Pluimveehouderij

Achtergrond

Tien jaar Volwaard en Beter Leven-keurmerk

Het Volwaard-concept ontving de Agrofoodpluim van de provincie Noord-Brabant, tijdens het feest van het tienjarig bestaan bij Niek en Janny van den Borne, in de loods. "De eerste jaren waren pionieren, maar ik heb er nog geen moment spijt van gehad", zegt Niek aan de keukentafel.

De Brabantse vleeskuikenhouder is een van de zes pioniers die in 2006 startten met het Volwaard-scharrelvleeskuikensconcept van Coppens Diervoeding, ZLTO en Plukon. "In december 2006 kwam Coppens vragen of we in een huurstal met Volwaard-vleeskuikens wilden beginnen. Ze hadden nog een stal te weinig om het concept te kunnen opstarten", vertelt Niek. Hij was destijds lid van de klankbordgroep vleeskuikens van ZLTO. "Ik vond het een uitdaging om een nieuw concept mee op te zetten en betrokken te zijn bij de afzet en retail", zegt Niek.

Op hun thuislocatie hielden Niek en Janny 75.000 reguliere vleeskuikens. De huurlocatie was snel geregeld, een aanbouw gebouwd en op 2 januari 2007 hebben ze het eerste koppel opgezet. Zes pluimveehouders startten in 2007 met in totaal acht stallen. Op het feest in juli vierden vijf van deze pioniers ook hun tienjarig bestaan als scharrelvleeskuikenhouder.

Niek (61) en Janny (57) van den Borne Reusel (Noord-Brabant) houden in drie voormalige reguliere vleeskuikenstallen 39.200 scharrelvleeskuikens en zijn een van de eersten vleeskuikenhouders die met het Volwaard-concept startten. - Foto's: Monique van Loon
Niek (61) en Janny (57) van den Borne Reusel (Noord-Brabant) houden in drie voormalige reguliere vleeskuikenstallen 39.200 scharrelvleeskuikens en zijn een van de eersten vleeskuikenhouders die met het Volwaard-concept startten. - Foto's: Monique van Loon

Produceren wat markt vraagt

De eerste jaren liepen financieel en qua afzet wat moeizaam. "Een strakke planning, soms twee keer wegladen. We produceerden wat de markt vroeg. En dat doen we nu nog steeds", lacht Niek. Volgens hem is dat ook de enige manier waarop een concept kan werken. In het begin waren collega-vleeskuikenhouders sceptisch en vroegen weleens wat hij toch zag in het nieuwe concept. "Het mooie is dat een aantal van hen nu zelf ook scharrelkuikens houden", lacht de Brabander.

Ad Kemps, nu innovatie- en projectmanager Coppens Diervoeding, liep eind jaren negentig tegen problemen in de vleeskuikensector aan. Samen met Marijke de Jong, nu programma manager Beter Leven Dierenbescherming, startte hij al in 1999 een zoektocht. 'Iedereen verklaarde ons voor gek. Binnen de Dierbescherming hadden we veel discussie over een keurmerk Beter Leven op een dood dier", zegt Marijke de Jong. Ad Kemps: "Samen met de ketenpartners ZLTO en Plukon is het concept opgestart. Veel andere partijen hielpen mee bij de opzet, zoals Spelderholt, het LEI, Hubbard, Probroed en Sloot, WUR en het ministerie van Landbouw. We bedachten een nieuw verdienmodel met meer dierwelzijn; de helft minder dieren per vierkante meter, daglicht, overdekte uitloop en nauwelijks antibioticagebruik."

Aan de reguliere vleeskuikenstal was vrij eenvoudig een uitloop te bouwen.
Aan de reguliere vleeskuikenstal was vrij eenvoudig een uitloop te bouwen.

"De verdiensten waren de eerste jaren niet zo geweldig", memoreert Niek. Tot 2009, toen Albert Heijn met scharrelvleeskuikens begon en Volwaard volgens de scharrelrichtlijnen ging produceren. De naam Volwaard kwam op de achtergrond bij Albert Heijn. Het volume steeg. Albert Heijn verkoopt nu ongeveer 90% van het vlees.

