Home

Nieuws 3 reacties

LTO wil alternatieven voor emissie-arme vloeren

LTO Nederland is van mening dat de overheid te veel vast houdt aan uitsluitend emissie-arme vloeren in stallen.

De overheid kijkt alleen maar naar de huidige, vertrouwde technieken om de emissie van ammoniak uit de veehouderij tegen te gaan. Bij nieuwbouw en uitbreiding moeten stallen sinds 2015 voorzien worden van een emissiearm systeem. In de praktijk hebben ondernemers eigenlijk alleen maar de ‘keuze’ uit emissie-arme vloersystemen.

Dit terwijl er wel alternatieven zijn ontwikkeld, zoals het beluchten, koelen of aanzuren van mest, of het toevoegen van bacteriemengsels, stelt LTO. Het is echter tot nu toe nog niet gelukt om een van deze technieken op de lijst van de Regeling ammoniak en veehouderij te krijgen.

Nieuwe technieken krijgen weinig kans

De procedure om voor een techniek een vermelding te krijgen op de lijst van de Regeling ammoniak en veehouderij, kost een paar jaar en vergt volgens deskundigen een investering van minstens € 100.000. Dat betekent dat startende bedrijven en ondernemingen met weinig eigen vermogen die nieuwe technieken ontwikkelen maar weinig kans krijgen hun techniek door te zetten, stelt LTO. Daarom pleit de boerenorganisatie voor het toestaan van realtime metingen in stallen, zoals ook in de pluimveehouderijsector wordt toegepast.

Vernieuwing stimuleren

Bij een dergelijk principe krijgt de ondernemer de inspanningsverplichting om aan de eisen voor ammoniakemissie te voldoen, maar kan de veehouder wel zelf keuzes maken. Dat zal vernieuwing binnen de sector stimuleren. LTO benadrukt daarbij wel dat voorkomen moet worden dat er een stapeling van dure maatregelen en meetsystemen voor de sector komt.

Laatste reacties

  • john***

    de vraag bij rundveestallen is vooral hoe ga je het debiet meten? bij pluimvee en varkensstallen gaat dat prima maar bij een natuurlijk geventileerde stal is dat toch een uitdaging.

  • E. van den Hengel

    Het meten zelf is het probleem niet. Hier zijn inmiddels prima bewezen technieken voor. Ook voor continu meten.

    Let wel op: continu meten geeft een heel andere problematiek. Continu meten geeft ook ruimte voor maatwerk op beide fronten: de veehouderij én de overheden. De veehouder kan aantonen dat met zijn techniek met een goede combinatie van techniek, toevoegmiddelen, voer en management voldoet aan de maximale uitstoot. Andersom geldt dus ook. Ook wanneer het beschikbare rantsoen geen opties biedt voor het verlagen van emissies.

    Het knelpunt is de systematiek met 4 proefstallen die elk 6 keer moeten worden gemeten (kostbaar) in combinatie met (gebrek aan) bescherming van het product waardoor investeren in een goede techniek erg kostbaar is met een ongewis resultaat.

    Voorheen werden dit soort onderzoeken (al dan niet volledig) uit algemene middelen bekostigd (LTO, overheid). Misschien is het een idee dat LTO nu de daad bij het woord voegt en het sectorbelang dient door een fonds voor dit doel op te richten waar na een pre-screening van het idee, een substantiële bijdrage aan het ontwikkelen wordt gedaan.
    Kijk naar de provincie Brabant. Die voegt de daad bij het woord. Wat je ook vindt van het beleid, Zij zet beleid in en maakt substantiële middelen vrij voor metingen (70%).

  • Gat

    De overheid kijkt alleen maar naar wat het duurste is en geen oplossing maar lapmiddel is. Voorzover er emmissie probleem is. Gaat erom dat je veel geld in lucht steekt.

Of registreer je om te kunnen reageren.