Agriplanter 4SP: 4 rijen tegelijk de grond in

Laatst bijgewerkt:
Foto: Joost Stallen

Foto: Joost Stallen


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

Kool staat meestal op 50 of 75 centimeter rijafstand. Met dat idee in het achterhoofd is de ‘oude’ Agriplanter nu compacter ontworpen.De Agriplanter was in de jaren ‘80 één van de eerste volautomatische plantmachines waarmee veel mogelijk was met een minimale inzet van arbeid. In Nederland en België draaide de Agriplanter vooral in teelten als suikerbieten en witlofwortels. Die werden eerst gezaaid in 10 centimeter lange papieren hulzen met potgrond. Daarna werden ze opgekweekt tot ‘paper pot’-planten. De Agriplanter zette deze paper pots in de vollegrond. Met slechts één persoon op de machine voor de plantaanvoer.‘De royale omvang van de plant-elementen ging bij de vorige Agriplanter samen met ruime afstanden tussen plantrijen’Het idee was goed. Wel ging de royale omvang van de plant-elementen hand in hand met ruime afstanden tussen de plantrijen. Om toch op een gangbare rijafstand te komen, moest de trekker twee keer rijden. De tweede keer een halve rij versprongen ten opzichte van de eerste werkgang.Beproefd conceptNu, 30 jaar later, gloort voor de Agriplanter een comeback. Er is een volledig nieuwe uitvoering, vertelt directeur Bart Parrein van machinebouwer Agriplant in het Belgische Langemark.Agriplanter: 7 types van 2 tot 4 rijenAgriplant in Langemark (nabij Ieper, West-Vlaanderen) is een gespecialiseerd zusterbedrijf van mechanisatiebedrijf Parrein dat diverse agrarische werktuigen bouwt. Agriplant maakt alleen plantmachines.Zo’n twee derde van de constructie besteedt het bedrijf uit. Assemblage, ontwerp/R&D en verkoop doen Agriplant zelf. De Agriplanter-lijn bestaat inmiddels uit 7 types van 2 tot 4 rijen.Het bedrijf bouwt kleine series van 7 à 8 stuks per keer voor deze nichemarkt. Ze planten gewassen als kool, selderij, spruiten, broccoli, zoete aardappelen en (industrie-)tomaten.Aan de werking van de machine is in de kern niet veel gesleuteld. Wel is de nieuwe Agriplanter praktischer toepasbaar; de machine is geschikt voor allerlei typen trays en kluitplanten. De Agriplanter is tegenwoordig ook leverbaar als vierrijer. Voor plantafstanden vanaf 50 centimeter.‘In veel landen heeft de Agriplanter een stevige voet aan de grond’Het eerste exemplaar draait nu bij een teler in België. “In veel landen heeft de Agriplanter al jaren een stevige voet aan de grond”, vertelt Parrein, die onder meer doelt op Zuid-Europa (voor grootschalige teelten op ruime rij-afstanden). “Bijvoorbeeld industrietomaten. Dan moeten in 2 maanden alle planten de grond in. Dat doen ze ook met eenrijige machines waarmee ze dan 100 hectare bewerken.”De 4 plantrobots van de vernieuwde 4SP staan 1 aan 2 boven én naast elkaar. Het platform voor de plantenvoorraad steunt op loopwielen. Die wielen drukken de (getrokken) machine aan het eind van een werkgang ook omhoog - Foto: Agriplant.Machines in eigen huis ontworpen en gebouwdAlle Agriplanters worden in eigen huis ontworpen en gebouwd. Zo ook de nieuwe 4SP met 4 plantelementen. Een tray planten wordt in een element (Parrein gebruikt de term ‘robot’) geschoven. Vervolgens haalt de robot de planten steeds per rij rechtstandig uit de tray, draait ze een kwartslag en legt ze op een transportband. Dit werkt met een uitduwsysteem – dat de planten uit de tray drukt – en met naalden die van bovenaf in de losgedrukte planten prikken.‘De grond wordt terug in de plantvoor geschoven en aangedrukt met 2 naar de plantrij gerichte wielen’Een horizontale transportband dirigeert de planten naar een verticale, dubbele egelband die ze omlaag brengt. Onderin neemt een flexibele plantschijf – die in een vorentrekker draait – het plantgoed over. Deze laat de planten los in de plantvoor. De grond wordt vervolgens terug in de plantvoor geschoven en aangedrukt met 2 naar de plantrij gerichte wielen.Compacter en flexibelerVanwege de eis van 50 centimeter rijafstand moest Agriplant de machine nagenoeg volledig opnieuw ontwerpen. Meest opvallend is het compacte ontwerp van de plantrobots en hun positionering op het chassis: 2 naast elkaar en 2 boven elkaar.