‘Boerin met een gouden vent’
Zij wilde boerin worden en zag daar verkeringen op stuk lopen. Hij was bouwvakker maar met hem klikte het wél.

Foto's: Bert Jansen
Astrid (57) en Christiaan (‘Christ’, 61) Lodewijks hebben in Dongen (N.-Br.) een bedrijf met varkens, vleesvee en scharrelkippen op 8,5 hectare grond. Het vee is bestemd voor verkoop in hun boerderijwinkel ‘De Vaartse Hoeve’. Samen hebben ze drie kinderen: Stefan (30) is elektromonteur op cruiseschepen, Joran (27) heeft een eigen hoveniersbedrijf en Suzan (25) is pedagogisch medewerkster op een agrarisch kinderdagverblijf. Zij helpt een dag per week mee in de boerderijwinkel.
Christiaan
Ik ben van huis uit bouwvakker, maar werd verliefd op een boerin. Het boerenleven stond mij wel aan, mijn beste vriend Ad woonde op een boerderij. Via hem leerde ik Astrid kennen, Ad was haar neef. Van het een kwam het ander.
Astrid is spontaan en sociaal, ze heeft een zorgzaam en open karakter, dat vind ik heel mooi aan haar. Ze is actief: altijd bezig, ze zwemt twee keer per week en we wandelen dagelijks samen 5 tot 10 kilometer met onze honden Tess en Boks. Dan waai je uit en praat je bij.
Onze samenwerking is goed: ieder doen we ons eigen ding. Astrid is van de winkel en de boekhouding, ik doe de boerderij, verzorg de dieren en breng ze naar de slagerij. Alle dieren hebben bij ons een goed leven: wij geloven dat je dat proeft in het vlees, daar hebben we alle vertrouwen in. Daarnaast werk ik er als zzp-er op het hoveniersbedrijf van mijn zoon Joran. Maar als een van ons even extra handjes nodig heeft, zijn wij er altijd voor elkaar.
We hebben het niet altijd even makkelijk gehad, vooral in het begin. De ontwikkeling van ons bedrijf is vooral ontstaan door de slechte economische situatie, de tegenslagen en regel- en wetgeving. Dat deed ons besluiten dat we niet wilden uitbreiden als varkensbedrijf, maar de winkel hebben geopend. De keuze om de fokkerij in te krimpen was voor Astrid moeilijker dan voor mij. Ik stond daar natuurlijk anders in, omdat het bedrijf oorspronkelijk van haar ouders was. Astrid zag het als afbreken van wat was opgebouwd. Ik zag het als nieuwe wegen bewandelen, niet langer ‘wedden op een paard’, maar de risico’s spreiden.
De keuze om de fokkerij in te krimpen was voor Astrid moeilijker dan voor mij
We hebben onze kinderen altijd voorgehouden dat ze iets moeten leren wat ze graag doen, want dat doe je het grootste deel van je leven. Ze nemen ons bedrijf niet over.We bestaan dit jaar 20 jaar met onze winkel en wat ons betreft gaan we door naar de 25 jaar. Maar als we merken dat het moeilijker wordt, gaan we stoppen; dat is dan onze vrije keuze. We hebben bijna geen schulden meer en de verhuur van de vrijgekomen gebouwen geeft een mooie aanvulling op onze AOW. We blijven hier wel graag wonen, ook na ons pensioen.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses








