Home

Achtergrond laatste update:5 dec 2017

Bollensector aan zet bij resistentie-aanpak

De bloembollensector is nauw betrokken bij vermindering van resistentie bij schimmels voor schimmelbestrijders (azolen).

Minister Bruno Bruins (Medische Zorg) meldt in een brief aan de Tweede Kamer dat gesprekken met de sector worden gevoerd om te zien welke maatregelen kunnen worden genomen.

Longinfecties bij mensen

Azolenresistentie bij schimmels kan bij verzwakte patiënten ernstige problemen veroorzaken. Resistente schimmels (Aspergillus fumigatus) kunnen hardnekkige en niet te bestrijden longinfecties veroorzaken bij ernstig verzwakte patiënten. De beschikbare medicijnen werken niet, doordat de schimmels zich daartegen gewapend hebben.

Hoe de resistentie precies ontstaat is niet duidelijk, maar aangenomen wordt dat het gebruik van azolen als schimmelbestrijders daar een rol bij spelen. Azolen komen voor in de vorm van gewasbeschermingsmiddelen, maar ze zitten ook in bijvoorbeeld cosmetica en meubels. Bij onderzoek op 12 vooraf geselecteerde specifieke plekken is gebleken dat hoge gehalten resistente schimmels worden aangetroffen in compost van afval in de bloembollenteelt, bij opslag van gemengde houtafvalsnippers en compost van industrieel verwerkt groenafval.

Nader onderzoek nodig

Het onderzoek – waarvan de resultaten nog niet zijn gepubliceerd – is uitgevoerd door het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu in samenwerking met de Radboud Universiteit en Wageningen Universiteit en het Centrum voor Landbouw en Milieu (CLM).

Bruins zegt dat er al overleg wordt gevoerd met de Koninklijke Algemeene Vereeniging voor Bloembollencultuur (KAVB). De KAVB denkt mee over mogelijke maatregelen.

Daarbij wordt onder andere gekeken naar het gebruik van andere stoffen die de schimmel bij bollen kunnen bestrijden, zonder dat er resistentie wordt ontwikkeld. Verder wordt gekeken of het mogelijk is om organisch afval anders te behandelen, zodat de omstandigheden voor de ontwikkeling van resistentie bij schimmels minder gunstig worden.

Daarnaast is aanvullend onderzoek nodig om te zien waar en hoe mensen besmet raken.

Of registreer je om te kunnen reageren.