Varkenshouderij

Achtergrond 1 reactielaatste update:16 jan 2020

Afrikaanse varkenspest stak al eerder de oceaan over

Als Afrikaanse varkenspest (AVP) uit Noord- en Zuid-Amerika wegblijft, zouden beide continenten wat winstgevende jaren in het vooruitzicht moeten hebben. Weinig mensen herinneren zich echter dat AVP de continenten in de jaren 70 van de vorige eeuw niet spaarde: ruim 1,2 miljoen varkens werden geruimd.

Dode biggen in een greppel, omring door hout en banden. Mannen eromheen die klaarstaan om de resten te verbranden. Onderstaande foto zou bijna een scène uit Oost-Europa of Azië op dit moment kunnen zijn: een poging om de gevolgen van de recente uitbraak van Afrikaanse varkenspest (AVP) te beperken. Het zwart-witte van de foto verraadt echter dat dit zich niet in 2020 afspeelt en zeker niet in Oost-Europa. De foto is ruim 35 jaar geleden geschoten en hangt nu in het ‘museum van de revolutie’ in de Cubaanse hoofdstad Havana.

Tekst gaat verder onder de foto.

Varkens worden na een uitbraak van Afrikaanse varkenspest in de omgeving van Havana verbrand. - Foto: Museum of the Revolution, Havana, Cuba
Varkens worden na een uitbraak van Afrikaanse varkenspest in de omgeving van Havana verbrand. - Foto: Museum of the Revolution, Havana, Cuba

In de jaren 70 en de vroege jaren 80, lang voor de huidige AVP-problemen in Europa en Azië, was het virus al aanwezig in Afrika en op het Iberisch schiereiland. Ook vier landen in Noord- en Zuid-Amerika zagen zich geconfronteerd met AVP: Cuba (zelfs twee keer), de Dominicaanse Republiek, Haïti en Brazilië. Boerderij dook in de geschiedenisboeken om er meer over te weten te komen en zet de uitbraken in chronologische volgorde op een rij.

Cuba 1971: lokale depopulatie

In 1971 was er een AVP-uitbraak in het gebied rondom Havana. De eerste gevallen werden jaar gesignaleerd op een bedrijf met meer dan 11.000 vleesvarkens. De Cubaanse autoriteiten, die het risico voor de 1,5 miljoen varkens in het land niet onderschatten, ruimden alle varkens in twee provincies. Uiteindelijk waren er 33 uitbraken in deze twee provincies. In totaal zijn 463.332 varkens geruimd.

Cuba had indertijd nog commerciële banden met Spanje, vanwege de taal en de geschiedenis, AVP ging toen al tientallen jaren rond op het Iberisch schiereiland. Zeer waarschijnlijk is het virus door besmette voedselresten uit een Spaans vliegtuig in Cuba gekomen.

Dominicaanse Republiek 1978-1980: algehele destructie

De AVP-uitbraken in de Dominicaanse Republiek werden officieel in augustus 1978 bevestigd, maar alles wijst erop dat varkens al in januari van dat jaar aan het virus bezweken. Evenmin compleet duidelijk is wáár de eerste uitbraak was. Aannemelijk lijkt dat die plaatsvond in de hoofdstad Santo Domingo, omdat alle andere uitbraken begonnen via een grote stad (met vliegveld).

Uiteindelijk werden 374 haarden gevonden en zijn alle 192.000 varkens in het land geruimd. Het land is in 1981 weer AVP-vrij verklaard.

Brazilië 1978-1981: gerichte destructie

In Brazilië gingen de eerste varkens vanaf april 1978 dood op een bedrijf op een uur rijden van Rio de Janeiro. De varkenshouder maakte zich er In het begin niet druk om. Hij verkocht ook gewoon zijn varkens.

Nadat AVP eenmaal bevestigd was, startte een grootschalig onderzoek naar de locaties van de verkochte dieren. Na wat spoorzoeken bleek dat de varkens naar 224 locaties in 18 Braziliaanse staten waren vervoerd. Het land had op dat moment zo’n 34 miljoen varkens. Vijf staten rapporteerden meer dan twintig AVP-haarden in onder andere de varkensstaten Paraná en Santa Catarina, maar ook in São Paulo, Rio de Janeiro en de noordelijke staat Pará.

