Rundveehouderij

Nieuws

Zodedichtheid hoger bij standweiden en kurzrasen

De zodedichtheid is hoger bij roterend standweiden en kurzrasen (standweiden in kort gras) in vergelijking met stripgrazen.

Ook wisselt de zodedichtheid sterk over het seizoen, waarbij de variatie het grootst is bij stripgrazen. Dat blijkt uit onderzoek op Dairy Campus en KTC Zegveld in het kader van de projecten Amazing Grazing en PPS Ruwvoerproduct en Bodemmanagement.

Zodedichtheid is belangrijk voor een goede draagkracht, een goede productiecapaciteit en het voorkomen van ongewenste soorten in de zode.

De gemiddelde bedekking door gras op grondniveau op Dairy Campus was 74% voor standweiden en 62% voor stripgrazen. Op KTC Zegveld was dit 79% voor kurzrasen en 65% voor stripgrazen. Dit komt overeen met de verwachtingen. Bij kurzrasen en standweiden is het gras minder hoog dan bij stripgrazen en is er dus minder schaduwwerking. Dit heeft een positief effect op de uitstoeling. Opvallend is dat het effect van een beweidingssysteem op zodedichtheid even op zich laat wachten. Het effect op zodedichtheid is het resultaat van het graslandgebruik in het vorige seizoen.

Er was volgens de onderzoekers ook aanzienlijke variatie in zodedichtheid over het groeiseizoen. Aan het begin van het groeiseizoen was de gemiddelde bedekking op grondniveau 79%, deze zakte tot 59% in mei en klom daarna weer op tot 72% in september. De afname in zodedichtheid in mei ten opzichte van maart is gerelateerd aan de generatieve groei, waarbij relatief meer energie gaat naar de vorming van stengels en bloeiwijzen dan naar uitstoeling.

Of registreer je om te kunnen reageren.