Onderzoekers: geef bestuivers meer kans
De regelgeving in Europa helpt niet om de populaties van bijen en andere bestuivers te herstellen. Dat is een van de belangrijkste conclusies van een wetenschappelijke publicatie (witboek) van een grote groep wetenschappers die met Europees geld de factoren onderzochten die het herstel van de bestuiverspopulaties in de weg staan.

Bloemrijk grasland is gunstig voor bestuivers. Foto: Jan Willem Schouten
Aan het onderzoek werkten onder andere Wageningen Universiteit en CLM Onderzoek en Advies mee. Hoofdauteur van het artikel in het wetenschappelijke tijdschrift Advances in Pollinator Research is de Nederlandse onderzoeker Jeroen van der Sluijs, die verbonden is aan de Universiteit van Bergen in Noorwegen.
Bestuivers van levensbelang voor gewassen
Bestuivers zijn van levensbelang voor de teelt van gewassen. “Bestuivers zijn cruciaal voor Europa’s veerkracht van vitale maatschappelijke functies, concurrentievermogen en voedselzekerheid”, stellen de wetenschappers. Zij doen vijftien aanbevelingen die onder andere betrekking hebben op het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen en andere chemicaliën.
In het Gemeenschappelijke landbouwbeleid moeten duidelijke en meetbare doelen worden opgenomen voor bestuivers en er moeten jaarlijkse vrijwillige regelingen komen met meerjarige resultaatgerichte instrumenten die boeren belonen voor het onderhoud van heggen, bloemrijk grasland en diverse vruchtwisselingen.
Om het de bestuivers gemakkelijker te maken, moet het bestuiversbeheer een vast onderdeel zijn van het Gemeenschappelijke landbouwbeleid, zeggen de wetenschappers. Factoren die aantoonbaar een negatief effect hebben op bestuivers moeten worden aangepakt. Tegelijk moet de kennis over het belang van bestuivers worden gestimuleerd. De onderzoekers hebben het in dit verband over ‘bestuivingsgeletterdheid’.








