Home

Achtergrond

EU pakt VS aan over hoge invoerrechten

Het gaat over olijven. Maar de ruzie tussen de VS en de EU over invoerrechten op Spaanse olijven is geen ver-van-mijn-bed-show voor andere Europese boeren. Het spookbeeld van protectionisme raakt iedereen.

De Europese Unie is formeel een procedure gestart tegen de Verenigde Staten in verband met de hoge Amerikaanse invoerrechten op Spaanse zwarte olijven. Het spookbeeld van landbouwprotectionisme treedt weer op de voorgrond in de Wereldhandelsorganisatie (WTO).

Op 1 augustus vorig jaar besliste Washington om meteen 35% invoerrechten te heffen op zwarte olijven van enkele Spaanse bedrijven, onder meer uit Sevilla. Het ging om zogeheten antidumping- en compenserende rechten.

“De Amerikaanse industrie wordt materieel geschaad als gevolg van gesubsidieerde invoer van zwarte olijven uit Spanje”, stelde het Amerikaanse ministerie van Handel.

Conflict naar WTO

Vorige week bracht de Europese Unie het conflict formeel naar het Orgaan voor Geschillenbeslechting van de WTO. Als er na 60 dagen geen akkoord is, kan de EU een speciaal panel vragen de zaak te onderzoeken en een advies uit te brengen.

Compenserende rechten (CVD’s) worden geactiveerd wanneer zekerheid bestaat over een financiële bijdrage (subsidie) door een regering of een overheidsorgaan van een lidstaat van de WTO.

Antidumpingrechten (ADD’s) neutraliseren dumpingmanoeuvres: men spreekt van dumping wanneer goederen op de markt worden gebracht tegen een lagere prijs dan de productieprijs.

Europese landbouwsubsidies

In hun vooronderzoek verwezen de Amerikaanse autoriteiten naar de voordelen die het EU-landbouwbeleid de Europese boeren oplevert. In de invoerrechten van 35% compenseert 15% de Europese subsidies en 20% de dumping.

EU-commissaris voor Handel Cecilia Malmström noemt de hoge tarieven die de Verenigde Staten Spaanse olijven hebben opgelegd niet gerechtvaardigd. “We hebben deze zaak herhaaldelijk ter sprake gebracht bij onze Amerikaanse partners en samen met de Spaanse autoriteiten zullen we de belangen van EU-producenten krachtig blijven verdedigen”, zei ze in verklaringen die geciteerd worden in een rapport van de Internationale Olijfolieraad.

De Spaanse landbouwminister Luis Planas is tevreden over de gerechtelijke stappen die de Europese Unie nu heeft ondernomen. De Europese steun aan landbouwers is “verenigbaar met de regels van de WTO”, zegt hij.

Rechtstreekse steun

In 2003 hervormde de EU zijn landbouwbeleid en kwam er rechtstreekse steun die losgekoppeld werd van de productie. De producenten moesten zich laten leiden door de markt, volgens de heersende overtuigingen in die tijd. In 2004 werden de subsidies voor gewassen en veehouderij uitgebreid naar mediterrane producten zoals olijfolie, en 4 jaar later naar bananen, fruit, groenten en wijn.

Dit zijn de subsidies die de Verenigde Staten storen en die de discussie in de WTO hebben uitgelokt, met mogelijk een rechtszaak als gevolg.

De Europese Unie verminderde haar subsidies, de indirecte steun, maar handhaafde nog een andere vorm van protectionisme. Ze hanteert hoge invoertarieven voor landbouwproducten, met name voor vlees, en blijft onbuigzaam op dit punt.

Ook de Verenigde Staten doen aan landbouwprotectionisme: ze spenderen jaarlijks $ 12 miljard aan steun, vooral gericht op boeren in het Midwesten.

Of registreer je om te kunnen reageren.