Rundveehouderij

Achtergrond

Engels raaigras krijgt minder bepalende rol

Graskwekers sturen op opbrengst en celwandverteerbaarheid, maar er komt ruimte voor andere soorten.

Waar Engels raaigras nu nog als meest bepalende grassoort voorkomt in 90% van het areaal, zal dat in de toekomst afnemen. Over een jaar of 10 zal het aandeel zijn teruggelopen tot zo’n 75 procent, zo schatten veredelaars.

Er komt meer ruimte voor andere grassoorten en ook vlinderbloemigen zullen toenemen onder druk van stikstofefficiëntie en de maatschappelijke wens naar biodiversiteit, dat steeds vaker onderdeel wordt van zuivelconcepten.

Gras is en blijft de basis onder de melkveehouderij. In de toekomst komt er meer ruimte voor andere grassoorten - foto: Jan Willem Schouten.
Gras is en blijft de basis onder de melkveehouderij. In de toekomst komt er meer ruimte voor andere grassoorten - foto: Jan Willem Schouten.

Van de huidige 80 rassen Engels raaigras in de Aanbevelende Rassenlijst komt de bulk uit de koker van vier veredelaars. Dat zijn (in alfabetische volgorde) Barenbrug, DLF, DSV en ILVO (B.).

Reden om deze vier partijen te vragen welke ontwikkelingen zij zien en welke speerpunten zij in het kweekwerk voor ogen hebben. De rassen die nu veredeld worden, zijn immers de rassen die de veehouder over 10 jaar zal gebruiken in zijn grasland.

De veredelaars geven aan dat het altijd lastig blijft om in te schatten wat er over 10 jaar nodig zal zijn. Ze moeten anticiperen op de trends die gaande zijn, om straks passende rassen te kunnen blijven leveren.

Groot programma Engels raaigras

Duidelijk is wel dat alle kwekers een groot programma hanteren voor Engels raaigras. Dat blijft onder de te verwachten omstandigheden toch de belangrijkste grassoort. Dat zit ’m vooral in de combinatie van kwaliteit en opbrengst die deze soort sterk maakt én houdt.

Daarbij richten de kwekers zich op verdere verbetering van de droge stofopbrengst als ook de kwaliteit. De manier waarop dat gebeurt vertoont wel kleine verschillen.

State of the art grasland 2030

  • Aandeel Engels raaigras neemt af tot 75%
  • Meer gebruik van diep wortelende grassoorten
  • Groter aandeel vlinderbloemigen in grasland
  • Hogere stikstofefficiëntie geeft meer opbrengst en eiwitproductie
  • Hogere weerbaarheid grasrassen op externe omstandigheden
  • Vergroot areaal met meerdere grassen en kruiden (biodiversificatie)

Zo geeft Joost Baert, senior onderzoeker en voedergrassenveredelaar bij het ILVO, aan dat verdere verbetering van de celwandverteerbaarheid belangrijk blijft.

“Een betere celwandverteerbaarheid zorgt dat uit 1 kilo droge stof meer energie kan worden gehaald. Meer energie kan ook uit een hoger suikergehalte komen. Een hoog suikergehalte gaat echter vaak gepaard met een lager eiwitgehalte en verhoogt het risico op pensverzuring. Vandaar dat voor de betere verteerbaarheid vooral ingezet wordt op celwandverteerbaarheid.”

Het is de vraag hoeveel extra’s je wint met nog een procent extra verteerbaarheid erbij

De celwandverteerbaarheid van Engels raaigras ligt al op een heel hoog niveau. Nu al boven 80%. “Het is daarom wel de vraag hoeveel extra’s je wint met nog een procent extra verteerbaarheid erbij”, geeft Tom Niehof, productmanager voedergewassen Europa, van Barenbrug aan.

“Er wordt wel geschermd met een kwart kilo melk extra door 1% verbetering van de celwandverteerbaarheid, maar dat geldt vooral bij vooruitgang in soorten met een lagere verteerbaarheid. Je kan je afvragen of dat ook nog opgaat bij een verbetering van de celwandveteerbaarheid van 82 naar 83%.”