Het concept heeft één ster van het ‘Beter Leven-keurmerk’ van de Dierenbescherming, omdat het aan de volgende welzijnseisen voldoet:

Lagere bezetting

Daglicht

Strobalen in de stal

Overdekte uitloop

Dagelijks graan strooien

In 2010 bouwde van den Borne de thuislocatie om naar scharrelvleeskuikens. "We bouwden drie uitlopen tussen de stallen. Dat was goed te realiseren. Een stal heeft een L-vormige uitloop, omdat de silo’s daar staan", licht Niek toe.

De bezetting is inclusief uitloop 10,3 kuikens per vierkante meter. De maximumbezetting is 25 kilo per vierkante meter. Twee keer per jaar vindt een onaangekondigde controle plaats, om de bezetting te controleren.

Management

Van den Borne werkt met een negenweekse planning. De slachterij wil kuikens met een gewicht tussen 2.350 en 2.450 gram. De scharrelkuikens moeten minimaal 56 dagen oud worden en uitladen is verboden. Het managen van scharrelvleeskuikens vraagt net zoveel aandacht als reguliere kuikens, vindt Niek. "De kuikens laten problemen minder zien; de mest is altijd droog, dus daar zie je minder aan."

De coccidiosecontrole is daarom zeker zo belangrijk als bij reguliere vleeskuikens. "Coccidiose zie je aan een iets lagere groei. Dat heeft direct effect op de voerconversie, dus dat wil ik niet. Ik wil graag het maximale uit de kuikens halen. Alles moet kloppen, ook bij deze kuikens", zegt hij vol passie.

De dierenarts komt alleen voor verplichte onderzoeken. Meer is niet nodig.
De dierenarts komt alleen voor verplichte onderzoeken. Meer is niet nodig.

'Kuikentemperatuur een van belangrijkste metingen'

Sinds 1 januari 2017 is vroege voeding verplicht. Probroed werkt daarvoor met HatchCare. Niek: "Ik ben er tevreden mee; de beginuitval is duidelijk minder. De voetzoollaesies schommelen tussen 0 en 5 met regelmatig 0." Een duidelijk verschil met reguliere kuikens vindt Niek de ventilatie aan het begin van de ronde. "Je ventileert snel te veel, omdat je gewend was aan een hogere bezetting", is Nieks ervaring.

Een van de belangrijkste metingen vindt Niek de kuikentemperatuur, omdat de eendagskuikens lichter zijn vanwege de minimoederdieren. De vloertemperatuur houdt Niek bij opzet op minimaal 28 graden en de ruimtetemperatuur 35,5 graden. Na de eerste paar dagen laat hij de temperatuur zakken en bekijkt per stal wat nodig is. Elke stal is verschillend vanwege ligging en niet ieder koppel is hetzelfde.

Goede technische resultaten

De technische resultaten bij Van den Borne zijn goed: een voerconversie tussen 1,67 en 1,75. Gemiddeld 1,5% uitval. "En 99% antibioticavrij. We hebben eens één koppel gehad dat antibiotica nodig had", zegt Niek. In de tien jaar heeft Coppens het assortiment diervoeding verbreed. In 2007 voerde van den Borne drie soorten voer, nu minimaal vijf met verschillende percentages tarwe.

Plezier in het werk

"Ik vind het veel fijner werken met scharrelvleeskuikens. Je ziet de kuikens scharrelen. Ze zijn zo actief. Als je door de stal loopt, zijn de lege plekken direct weer vol. De hanen hoor je kraaien in de uitloop. Dat is genieten", zegt Niek. Door de lagere bezetting is er geen hittestress. Ook de buren vinden het fijner; de geuroverlast is minder.

Niek zegt dat er de afgelopen jaren ook flinke stappen zijn gezet bij de reguliere vleeskuikenhouderij. De vele nieuwe concepten (KvM, GNK, NSK) zijn wel verwarrend. "Dat vind ik een minpunt van de sector, logischer zou ik vinden: gangbare kip, Kip van Morgen, scharrel- en biokip." Financieel is van den Borne tevreden. Hij noemt zijn inkomen nu stabieler. Er zijn minder pieken en dalen. "Ik volg de reguliere prijzen ook niet meer; ik focus me nu op de scharrelprijs."

Niek gebruikt zware pakken stro van 20 kilo. Voor Tierwohl is acht weken één pak per 1.000 kuikens verplicht, strengere eisen dan de Nederlandse.
Niek gebruikt zware pakken stro van 20 kilo. Voor Tierwohl is acht weken één pak per 1.000 kuikens verplicht, strengere eisen dan de Nederlandse.

Of registreer je om te kunnen reageren.