegen metalen delen. De aanbevolen rijpadafstand is 18 meter. Wijder kan, maar dat vermindert de resolutie (scherpte van het beeld). Op Neuwiesenhof is de gangbare afstand 6 meter, maar ook 27 en 33 meter wordt gebruikt. De rijsnelheden kunnen oplopen tot 60 km/u zonder verlies van resolutie. De TSM Basic-versie begint bij € 26.500.
Grondbewerking op variabele diepte
Aanvankelijk was het niet de bedoeling om de TSM te gebruiken voor variabele grondbewerkingsdiepte op basis van de al rijdend gemeten bodemtextuur en verdichting. Maar ook dat is nu mogelijk, met de scanner voorop en het werktuig achter de trekker. En als het werktuig ertoe in staat is, zelfs sectiegewijs. Deze Pro-versie van de TSM begint bij € 32.000. Besparing is naar verluidt 6 à 7 liter brandstof per ha, bij een 20 procent hogere productiviteit én minder slijtage van beitels en scharen.
Op de Agritechnica 2017 is de aansturing van variabele zaaidichtheid gepresenteerd. En sinds kort is de TSM als optie Isobus-compatibel. In februari 2018 ondertekende Geoprospectors voor een groot aantal Europese landen een exclusief distributiepartnerschap met CNH Industrial. Hierdoor wordt de TSM ook verbonden met weerstations van CNH, waarvoor het een distributieovereenkomst sloot met het Nederlandse AppsforAgri.

Foto: René Koerhuis
Foto: René Koerhuis

Of registreer je om te kunnen reageren.