Commentaar

‘Belgen maken patatten van Hollands pootgoed’

De Belgen leggen de bijl aan de wortel van het rotsvaste vertrouwen dat het Nederlands pootgoed wereldwijd heeft. Oppassen dus.

Belgapom, het instituut van de Belgische aardappelketen, stelt publiekelijk de kwaliteit van Nederlands pootgoed aan de kaak. Ze vinden de Nederlandse aanpak van de recente pootgoedfraude met valse certificaten veel te soft. Hun kritiek is onder andere dat keuringsdienst NAK en de NVWA niet alert reageerden na de eerste signalen van fraude en de traceerbaarheid van het pootgoed is niet transparant. Ook in de nasleep vinden de Belgen de Nederlanders maar lankmoedig in vergelijk met hun harde aanpak.

Financiële schade

De Belgische autoriteiten eisen van hun gedupeerde telers dat ze het illegale pootgoed oprooien en vernietigen. Die telers moeten bovendien zelf maar zien of ze de financiële schade, die voor sommigen in tienduizenden euro’s loopt, kunnen verhalen op de malafide Zeeuwse handelaar. Dit terwijl het ongecertificeerde pootgoed dat in Nederland is uitgeplant op 2 percelen onder auspiciën van de NVWA gecontroleerd mag uitgroeien.

Kritiek op Belgische telers

Het is duidelijk dat de Belgen Nederland een koekje van eigen deeg geven. Een paar jaar geleden uitte de Nederlandse pootgoedsector grote kritiek op de massale illegale vermeerdering van pootgoed door Belgische telers. Via Breeders Trust is vervolgens hard ingegrepen onder de frauderende Belgische aardappeltelers, zodat de Nederlandse kwekers de licentierechten kregen waar ze recht op hadden.

Maar wanneer zulke voorname buren beginnen te klagen over de kwaliteit van je koopwaar, dan kun en mag je dat niet zomaar weg wuiven.

Afzetmarkt voor Nederlands pootgoed

De Belgische aardappeltelers hebben zich de afgelopen decennia ontpopt tot zeer professionele telers en zijn qua omvang Nederland voorbijgestreefd. Op jaarbasis produceren ze meer dan 4,5 miljoen ton aardappelen op circa 95.000 hectare en zijn hiermee de grootste exporteur ter wereld van diepvriesfrites. Een serieuze afzetmarkt dus voor Nederlands pootgoed.

Hoog risico op imagoschade

Op de Nederlandse aanpak valt technisch gezien weinig aan te merken; telersvriendelijk met een zeer laag fytosanitair risico. Maar kennelijk wel eentje met een hoog risico op imagoschade. De Nederlandse pootgoedsector doet er verstandig aan om samen met de Belgen in dialoog te gaan en zich te beraden hoe voortaan met fraude om te gaan. Dat is voor een exportland als Nederland de enige weg om vertrouwen te herstellen en afzetmarkten te behouden

Of registreer je om te kunnen reageren.