Akkerbouwer Johan de Boer test kikkererwten in het project Pulsating

Hoe krijgen eiwitrijke gewassen als kikkererwten, veldbonen en soja een vaste plek in de Nederlandse landbouwpraktijk? Foto's: Fascinating
“Al lerende word je wijs”, zegt Johan de Boer over zijn ervaringen met kikkererwten in het Fascinating-project Pulsating. Twee seizoenen lang testte hij verschillende rassen. Het leverde hem waardevolle inzichten op in zaaimoment, schimmelgevoeligheid en oogstproblemen. Maar ook een nuchtere conclusie: de huidige geselecteerde commerciële kikkererwtenrassen zijn voor Groningen nog niet economisch rendabel.
Dit is precies het type uitdaging waar het Pulsating-project mee aan de slag wil. Hoe krijgen eiwitrijke gewassen als kikkererwten, veldbonen en soja een vaste plek in de Nederlandse landbouwpraktijk? En hoe zorg je ervoor dat ze niet alleen goed gedijen op het land, maar ook interessant zijn voor verwerking, productontwikkeling en consumptie? Met die vragen ging het vierjarige project Pulsating vorig jaar van start. Dit project maakt deel uit van het bredere innovatieprogramma Fascinating en richt zich op het samenbrengen van kwekers, veredelaars, verwerkers en voedselmerken om innovatie te versnellen.
Economisch nog niet rond in Groningen, maar wel interessant
Het onderzoek test de teelt van kikkererwten, veldbonen en sojabonen. Daarbij worden mogelijkheden geïdentificeerd voor veredeling, beheer en optimalisatie van ingrediënten in de keten. Het uiteindelijke doel is om de waardecreatie van teler tot eindconsument te verbeteren. Het feit dat kikkererwten in Nederland nog niet op grote schaal worden geteeld, maakt deze studie des te waardevoller, aldus projectleider Renske Janssen, projectmanager protein technology bij NIZO. “Juist daarom is het belangrijk om te verkennen hoe dit gewas presteert in het Nederlandse of Noordwest-Europese klimaat. Kunnen deze gewassen hier goed groeien? Welke agronomische eigenschappen moeten via veredeling worden verbeterd om de economische haalbaarheid te vergroten? En vormen ze een veelbelovende bron van plantaardige eiwitten voor de toekomst?”

Deelnemende boeren
Vijf Groningse boeren doen momenteel mee aan het project. “Ze hebben elk een akkerbouwbedrijf met verschillende bodemomstandigheden en vruchtwisselingen. Het is belangrijk dat dezelfde gewassen bij verschillende telers worden verbouwd. Zo kunnen we bepalen of er lokaal een effect is of niet”, aldus Janssen.
Een van de deelnemende akkerbouwers is Johan de Boer uit Grijpskerk. Tot 2009 had hij een traditioneel bouwplan met aardappelen, later vervangen door uien. Verder startte De Boer in 2012 met niet-kerende grondbewerking (NKG) op een paar percelen. Inmiddels ploegt hij, behalve het grasland, helemaal niet meer.
Sinds 2020 doet de akkerbouwer het rustiger aan. “Ik verbouw nu nog wat graan en verhuur wat grond aan andere boeren”, legt hij uit. Sinds vorig jaar teelt hij kikkererwten. “Ik had al vaker bij Agrifirm aangegeven dat ik wel geïnteresseerd was in deelname aan projecten. Zodoende werd er contact met me opgenomen. Ik vind het belangrijk dat innovatie van onderaf komt, dus vanuit de boeren. Daar wil ik graag mijn steentje aan bijdragen en de mogelijkheden van de teelt van eiwitrijke gewassentesten.”
Fascinating is een open innovatieprogramma dat door Nederlandse en internationale partners wordt ondersteund in de transitie naar duurzame landbouw. Met projecten gericht op regeneratieve landbouw, plantaardige eiwitgewassen en circulaire verwerkingssystemen, werkt het programma aan gezonde bodems, voeding en ketens. Het programma streeft letterlijk naar 'meer gezondheid per hectare': gezond voedsel door een hogere voedingswaarde, een gezond verdienvermogen voor de boer, een gezond leefmilieu en klimaat en een gezond voedsel- en landbouwsysteem. Het omvat de hele keten – van bodem tot bord – waarbinnen alle schakels nauw samenwerken.
Aan het project Pulsating werken de volgende partners mee: Agrifirm, NIZO, Protealis, NuCicer, Limagrain, Hosokawa, DSM Food Specialties B.V.(dsm-firmenich), Team Products (De Kuyper Royal Distillers), AB Mauri, VION food group, Maatschap H Feitsma & GR Feitsma, JH de Boer, G Meijer, Klein Midhuizen, VHL University of Applied Sciences, ISPT-AFT.
Eerste ervaringen
Op een kleine twee hectare teelde De Boer vorig jaar drie Amerikaanse rassen en een Europees referentieras. Een natte periode bemoeilijkte de teelt, al is dat volgens De Boer niet uitzonderlijk. “We hebben rond 2018 droge zomers gehad, maar de laatste jaren zijn er weer afwisselend natte en droge perioden. Daar doe je niets aan. Het was gewoon een oer-Hollandse zomer.”
Door het te laat uitleveren van het zaaizaad kwam het zaaimoment achteraf te laat. “Er was sprake van schimmelvorming en de opbrengst viel tegen. Het nog niet-rijpe gedeelte van de oogst hebben we gemaaid met de zwadmaaier en laten drogen. Het wel-rijpe gedeelte hebben we regulier gedorst. Het Europese ras deed het beste. De opbrengst van het Amerikaanse ras was laag.”
Resultaten in het tweede jaar
Om nieuwe data te genereren en voort te bouwen op de lessen uit het eerste jaar, werden dit jaar opnieuw twee Amerikaanse en één Europees ras gekozen. De Boer voerde enkele verbeteringen door. “Ik heb vooral gelet op schimmelinfecties. We hadden een vrij lange droge periode, waardoor er weinig schimmelinfectie was. Eind juli was het erg nat, dus hebben we een schimmelwerende behandeling toegepast. Dat werkte goed.”
De Boer en andere deelnemers aan het Pulsating-project concludeerden ook dat een eerdere plantdatum de kikkererwtenteelt in Nederland ten goede zou komen. De Boer: “Volgend jaar wil ik wat eerder zaaien. Je hebt niet veel vocht nodig voor de kieming. Ze lijken niet gevoelig te zijn voor late vorst in mei.”

