Home

Achtergrond

Politiek met heel kleine p in naam van de bij

Esther Ouwehand (Partij voor de Dieren) en Tjeerd de Groot (D66) vlogen elkaar woensdag in de haren over de informatie die de minister heeft gedeeld over de beoordeling van de schadelijkheid voor bijen van gewasbeschermingsmiddelen.

Esther Ouwehand van de Partij voor de Dieren liet er woensdag geen gras over groeien. Ze had amper het woord genomen, toen ze duidelijk maakte dat ze een motie van wantrouwen tegen landbouwminister Carola Schouten in de tas had. Volgens Ouwehand heeft Schouten de Kamer niet juist geïnformeerd over de Nederlandse inbreng bij de discussie over het bijenrichtsnoer bij de toelating van gewasbeschermingsmiddelen.

Bijenrichtsnoer al jaren onderwerp van discussie

Het bijenrichtsnoer is kort gezegd een leidraad om te bekijken of werkzame stoffen schadelijk (kunnen) zijn voor hommels, solitair levende bijen en honingbijen. Over het richtsnoer wordt al sinds 2014 gesproken. Op dit moment lijkt het erop dat over een deel van het richtsnoer overeenstemming is tussen de 27 (of 28) lidstaten, maar dat een deel van het richtsnoer niet werkbaar is – althans niet in de ogen van een meerderheid van de lidstaten, waaronder Nederland. De uitleg die Ouwehand eraan geeft, is dat Nederland, ten koste van de bescherming van de bijen, de invoering van het richtsnoer traineert.

Gaandeweg het debat woensdagmiddag bleek de melk toch nog niet over te koken en dus heeft Schouten deze week nog geen motie van wantrouwen aan haar broek hangen. De schade voor de minister zal overigens beperkt zijn, want behalve Ouwehand zelf bleek woensdag bij CDA, SGP, VVD en D66 weinig animo te zijn de oppositie van Ouwehand te ondersteunen.

Strijd tussen Ouwehand en De Groot

De gemoederen liepen hoog op, vooral tussen Ouwehand enerzijds en D66’er Tjeerd de Groot anderzijds. Ouwehand hield De Groot voor dat D66 er in een motie toch ook om had gevraagd om het bijenrichtsnoer uit 2014 zo snel mogelijk in te voeren. De Groot zei dat hij geen toxicoloog is en dus ook geen oordeel kan vellen over de werkbaarheid van het richtsnoer. Dat moeten wetenschappers maar doen, vindt hij.

Ouwehand verweet De Groot dat hij aan het ‘duiken en downplayen’ was. Waarop De Groot op hoge toon antwoordde dat hij ‘helemaal klaar was met dit soort insinuaties’.

De Groot: “De Partij voor de Dieren heeft een manier van politiek bedrijven waar ik steeds meer moeite mee krijg. U stelt hier de vertrouwensvraag, dat is politiek met een heel kleine p. Dit is een belangrijk onderwerp. Het lot van de bij gaat D66 niets minder aan dan de Partij voor de Dieren. Ik ga niet in op uw vraag, daar heb ik helemaal geen zin in, want u bent in staat de integriteit van collega’s in twijfel te stellen. Gaat u maar in uw eentje verder, want op geen enkele manier van samenwerking gaat u in.”

Informatie van minister aan basis besluit wel of geen motie

Minister Schouten legde in reactie op Ouwehand uit dat zij uit eigen beweging de Tweede Kamer voortdurend op de hoogte stelt over stemmingen in Brussel over de toelating van gewasbeschermingsmiddelen in het permanent comité voor dieren, planten, voeding en veevoer (Scopaff). “Ik ben degene die u informeerde over de standpunten van het Scopaff; ik ben transparant geweest over onze inbreng in de discussie.”

Ouwehand zei aan het eind van het debat dat ze afwacht met welke extra informatie de minister nog komt, voordat ze volgende week alsnog besluit of ze met een motie zal komen.

Of registreer je om te kunnen reageren.