Rundveehouderij

Achtergrond 6763 x bekeken 2 reacties

Check referentiegegevens fosfaatrechten, let op met wijzigen

Melk voeren aan kalveren kan gevolgen hebben voor de referentie voor het aantal fosfaatrechten. Het loont in ieder geval de moeite om referentiegegevens alvast goed te checken op rvo.nl.

Op RVO.nl kunnen melkveehouders en andere bedrijven met melkvee hun referentiegegevens bekijken voor toekenning van fosfaatrechten. Wijzigen kan ook via RVO.nl. Het gaat om het aantal stuks melkvee op peildatum 2 juli 2015, de melkproductie in 2015, het gemiddelde aantal melkkoeien in 2015 en de fosfaatruimte in 2015.

Al deze gegevens bepalen straks de hoeveelheid fosfaatrechten voor melkvee die een bedrijf krijgt toegekend. Wijzigen (met bewijsstukken) kan tot 1 oktober 2016. Dan wordt het meegenomen in de vaststelling van fosfaatrechten. Het wetsvoorstel over de fosfaatrechten wordt later deze maand of in september openbaar als Staatssecretaris Martijn van Dam van Economische Zaken het naar de Tweede kamer stuurt.

Onbeantwoorde vragen

Tot die tijd zijn er nog tal van vragen, ook over de referentiegegevens. Een greep uit vragen die opdoemen waar RVO nog geen antwoord op kon geven:

  1. Moeten de geregistreerde referentiegegevens gelijk zijn aan de gegevens die via de mestboekhouding zijn verstrekt?
    Voor de AMvB is het immers ook toegelaten dat je voor de berekening in 2016 zelf mag kiezen of je in voorgaande jaren forfaitair of volgens BEX rekent. Dat kan van belang zijn voor bedrijven die geen rekening hebben gehouden met aan de kalveren gevoerde koemelk. De melkproductie 2015 wordt volgens RVO gebaseerd op de leverantiegegevens aan de zuivelfabriek. Melk die wordt gevoerd aan kalveren mag echter ook worden meegeteld. Dat lijkt misschien klein bier, maar kan voor een bedrijf met 100 koeien toch 70 kilo fosfaatreferentie (bijna twee melkkoeien) schelen. Dat komt doordat de fosfaatproductie per melkkoe afhankelijk is van de melkproductie. Als de melk aan kalveren wordt meegeteld stijgt de totale melkproductie en dus ook de gemiddelde melkproductie per koe. Per melkproductiecategorie (met stappen van circa 250 kilo) scheelt dat 0,7 of 0,8 kilo fosfaat;
  2. Hoe is de verhouding melkvee en vleesvee berekend?
    Op basis van de gegevens uit de Gecombineerde opgave maakt RVO een correctie voor bedrijven met zowel melk- als vleesvee. Dat heeft onder meer te maken met de diercategorie 101 (jongvee jonger dan een jaar). In die categorie valt ook een deel van het vleesvee waarvoor geen aparte categorie is.
  3. In hoeverre is het nog mogelijk om te rekenen met een hogere fosfaatgebruiksruimte in 2015?
    Het aantal hectares en de bijbehorende plaatsingsruimte voor fosfaat is van belang voor de bepaling of een bedrijf wel of niet extensief was in 2015. Uitgangssituatie is het opgegeven areaal volgens de Gecombineerde opgave 2015. Bedrijven zonder fosfaatoverschot in 2015 krijgen compensatie voor de generieke korting, hoe dat precies gaat is nog afwachten;
  4. Wat is het gevolg als wijzigingen niet voor 1 oktober worden doorgegeven?
    Er zijn nog tal van andere vragen, zoals over de gevolgen van bedrijfsoverdrachten en gestopte bedrijven. Het lijkt dan ook verstandig om niet meteen wijzigingen door te geven. Er is in ieder geval nog tijd tot 1 oktober; het is te hopen dat er voor die tijd meer duidelijkheid is.

Vind meer informatie op mijn.rvo.nl en boerderij.nl/fosfaatrechten

Laatste reacties

  • MarcelZandbelt

    allemaal melk aan kalfjes erbij.
    2 koeien op de 100
    Dus daarna iedereen 2% extra inleveren.

  • landboer

    En de kunstmelk aan de koeien gevoerd zeker..

Of registreer je om te kunnen reageren.