‘Of de kluiten vast zijn of los gevuld, maakt niet uit’ Bij een wisseling van traymaat is de plantinvoer ter plekke aan te passen. Zo moeten onder andere de uitduwinrichting en de naalden worden gewisseld. Of de kluiten vast zijn of los gevuld, maakt niet uit.Die flexibiliteit is er ook ten aanzien van de maten van de trays en het aantal cellen. Parrein: “Gangbaar is 60×40 centimeter, maar trays van bijvoorbeeld 52×33 centimeter treffen we ook aan. Voorwaarde is dat de tray een zekere stevigheid bezit. Met andere woorden: datdiej voldoende vormvast is.”Cyclustijd speelt een rolWel speelt de cyclustijd op dit punt een rol. Een robot heeft een bepaalde tijd nodig om een rij planten uit de tray te halen en weg te leggen. Dat betekent dat als de robot per uithaalslag meer planten tegelijk uit de tray kan halen dit de plantcapaciteit ten goede komt.‘Een tray kan beter niet té smal zijn”Bij 20 planten per uithaalslag komt de netto plantcapaciteit uit op 4 planten per seconde per robot, geeft Parrein ter indicatie aan. “Een tray kan daarom beter niet té smal zijn.”Normaal volstaat één persoon op de machine voor de aanvoer van volle trays en het verzamelen van lege trays. “Die persoon verveelt zich zeker niet”, aldus Parrein.Kolen planten aan 5 km/uMaatschap Roorda in Ternaard (Fr.) nam onlangs een Agiplanter 3SP-A in gebruik. Dit nieuwe model plant 3 rijen tegelijk op 60 centimeter en is een asymmetrische afgeleide van het standaardmodel 3SP van Agriplant.De symmetrische 3SP steekt even ver links als rechts van de dissel, met de 3 robots naast elkaar. Bij de asymmetrische zit de derde plantrij meer rechts van de trekker en staat één robot boven de andere. Vóór het planten vormt een ruggenfrees vast ruggen; de plantmachine plant hier koolplantjes in. De capaciteit is tot 36.000 planten per uur, het dubbele van de gangbare handmachines.Lege plekken ‘repareren’De eerste Agriplanters konden indertijd al ontbrekende planten signaleren. De selecteur, zat aan het eind van de horizontale transportband. Een lege plek in de plantrij werd opgevuld door de horizontale transportband even wat harder te laten draaien. Dat systeem voldeed, mits het aantal lege plekken en de plantsnelheid beperkt bleven. Het was echter nogal slijtagegevoelig.‘Aandrijving van de Agriplanter is elektrisch, hydraulisch of mechanisch’In de nieuwe uitvoering signaleert een elektronisch oog de lege planten. Het staat in verbinding met de traploos regelbare aandrijving van de transportband. Een computer stuurt deze band aan.In landen waar de opkweek minder precies gebeurt, komt het voor dat in de tray meerdere planten achter elkaar ontbreken. Dat corrigeert de nieuwe selecteur direct. De aandrijving van de Agriplanter is elektrisch (horizontale aandrijfband), hydraulisch (alle robotdelen en de hoogteregeling van de loopwielen) of mechanisch (egelband, plantschijven).De naalden pakken de planten per rij uit de tray en leggen ze af op een horizontale transportband. De capaciteit per robot komt gemiddeld neer op 4 planten per seconde - Foto: Agriplant.Resultaat in de grondDe verticale egelbanden pakken de planten bij de kluit vast. Als de rijsnelheid varieert dan verandert de snelheid van de egelbanden evenredig. Dat voorkomt dat er variatie ontstaat in de plantafstand in de rij.De flexibele plantschijven hebben rondom meegevende luchtkamers (te vergelijken met de binnenband van een fiets) om beschadiging van het plantgoed te voorkomen. Het is denkbaar dat met plantschijven de afstand in de rij wat minder strak is dan met een dwingender systeem. Maar volgens Parrein is dat niet het geval door de gelijkmatigheid van de aanvoer door de egelband.Planten aandrukken gebeurt elektro-hydraulischVoor een egale, gelijke plantdiepte zijn plantschijven, een vorentrekker en aandrukwielen scharnierend aan het chassis bevestigd.‘Er is een ultrasone afstandssensor die de hoogte van de loopwielen controleert en bijstelt’Een centrale diepteregeling maakt dat de afstand tussen chassis en grond altijd gelijk is. Dat gaat met een ultrasone afstandssensor die de hoogte van de loopwielen controleert en bijregelt. Parrein: “Zo is zeker dat de scharnierwerking en de diepteregeling onder alle omstandigheden gelijk blijft.”De machine heeft een autonoom hydraulisch systeem en een onafhankelijke elektrische installatie. Planten aandrukken gebeurt elektro-hydraulisch. De aansturing vindt plaats via Canbus en touch-screen.

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Snel delen


Mechanisatienieuwsbrief


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.