Foto: Miranda Nolten-Westerhof BoerenlevenOpinie

‘Over een puppy en plakjes worst van opa’

Stinkhond, zegt de tweeling. Maar ze zijn dol op onze nieuwe pup. Eenduidig opvoeden wordt een uitdaging.

Zestien jaar oud is onze Appenzeller Sennenhond Muck geworden. Een lieve hond maar ook dankzij doofheid en slechtziendheid nogal ‘waaks’ en daardoor was hij veelal in de hondenren. Totdat het echt niet meer ging.

We baalden enorm en hadden eigenlijk niet meer zoveel zin in een nieuwe hond. Maar toen de eerste coronagolf ervoor zorgde dat we alleen maar thuis waren, ontstond de behoefte aan een nieuwe, lieve boerderijhond. ‘Ach’, zei Luc, ‘er zijn zat mensen die vast en zeker na corona van de hond af willen’. ‘Wij willen een pup, geen onopgevoede hond van een ander’, was mijn antwoord.

En prompt stond er op Facebook een Heidewachtelpup uit een dorp verderop. Met z’n viertjes gingen we kijken. Het bleek een roodbonte, net als onze MRIJ-koeien. Met bruin-wit gevlekte pootjes, een mooi wit stipje op zijn achterhoofd en hele grote bruine hangoren met krulletjes. Natuurlijk waren we direct om.


Lees verder onder de foto.

"Natuurlijk vielen we als een blok voor deze pup die nu alweer 3 maanden oud is." - Foto: Miranda Nolten-Westerhof

“Natuurlijk vielen we als een blok voor deze pup die nu alweer 3 maanden oud is.” – Foto: Miranda Nolten-Westerhof

Hondennamen

Diverse namen passeerden de revue zoals Nero, Brutus of Hector maar we kwamen er met z’n allen niet uit. Om hoogoplopende ruzies te voorkomen, heeft hij zijn geboortenaam gehouden. Ondertussen is Finn alweer drie maanden oud en alweer vijf weken bij ons.

‘Weet je wat je moet doen?’ vertelde de puppycursusleider me. ‘Een keer vaker met de pup van het erf af gaan. Naar de markt bijvoorbeeld, voor de socialisatie met andere mensen en honden.’

Met een pup op pad is een enorme uitdaging. Elke boom wordt besnuffeld, mensen lopen langs (soms met hond) en er rijden auto’s en fietsers. Er is dus heel veel afleiding. ‘Belonen, iedere keer weer. En een hoog stemmetje opzetten met ‘Goed zo Finn’ hoor ik in mijn achterhoofd de cursusleider zeggen.

Jachthond

Finn is een echte jachthond. Met zijn snuit in het gras of zand en graven maar. Of hij ligt met de achterpoten plat op de grond en de staart omhoog. ‘Je moet er mee op jachtcursus’ zei laatst iemand, want een Heidewachtel is intelligent en trainbaar. Maar hij is ook aanhankelijk, attent en blij. Een echte familiehond en dol op de plakjes worst van opa. ‘Daar krijgt hij alleen maar diarree van’, zegt onze eerlijke tweeling.

Het liefst zijn we thuis, daar mag Finn regelmatig loslopen. Dan racet hij over het erf voor een ‘Meet & greet’ met de koeien, langs de kalverbrokjes, naar de perenboom op zoek naar een afgevallen peer als een échte delicatesse. Een hondenleven op de boerderij saai? Echt niet!

Opvoeding hond

‘Het is geen circushond’ zegt Luc regelmatig. ‘Stinkhond’, zegt de tweeling maar desondanks zijn ze dol op hem. ‘Veel succes’, wenste de dierenarts ons laatst. ‘De grootste uitdaging in jullie grote gezin is eenheid in de opvoedingsmethode’.

Ik ben benieuwd of iemand bruikbare tips heeft over hoe om te gaan met een Heidewachtel voor een gezin met vijf puberende kinderen.