“Het maaimoment is bepalender voor kwaliteit. Daarom is maaiflexibiliteit belangrijk en stellen we mengsels samen die meer ruimte en zekerheid geven voor kwaliteitsmaaien.”

Ook kijken naar weerbaarheid gras

Jos Deckers, sales director bij DSV zaden, geeft aan dat celwandverteerbaarheid voor het bedrijf van belang blijft, maar hij wil wel breder kijken dan dat aspect alleen.

“We schenken aandacht aan de weerbaarheid van gras. We selecteren daar ook op. Daarbij houden we rekening met toekomstige problemen, die kunnen gaan spelen. Zo kijken we bijvoorbeeld naar de tolerantie of gevoeligheid voor schimmelaantasting. Helminthosporium is er daar een van.”

In het rassenonderzoek worden rassen bij herhaling op hun eigenschappen beoordeeld en vergeleken op verschillende locaties in Nederland - foto: Bert Jansen.
In het rassenonderzoek worden rassen bij herhaling op hun eigenschappen beoordeeld en vergeleken op verschillende locaties in Nederland - foto: Bert Jansen.

Deckers verwijst naar de maisteelt. “Daar kenden we in het verleden ook geen bladvlekkenziekte. Toen het zich manifesteerde, zijn versneld rassen gekweekt die daar minder of niet gevoelig voor waren. Nu speelt helminthosporium nog niet in de grasteelt, maar het is niet ondenkbaar dat het zich manifesteert. Daar willen we op voorbereid zijn door nu al te selecteren.”

Wat later maaien bij mooi weer heeft direct invloed op het suikergehalte in het gras

“De celwandverteerbaarheid is ook voor ons een belangrijke eigenschap in Engels raaigras”, stelt Hendrik Nagelhoud, salesmanager bij DLF. “Ook suikergehalte heeft onze aandacht, al denk ik dat veehouders daar zelf met hun management meer invloed op hebben dan we in veredeling kunnen bereiken.”

“Door een dag langer te wachten met maaien bij mooi weer – of op een zonnige dag pas in de avond maaien – heeft direct invloed op het suikergehalte in het gras.”

‘Gras wordt het nieuwe soja’

Naast kwaliteit staat ook de opbrengst vanzelfsprekend op het netvlies van de veredelaars. De opbrengst wordt vaak gekoppeld aan de stikstofefficiëntie. Het gaat immers om een zo hoog mogelijke productie per kilo stikstof die ingezet wordt.

De combinatie van stikstofefficiëntie met kwaliteit maakt dat een ras meer of minder geschikt is. Voor Niehof is het duidelijk dat benutbaar eiwitgehalte steeds belangrijker wordt in de veehouderij.

“Gras wordt het nieuwe soja, waarbij gras als basis in het rantsoen het uitgangspunt moet zijn. De toekomstige introductie van de ‘eigen eiwitnorm’ van 65% speelt daar op de achtergrond in mee.”

In die gedachtegang komen direct ook de vlinderbloemigen in beeld. Met name rode en witte klaver, maar ook luzerne krijgt een plaats in de toekomst. In de rassenlijst staan 9 rassen witte klaver, die allen zijn aangemeld tussen 1960 en 1996, met één ras uit 2004. Daar werken de veehouders dus met relatief oude genetica.

Welk ras houdt het goed vol onder vochtgebrek en welk ras herstelt het snelst? Zo selecteren Individuele bedrijven rassen op basis van droogtetolerantie - foto: Hans Prinsen.
Welk ras houdt het goed vol onder vochtgebrek en welk ras herstelt het snelst? Zo selecteren Individuele bedrijven rassen op basis van droogtetolerantie - foto: Hans Prinsen.

Deckers: “Het is niet voor niets dat we een nieuwe set klavers in onderzoek hebben liggen. Daar verwacht ik op korte termijn cijfers van en ook opname van nieuwe rassen in de rassenlijst.” Ook andere kwekers hebben klaverrassen in het onderzoek liggen.

We onderzoeken ook Engels raaigrasrassen in combinatie met witte klaver

“Omdat klavers een grotere rol zullen krijgen, onderzoeken we ook Engels raaigrasrassen in combinatie met witte klaver”, zegt Baert.