Opbrengst
In het tweede jaar ontwikkelden met name de Amerikaanse rassen zich tot een goede oogst. Helaas liet het Europese ras opnieuw een langere rijpingstijd zien en viel het over het algemeen tegen. De Boer merkt op: “Ik heb het Europese ras eind september geoogst. We halen er echt niet veel opbrengst uit. Er zijn zoveel lege peulen, het is niet echt de moeite waard om te oogsten. Ik weet niet waarom.”
De opbrengst van de twee Amerikaanse rassen was dit jaar redelijk, maar er zijn rasverbeteringen nodig om kikkererwten echt tot een economisch concurrerend gewas te maken in Groningen en andere Noordwest-Europese regio’s. “Om het rendabel te maken, hebben we een flinke prijs per kilo nodig, of de opbrengst moet omhoog. Economisch gezien zijn we er nog niet. Voorlopig is de oogst nog riskant. We hebben geen idee waarom het Europese gewas helemaal geen opbrengst heeft opgeleverd.”
Uitdagingen
Over de uitdagingen zegt hij: “Naast de lange bloeitijd groeit het Amerikaanse ras ook heel dicht bij de grond. Je moet de peulen bijna aan de grond plukken. Dat kan lastig zijn op kleigrond. Hoewel de grond dit jaar lekker droog was, ging het goed. Het Europese ras groeit wat hoger, wat in dit opzicht een voordeel is.” Alles hangt af van het weer, merkt hij op. “Ik vraag me af of kikkererwten wel geschikt zijn voor de Nederlandse omstandigheden. Zo ja, dan zullen er verbeteringen moeten worden doorgevoerd via rassenveredeling. Het Amerikaansezadenbedrijf NuCicer werkt hier hard aan.”
Voorlopig maken subsidies deelname van telers aan het Pulsating-project mogelijk, maar De Boer beschouwt dat als tijdelijk. “Naar mijn mening zouden subsidies eindig moeten zijn en zou een gewas uiteindelijk zelfvoorzienend moeten zijn. Zover zijn we nog niet. Vroeger werden erwten ook in Nederland geteeld, maar er is een reden waarom het verdwenen is: het gewas presteert elders veel beter. Ik ben voorstander van lokale producten, maar de omstandigheden moeten het toelaten.” Desondanks is hij positief over zijn deelname. “Ik vind het leuk om eiwitrijke gewassen te testen en ik krijg goede begeleiding. We zullen zien of het werkt.”
Volledig potentieel ontsluiten
De informatie die De Boer en andere telers in het Pulsating-project genereren, levert waardevolle feedback op over de prestaties van kikkererwtengewassen, benadrukt Kathryn Cook, CEO van NuCicer. “We werken aan belangrijke eigenschappen, zoals een korter groeiseizoen, een hogere planthoogte en een betere opbrengst voor de Nederlandse omgeving. Kikkererwten hebben historisch gezien niet de aandacht gekregen die ze verdienen. We willen het volledige genetische potentieel van kikkererwten als wereldwijd, eiwit- en vezelrijk basisgewas ontsluiten.”
Dat begint volgens haar met het aanmoedigen van telers om in te spelen op de huidige uitdagingen met kikkererwtenrassen. “Ook wordt gewerkt aan meer inzicht in de verdere verwerking van ingrediënten. Op basis daarvan kunnen nieuwe rassen worden veredeld die waarde en kansen creëren voor alle belanghebbenden in de toeleveringsketen.”




