Home

Nieuws 4 reacties

Inkomenssteun wordt minder en invloed lidstaat groter

Minder directe inkomenssteun voor boeren, een lager maximaal bedrag per bedrijf, prioriteit voor jonge boeren en bedrijfsopvolging en meer nationale invulling van regels. Dat zijn enkele kernpunten in de voorstellen voor het nieuwe EU landbouwbeleid (GLB). Dat blijkt uit een uitgelekt document van de Europese Commissie dat onder meer Agra-Europe aanhaalt.

Het rapport over het GLB voor de jaren na 2020 geeft een inkijk in de wijzigingen en aanpassingen die eind november 2017 voor het eerst officieel gepresenteerd worden. Directe inkomenssteun (onderdeel van de zogenoemde pijler 1) is binnen de EU gemiddeld goed voor 46% van het inkomen van boeren. Daarbij zijn er grote verschillen per lidstaat. In Nederland bestaat circa een kwart van het inkomen uit inkomenssteun, in Duitsland meer dan de helft en in Frankrijk iets minder dan de helft. In vrijwel alle landen blijft het agrarisch inkomen ook inclusief steun fors achter bij inkomens in andere sectoren. Ook wordt uitgesproken dat de verdeling tussen grote en kleine ontvangers ‘volgens sommigen oneerlijk lijkt’. Ook al gaat het grootste deel van de steun naar middelgrote familiebedrijven, een ‘meer gebalanceerde verdeling zou bevorderd moeten worden’, staat in het rapport.

Drie maatregelen voor een andere verdeling

Daarvoor worden drie maatregelen genoemd:

  • een mogelijk maximum van € 60.000 tot € 100.000 per ontvanger;
  • relatief meer steun voor kleine bedrijven, bijvoorbeeld door een soort herverdeling;
  • steun beperken tot de bedrijven die voor hun bestaan afhankelijk zijn van landbouw.

Tegelijkertijd moet het nieuwe GLB ‘doorgaan met het verkleinen van de kloof’ in euro’s per hectare tussen lidstaten in het oosten en westen van de EU.’

Risicomanagement en crisismaatregelen

Andere punten die in het concept genoemd worden gaan over het verbeteren van de marktpositie van boeren, risicomanagement en crisismaatregelen. Speciale aandacht gaat daarbij uit naar jonge boeren en bedrijfsopvolging, dat prioriteit krijgt.

Maatregelen die bijdragen aan vergroening en het klimaat moeten meer samenhang krijgen. Dat kan een samenvoeging betekenen van de huidige vergroeningsmaatregelen binnen de eerste pijler en maatregelen gericht op milieu en klimaat in de tweede pijler. In ieder geval krijgen lidstaten meer ruimte voor het stellen van doelen en het schuiven met geld van de eerste naar de tweede pijler (plattelandsbeleid), zonder dat ze daarvoor dan zelf geld bij moeten leggen.

Foto: ANP
Foto: ANP

Op 29 november begint de communicatie van de plannen. Vervolgens staat het begin december op de agenda van het Parlementair Comité voor Landbouw en Plattelandsontwikkeling en op de agenda van de Landbouwraad. In mei 2018 moeten dan de contouren van de meerjarenbegroting van de EU duidelijk worden. In de tweede helft van 2018 worden de eerste voorstellen voor regelgeving verwacht.

Laatste reacties

  • alco1

    Eén ding is zeker.
    Er vloeit meer geld Nederland uit dan dat er in komt.
    Zal mij benieuwen hoe lang ons land deze grote broek aan kan houden.

  • A1967

    Alco, dat is waar Nederland voor staat, blijkt ook uit het afschaffen van belasting op dividend en niet innen van vennootschaps belasting. Waar meestal alleen de buitenlandse multinationals of zelfs de individuele top van deze bedrijven voordeel van hebben. Kleed je eigen mensen uit en schuif het door. Dit is al jaren zo en had afgestraft kunnen worden in het stemhokje , dat is niet gebeurd, dus dit is wat NL wil.

  • oorspronkelijk

    kwantumtoeslag in omgekeerde vorm
    verrijking platteland
    als je niets voelt voor klimaat of milieu en natuur dan wordt ondersteuning afgebouwd
    solidariteit vraagt om nivellering
    maar ten koste van wat allemaal
    ik heb er nog geen zicht op

  • koestal

    Ja, de koninklijke huizen van Engeland en Nederland krijgen wel veel EU geld, en veel grote bedrijven,zo cooperaties en natuurorganisaties krijgen hier ook veel geld van.

Of registreer je om te kunnen reageren.