1 reactie

‘Eenduidige monstername beter voor de boer’

Laboratoria moeten uniform monstername, voorbehandeling, analyse en kengetallen naar buiten brengen.

Evenals veel veehouders, werd ook ik dit jaar geconfronteerd met zwalkende regelgeving. Mijn agrarisch adviesbureau – waarmee we sinds 1996 jaarlijks duizenden boeren en loonwerkers voorzien van bodem, voer, water en mestanalyses – zit een beetje in de knel.

Als onszelf onafhankelijk noemend bureau hebben we 20 jaar lang gebruikgemaakt van diverse laboratoria. Wie herinnert zich niet namen als BLGG Oosterbeek, Altic Dronten, Lab Zeeuws-Vlaanderen of Acmaa?

Kuilen zijn onderwerp van analyse. Robert ter Horst pleit ervoor laboratoria te verplichten een analysemethode te laten accrediteren en die toe te passen als de belangen groot zijn. Dat voorkomt wildgroei in methoden en is voor de boer duidelijker - foto: Koos Groenewold.
Kuilen zijn onderwerp van analyse. Robert ter Horst pleit ervoor laboratoria te verplichten een analysemethode te laten accrediteren en die toe te passen als de belangen groot zijn. Dat voorkomt wildgroei in methoden en is voor de boer duidelijker - foto: Koos Groenewold.

Een accreditatie van een laboratorium is erg belangrijk. Hiermee tonen ze aan voortdurend aan hun kwaliteit te werken. Momenteel wordt er gewerkt aan strengere regelgeving ten aanzien van de monstername en analyses voor het onderzoek van kuilvoer.

Dat zal de kwaliteit flink verbeteren. Hopelijk heeft dat niet al te veel gevolgen voor de kostprijs. Het is duidelijk dat als een laboratorium veel meer moet doen, dat het dan duurder wordt. Ten aanzien van de mestwetgeving eist Europa natuurlijk wel iets.

Na 2020 mag er per hectare bij een PW hoger dan 55 nog 27 kuub rundveedrijfmest aangewend worden. Bij een PW lager dan 45 is dat 42 kuub

Enkele onderzoeksmethoden zijn verouderd en de kwaliteit kan beter. Het Pw-getal is hiervan een duidelijk voorbeeld. Pw staat letterlijk voor fosfaat (P) oplosbaar in water (W) en daar zit hem de crux. Bodemtemperatuur en vochtgehalte kunnen erg bepalend zijn op het moment van monstername en hebben grote invloed op gevonden waardes.

Na 2020 mag er per hectare bij een PW hoger dan 55 nog 27 kuub rundveedrijfmest aangewend worden. Bij een PW lager dan 45 wordt het ongeveer 42 kuub.

De overheid beseft dat deze analysemethode niet goed genoeg is. Per 1 januari 2021 dient de combinatie van de analyseresultaten van PAL- en de PAE-methode als basis voor de mestgift voor zowel gras- als bouwland. De PW zal in dat kader niet meer uitgevoerd worden.

Onduidelijkheid voor boeren

Het is ook nog mogelijk dat de verschillende laboratoria diverse onderzoeksmethoden hanteren voor de bepaling van de diverse getallen. Als de overheid dit toestaat, wordt het voor de boeren heel onduidelijk. Welke methode moeten zij nu kiezen?

De meeste analyses kunnen via verschillende analysemethoden worden uitgevoerd. Analysemethodes kunnen geaccrediteerd worden door de Raad voor Accreditatie (een overheidsinstantie), mits ze aan bepaalde kwaliteitscriteria voldoen.

Wij pleiten ervoor om laboratoria te verplichten om een analysemethode te laten accrediteren en ze toe te passen als de belangen voor boer en gehele sector groot zijn

Als een laboratorium een geaccrediteerde analysemethode toepast en deze in duplo uitgevoerd moet worden, is een laboratorium verplicht om zich daaraan houden. In duplo wil zeggen twee keer analyseren met dezelfde methode.

Als de afwijking tussen die twee uitkomsten te groot is, moet er nog een heranalyse uitgevoerd worden. Een laboratorium kan er ook voor kiezen om een analysemethode toe te passen die niet geaccrediteerd is. De vraag is of de overheid dat toestaat en of de boer dat wil.

Wij pleiten ervoor om laboratoria te verplichten om een analysemethode te laten accrediteren en om deze toe te passen indien de belangen voor de boer en voor de hele agrarische sector groot zijn.

Een medewerker van Eurofins neemt een grondmonster op het grasland van een melkveehouder - foto: Hans Banus.
Een medewerker van Eurofins neemt een grondmonster op het grasland van een melkveehouder - foto: Hans Banus.

Goedkoper met Nirs

Veel goedkoper en sneller is het om meerdere analyses tegelijk via Nirs te bepalen. Nirs is een analyse op basis van infraroodtechnologie. Door middel van een ijklijn met analyseresultaten die bepaald zijn op de klassieke analysemethodes worden de gehaltes berekend.

Het is dus een indirecte methode en het is niet bekend wat een Nirs precies meet. Fosfor (en dus PAL en PW) geeft op infrarood gebied bijvoorbeeld geen signaal.

Hier was dit voorjaar veel om te doen. Eurofins analyseert nu de PAL door middel van de Nat chemische en de Nirs-methode. Dit is wel twee keer, maar niet twee keer via dezelfde methode.

Hopelijk ontstaat er geen wildgroei binnen laboratoria

De overheid heeft na intensief overleg besloten om de getallen geldig te verklaren. Daarmee stelt de overheid dus dat de PAL-analyse op zichzelf niet geaccrediteerd hoeft te zijn.

In principe mag dus elk laboratorium dat ergens voor geaccrediteerd is, ongeacht voor welke analyse, een PAL analyse uitvoeren ten behoeve van onderzoek in het kader van wettelijke regelingen (derogatie en fosfaatdifferentiatie). Hopelijk leidt dit niet tot wildgroei binnen laboratoria.

Betrouwbare analyse

Maar hoeveel scheelt dit nu voor een boer? Stel dat de analyse 15% goedkoper wordt. Dan gaan we van € 80 naar € 70 voor een analyse tot 5 hectare die 4 jaar geldig is. Dat scheelt een boer ongeveer 50 cent per hectare per jaar. De vraag is of een boer dat verantwoord vindt. Ik verwacht dat een boer gewoon een betrouwbare analyse wil waardoor hij optimaal kan bemesten.

Ten aanzien van de meststoffenwet en derogatie schrijft Europa steeds strengere regels voor. En met het vrijlaten van de diverse onderzoeksmethoden door verschillende laboratoria ben ik bang dat we ons eigen graf graven. Daar hebben onze klanten best wel 50 cent per hectare voor over.

Eén reactie

  • Kelholt

    Beste Robert,
    Stel dat de analyse 15% goedkoper wordt. Denk je dan echt dat de laboratoria dit voordeel doorberekenen naar de klant? Of zouden ze het misschien toch liever bij hun winstmarge optellen?

Of registreer je om te kunnen reageren.