Een noodplan leidde tot het ruimen van bijna 67.000 varkens. In 1981 kwamen nog een paar positieve monsters uit het lab terug, wat het totale getal op 231 brengt. In september 1983 werd het land officieel AVP-vrij verklaard.

De varkenshouder waar de epidemie startte, werkte op het nabijgelegen vliegveld van Rio de Janeiro waar net een nieuwe terminal in gebruik was genomen. Die had geen verbrandingsinstallatie voor voedselresten. De varkenshouder bracht de voedselresten uit vliegtuigen uit Portugal en Spanje mee naar huis en mixte die door het varkensrantsoen.

Haïti 1978-1983: algehele destructie

De eerste dieren op Haïti stierven in de herfst van 1978. Uiteindelijk stierf een groot deel van de varkenspopulatie die merendeels op kleinschalige familiebedrijfjes onder slechte omstandigheden werden gehouden.

Net als in de Dominicaanse Republiek was het al snel duidelijk dat destructie van alle varkens de juiste aanpak was. Haïti, een van de armste landen ter wereld, had in die tijd zo’n 1,4 miljoen varkens. Canada, Mexico en de Verenigde Staten vreesden dat het virus de oversteek naar het vasteland zou maken en besloten de destructie te betalen.

Meer dan 384.000 varkens werden geruimd, wat 9,5 miljoen dollar kostte. De president van Haïti verklaarde het land eind april 1982 officieel AVP-vrij. Het destructieprogramma werd in 1983 opgeheven.

Cuba 1980: lokale depopulatie

Cuba kreeg als enige land in Zuid-Amerika twee keer te maken met een uitbraak van AVP. Nadat het virus in 1971 uitgeroeid was, stak het in 1980 aan de andere kant van het eiland de kop op. Er werden in totaal 56 uitbraken gevonden.

Cuba had destijds 1,4 miljoen varkens en koos voor eenzelfde aanpak als in 1971: volledige depopulatie in de drie besmette provincies. Het land ruimde 123.000 varkens. Volgens de officiële cijfers voldeed de aanpak: het virus was al verdwenen in augustus 1980.

De Cubaanse autoriteiten vermoeden dat de uitbraak te wijten is aan de bootladingen Haïtiaanse bootvluchtelingen die naar de Bahama‘s, de Verenigde Staten en Cuba kwamen. Die leden soms schipbreuk, aan boord waren soms levende dieren en voedsel, een risico voor de dier- en volksgezondheid.

Feiten op een rij

  • 1,2 miljoen varkens werden geruimd in Noord- en Zuid-Amerika.
  • Het virus kwam meer dan een keer Zuid-Amerika binnen. De eerste keer was in 1971 in Cuba. In 1978 dook het virus ongeveer tegelijk in Brazilië en de Dominicaanse Republiek op.
  • Het virus verspreidde zich per boot of per vliegtuig. Met andere woorden: mensen brachten het virus binnen.

Virus overbrugt grote afstanden

Al met al mag het dan lang geleden zijn; er is sinds die tijd veel bijgeleerd over AVP. En inderdaad, oceanen vormen een groot obstakel voor het virus. Het is echter goed om te bedenken dat het virus er al drie keer in slaagde om via reizende mensen grote afstanden te overbruggen en Noord- en Zuid Amerika te bereiken. Zélfs in een tijd dat de wereld nog lang niet zo verbonden was als nu.


  • Voedselresten uit vliegtuigen, gevonden op het eerstgetroffen AVP-bedrijf in Paracambi, Brazilië. - Foto: Dr Tânia Maria de Paula Lyra

    Voedselresten uit vliegtuigen, gevonden op het eerstgetroffen AVP-bedrijf in Paracambi, Brazilië. - Foto: Dr Tânia Maria de Paula Lyra

  • Geruimde varkens in een massagraf op een bedrijf in de Braziliaanse deelstaat Mato Grosso (juni 1978). - Foto: Dr Tânia Maria de Paula Lyra

    Geruimde varkens in een massagraf op een bedrijf in de Braziliaanse deelstaat Mato Grosso (juni 1978). - Foto: Dr Tânia Maria de Paula Lyra

Eén reactie

  • EL

    Interessant artikel!

Of registreer je om te kunnen reageren.