“We willen weten of de rangorde en geschiktheid van rassen verandert als deze in een mengteelt met klaver worden geteeld en of ze op een juiste manier kunnen concurreren met klaver. Zonder overheersend te worden, of juist overwoekerd worden door klaver.”

Meer nadruk op biodiversiteit.

Naast de veredeling van rassen bedoeld voor veevoedering en gericht op opbrengst en kwaliteit neemt ook de maatschappelijke druk toe op biodiversiteit. Dit uit zich al in meerdere zuivelconcepten waar van veehouders verlangd wordt dat bijvoorbeeld een deel van het areaal ingezaaid wordt met een diversiteit van grassen en kruiden.

Zo komt er ook ruimte voor grassen als beemdlangbloem, maar ook kruiden als weegbree en cichorei. Ook hier zullen klavers en andere vlinderbloemigen een grotere rol toebedeeld krijgen.

Het teeltdoel is daarmee ook heel anders. Hier wordt gemikt op het aanbieden van ruimte voor vogels en de teelt van meerdere soorten grassen en kruiden in vergelijking met een monoteelt Engels raaigras.

Klimaatinvloed werkt door in veredelingsprogramma’s

Een heel ander aspect dat in de toekomst een rol gaat spelen, is de invloed van klimaatverandering. De kwekers zijn ervan overtuigd dat klimaat – met langere droge periodes, maar ook heftiger neerslag – zijn invloed zal laten gelden.

Engels raaigras is zeker niet de soort die het beste bestand is tegen droogte. Wel onderzoeken Barenbrug, DLF en ILVO rasverschillen in Engels raaigras door proefopstellingen waarbij de proefobjecten langere tijd van neerslag onthouden worden.

Daarbij wordt gekeken en geselecteerd op de rassen die het minst snel verdrogen, maar ook weer in staat zijn snel te herstellen als er wel weer vocht beschikbaar komt.

Rietzwenkgrassen wortelen dieper
De klimaatverandering geeft daardoor ruimte aan andere grassoorten die wel beter tegen droogte kunnen. Daarbij komen vooral de festuca’s (rietzwenkgrassen) in beeld, festulolium (een kruisingsproduct uit rietzwenk) en Engels raaigras.

Deze soorten wortelen dieper en kunnen daardoor langer vocht uit de bodem onttrekken. Rietzwenkgras kent ook een hogere opbrengst – zowel qua droge stof als qua eiwit – dan Engels raaigras. Alleen is de verteerbaarheid en ook de kwaliteit minder.

Nagelhoud: “De opbrengst van festulolium is ook hoger, maar hiervan ligt de verteerbaarheid weer op een iets hoger niveau dan bij de zuivere rietzwenken.” Niehof vult aan: “Daarom moeten veehouders leren rietzwenk vaker te maaien, om de kwaliteit te waarborgen.“

De laatste jaren hebben verschillende kweekbedrijven dan ook veel energie gestoken in het verbeteren van de celwandverteerbaarheid van de rietzwenkgrassen. Met name de ontwikkelingen in de veredeling van zachtbladig rietzwenk en festulolium zijn veelbelovend.

Timothee blijft belangrijk
Voor festulolium geldt – net als voor klaver – dat er rassenonderzoek komt. “Vorig najaar zijn de eerste proefvelden gezaaid. Dit wordt dan het eerste jaar van beproeving”, stelt Nagelhoud. “We hopen over 3 jaar cijfers te kunnen presenteren.“

Daarnaast blijft ook timothee een belangrijke grassoort. “Bij stikstofniveaus onder 250 kilo per hectare per jaar kent deze soort zelfs een betere opbrengst dan Engels raaigras”, stelt Baert. Timothee is ook beter wintervast dan Engels raaigras. Nadeel is wel dat deze grassoort op tijd gemaaid moet worden.

Baert: “Als timothee in de aar schiet, loopt de verteerbaarheid en daarmee de voederwaarde enorm snel terug.” Dat maakt het oogstvenster – de tijd waarin gemaaid moet worden voor behoud van kwaliteit – een heel stuk kleiner dan voor Engels raaigras.

Op 4 juni 2019 komen praktijk en theorie op het gebied van gras, graswinning en goed ruwvoer samen. Kom jij ook?

Of registreer je om te kunnen reageren.