Home

Achtergrond

Productiewaarde Duitse landbouw lager, kosten hoger

De productiewaarde van de Duitse landbouw heeft in 2018 een behoorlijke knauw gekregen. Dat schat overheidsinstantie Bundesinformationszentrum Landwirtschaft (BZL). In combinatie met hogere kosten resulteert dat in 17% lagere bedrijfsinkomens. Dat raamt op zijn beurt boerenfederatie Deutscher Bauernverbamd (DBV).

De teller van de productiewaardemeter eindigde uitgaande van de BLZ-cijfers op een stand van € 53,2 miljard, ofwel € 3,6 miljard (5,5%) minder dan in 2017. De daling is volgens deze instantie primair te vinden bij de plantaardige productie, die te lijden had onder de lang aanhoudende droogte in het afgelopen groeiseizoen. De productiewaarde van de akkerbouw levert alleen al € 3 miljard in en komt daarmee op € 23 miljard. Dat komt neer op een daling met zo’n 10%. De gemiddelde prijs voor een ton graan raamt het centrum voor 2018 op € 167. Dat was door het geringere aanbod wel meer dan vorig jaar toen een ton graan gemiddeld € 148 opbracht.

Plantaardige productie

De productiewaarde van de graanoogst komt daarmee op € 6 miljard tegen € 6,7 miljard in het voorafgaande jaar. Graan, exclusief mais, blijft qua waarde veruit de koploper binnen de plantaardige productie, gevolgd door de categorie veevoergewassen, waarmee een omzet werd behaald van € 3,3 miljard tegen nog € 4,7 miljard in het jaar daarvoor. De enige stijger is groente en fruit, waarvan de productiewaarde toenam naar respectievelijk € 3,2 miljard (plus € 300 miljoen) en € 0,913 miljard (plus € 159 miljoen). De fruitoogst was ondanks de droogte groter, terwijl de groenteoogst qua volume in vergelijking met 2017 nagenoeg gelijk bleef.

Dierlijke productie

De waarde van de dierlijke productie leverde volgens de BLZ-raming slechts € 100 miljoen in op een eindstand van € 27,2 miljard. De melkproductie komt met een gemiddelde melkprijs van € 34,30 per 100 kilo (in 2017 € 37) op een waarde van naar verwachting € 11 miljard. De daling ten opzichte van het voorafgaande jaar beloopt de € 700 miljoen. Dat had nog meer kunnen zijn, ware het niet dat het productievolume werd opgeschroefd met 1,4% naar een slordige 32 miljard kilo. De rundvleesproductie groeide eveneens licht naar 2,11 miljoen ton met een iets hogere prijs van gemiddeld 3374 per ton. De waarde van de productie nam met enkele honderden miljoenen toe naar iets boven de € 4 miljard.

De varkensvleesprijzen leverden in. Het BLZ gaat voor het afgelopen jaar uit van een gemiddelde van € 1434 per ton tegen € 1632 in 2107. Omdat het productievolume stabiel bleef daalt de waarde naar € 7,2 miljard. In de pluimveesector werd bij de vleesproductie de waarde met € 300 miljoen opgekrikt naar € 2,7 miljard, dankzij het grotere volume. Het prijsniveau daalde echter met 6,6% naar € 1161 per ton. Ook de eierenprijzen daalden, in dit geval met bijna 12% naar € 1363 per ton. De productiewaarde zakte met € 100 miljoen naar € 1,2 miljard.

Droogte hoofdoorzaak

Over de exacte productiewaarde van de primaire landbouwproductie valt overigens wel te twisten. Boerenfederatie Deutscher Bauernverband (DBV) raamt dit cijfer in zijn in december gepubliceerde nieuwe jaarlijkse Situationsbericht voor 2018 iets hoger, namelijk op € 54,2 miljard. De daling ten opzichte van 2017 raamt de bond op krap 4%. Ook het Bauernverband ziet de droogte echter als de hoofdoorzaak. Interessant is dat het DBV tevens een schatting maakt van de kosten van de productie. Die pakken ten opzichte van 2017 helaas 4% hoger uit op € 36,9 miljard. Dat blijft niet zonder negatieve consequenties voor de bedrijfsinkomens. Die dalen in het afgelopen kalenderjaar met 17% naar € 14,5 miljard euro, denkt het Bauernverband.

Of registreer je om te kunnen reageren.