Rundveehouderij

Achtergrond 749 x bekeken 1 reactielaatste update:27 mrt 2015

Eindelijk af van luchthandel

Melkveehouder en LTO-bestuurder Siem Jan Schenk (60) is ruim dertig jaar boer. Hij weet niet anders dan dat Europa zijn bedrijf aan banden legt. Als boer accepteerde hij dat als een gegeven. Als bestuurder ging de beperking hem steeds meer tegenstaan. Het verhaal van Schenk.

‘In feite heb ik mijn hele leven als melkveehouder met de superheffing te maken gehad. Ik had het bedrijf in 1984 net van mijn ouders overgenomen toen Brussel besloot tot contingentering. En nu, op het moment dat de melkquota verdwijnen, zijn we in overleg met onze zoon Thomas over overname in de komende jaren.

Ik heb de quota trouwens nooit als knellend ervaren. Protest heeft geen zin, het is zoals het is. Binnen de gegeven omstandigheden je bedrijf zo goed mogelijk ontwikkelen, dat is mijn strategie geweest.

Begin jaren tachtig was ik actief in het agrarisch jongerenwerk, was lid van de jongerenraad van een zuivelcoöperatie. Ik wist dat het uit de hand liep met de overschotten. Er moest wat gebeuren: of via het prijsinstrument of via contingentering.

De landbouwvoormannen waren fel tegen quota. Dat zou het faillissement betekenen van veel bedrijven, het zou dramatisch uitpakken voor Nederland. Ik dacht er anders over, ook omdat de toenmalige minister Braks vertelde dat de markt in een jaar of vijf wel schoon zou zijn en de superheffing dan weer zou verdwijnen.

Ik leverde in het referentiejaar 1983 265.000 kilo melk. Daar is 17 procent afgegaan. Bleef 230.000 kilo over. Natuurlijk, net als veel andere boeren heb ik uitgezocht of ik voor een of andere uitzonderingsregel in aanmerking kwam. Ik bleek overal buiten te vallen. Ik heb nog een bezwaarschrift geschreven, maar die niet op de post gedaan. Ik besloot voor mezelf: ik ga me niet ergeren, maar kies mijn eigen weg. Ik ben gaan uitbreiden in de zeugenhouderij, heb bijna elk jaar quotum bijgekocht, ben op zoek gegaan naar kostprijsverlaging en ben een samenwerking aangegaan met mijn zwager.

Op dit moment melken we ongeveer 
1 miljoen kilo melk per jaar. De aankoop van productierechten heeft ons natuurlijk veel geld gekost, ik denk 
7 tot 8 ton. Allemaal geld voor papier, voor lucht. Doodzonde eigenlijk. Geen enkel land in Europa heeft de handel in quota zo geregeld. Elders is vooral verevend. De rechten van stoppers werden doorgeschoven naar de blijvers. De quotumhandel heeft de concurrentiekracht van de Nederlandse zuivel verslechterd. Geld dat je voor lucht betaalt, kun je nu eenmaal niet investeren in mechanisatie, huisvesting of grond.

Al die jaren ben ik bestuurlijk actief geweest naast mijn bedrijf. Het werd ons als bestuurders in de jaren na de eeuwwisseling steeds duidelijker dat de superheffing voor ons land verkeerd uitpakte, zeker toen de marktinstrumenten werden afgeschaft. De voordelen van de quota verdwenen, de nadelen bleven over. Vergeet niet dat de 
Nederlandse melkveehouders per jaar € 800 miljoen tot € 900 miljoen aan quota betaalden. Een kwart van de omzet ging daar aan op!

Rond 2005 zijn we met dat verhaal de boer opgegaan. Op tientallen plekken hebben we met de LTO-leden open gediscussieerd over de toekomst van het zuivelbeleid. Dat was de mooiste tijd in mijn loopbaan als bestuurder. De meerderheid van de melkveehouders bleek achter ons te staan, we moeten van de superheffing af. Maar ja, in Europa bepaalt Nederland niet wat er gebeurt. Dus hebben we samenwerking gezocht met andere landen uit Noordwest-­Europa. Uiteindelijk hebben we het voor elkaar gekregen.

Er zijn landen die denken dat de melkproductie hier gaat exploderen. Ik ben daar niet bang voor. De productie neemt toe, zeker, maar binnen redelijke grenzen. Mijn zoon Thomas is blij dat de superheffing wegvalt. Hij voelt dat meer als een juk dan ik. De omvang van de productie zal de komende jaren op zijn bedrijf wel stijgen, verwacht ik. Maar in kleine stappen, net zoals ik dat de afgelopen dertig jaar heb gedaan. Bij mijn zoon zijn het vooral sociale overwegingen om te groeien. Het is niet meer van deze tijd om dag in, dag uit meer dan 10 uur te werken. Door de productie te verhogen is het mogelijk om arbeid in te huren. Zo blijft het voor hem leuk om melkveehouder te zijn.”

Geld dat je voor lucht betaalt, kun je nu eenmaal niet investeren in mechanisatie, huisvesting of grond

Eén reactie

  • hertha

    Vele melkveehouders hebben van die luchthandel een leuke oudedags voorziening aan over gehouden. Dat is in andere sectoren wel anders.

Of registreer je om te kunnen reageren.