Home

Achtergrond 7 reacties

‘Biologische sector steeds fraudegevoeliger’

Skal-directeur Nicolette Klijn signaleert dat de biologische sector steeds kwetsbaarder wordt voor fraude. “We moeten er als toezichthouder voor zorgen dat het biologisch keurmerk betrouwbaar blijft.”

Microbiologe Nicolette Klijn staat sinds maart dit jaar aan het roer van inspectiedienst Skal Biocontrole, de toezichthouder op de biologische sector. Klijn deed eerder ervaring op met toezicht bij de Plantenziektenkundige Dienst; deze ging in 2012 op in de NVWA, maar opereert nu voor het eerst in de biologische sector.

Nicolette Klijn, directeur van Skal Biocontrole, ziet dat de biologische sector gebaat is bij streng toezicht, zodat de betrouwbaarheid van het biologische keurmerk blijft gewaarborgd. - Foto: Ruud Ploeg
Nicolette Klijn, directeur Skal Biocontrole, ziet dat de biologische sector gebaat is bij streng toezicht, zodat de betrouwbaarheid van het biologisch keurmerk gewaarborgd blijft. - Foto: Ruud Ploeg

“Natuurlijk kende ik de biologische praktijk wel, al was het alleen maar vanuit mijn persoonlijke voorkeur”, zegt Klijn. “Als ik naar de winkels ga, pak ik het biologisch product. In het kader van duurzame landbouw vind ik biologische producten heel belangrijk.”

Skal houdt toezicht op de biologische sector in Nederland. Zijn doel: dat een product dat ‘biologisch’ wordt genoemd, dat ook daadwerkelijk is. Onder het toezicht van Skal vallen de Nederlandse biologische boeren, maar ook bijvoorbeeld levensmiddelenfabrikanten en grote handelshuizen die via de havens van Rotterdam biologische producten in- en uitvoeren. De bedrijven die geregistreerd zijn bij Skal, betalen gezamenlijk voor het toezicht op de biologische sector.

Wat is de grootste uitdaging voor Skal?

“De grootste uitdaging voor ons is de sterke groei van de biologische sector, in zowel aantallen als diversiteit. Binnenkort kunnen we het 5.000ste geregistreerde bedrijf verwelkomen. Dat betekent ook dat we als organisatie moeten groeien. Dat brengt de uitdaging met zich mee dat je snel mensen moet werven en opleiden, en moet zorgen dat je daarbij de kwaliteit van je toezicht in stand houdt.”

Kunnen jullie de groei bijbenen?

“Ik kan met trots zeggen dat we in het afgelopen halfjaar voor alle benodigde posities nieuwe mensen hebben kunnen werven. Dat heeft er denk ik mee te maken dat heel veel mensen graag werken bij Skal, vanuit hun betrokkenheid bij de biologische sector.”

In 2017 is het niet gelukt om alle biologische bedrijven te bezoeken voor een jaarcontrole. Zijn die capaciteitsproblemen nu verholpen?

“Ja, door inzet van onze eigen inspecteurs en ook door gebruik te maken van anderen. Dit jaar gaan we voor het eerst ook bepaalde soorten inspecties op een handigere en effectievere manier doen, bijvoorbeeld bij handels- en opslagbedrijven.”

U geeft aan dat veel mensen graag bij Skal willen werken omdat zij affiniteit met de biologische sector hebben. Is dat niet gevaarlijk voor een organisatie die toezicht houdt op die sector?

“Nee dat geeft een heel grote mate van betrokkenheid en drive om het goed te doen, om te zorgen dat producten conform de biologische werkwijze zijn geproduceerd. De biologische sector is uiteindelijk gebaat bij streng toezicht, om te zorgen dat degene die zich niet houden aan de regels daar zo snel mogelijk mee stoppen of het keurmerk verliezen.”

In het kader van de fipronilkwestie constateerde Commissie Sorgdrager recent dat Skal zich er niet van bewust was dat voor bestrijding van bloedluis alleen middelen gebruikt mogen worden die een toelating hebben van het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb). Dat is een pijnlijke conclusie voor een toezichthouder.

“Op pluimveebedrijven is het gebruikelijk om groene zeep in te zetten. Ook het Ctgb is het met ons eens dat een middel als groene zeep geen toelating nodig heeft. Hier is dus een grijs gebied. De claim die de producent bij het middel geeft, is daarbij vooral van belang.”

De stal van een biologisch legpluimveebedrijf wordt ontsmet. - Foto: Anne van der Woude
De stal van een biologisch legpluimveebedrijf wordt ontsmet. - Foto: Anne van der Woude

Voor inspecteurs was niet duidelijk dat het gebruik van die etherische oliën gerelateerd was aan een claim dat dit effect zou hebben tegen bloedluis. Dat is kwalijk. Maar het is in de biologische sector gebruikelijk om plantenextracten en etherische oliën te gebruiken bij het reinigen en desinfecteren van stallen. Om die onduidelijkheid weg te nemen, zijn we nu bezig met een lijst van middelen die gebruikt mogen worden. Anderzijds ligt de verantwoordelijkheid bij bedrijven zelf. Een ondernemer moet zelf beoordelen welk middel hij gebruikt, met welke samenstelling en hoe hij dit toepast.”

Skal-controles zijn er juist op gericht of toegepaste middelen gebruikt mogen worden voor het predicaat biologisch. Had bij de controles niet naar boven moeten komen hoe een middel gebruikt werd?

“Tijdens de jaarlijkse basisinspectie is de inspecteur niet in staat het volledige bedrijf te inspecteren. Daarom wordt door onze medewerkers een risico-inschatting gemaakt. Over het algemeen gaat de meeste aandacht van de inspecteur daarom naar zaken als massabalansen en voer, en wat betreft middelen naar meststoffen en bestrijdingsmiddelen.”

Is bloedluisbestrijding een blinde vlek geweest?

“Ik weet niet of het een blinde vlek is geweest, er werd wel naar gekeken, voornamelijk tijdens de uitgebreidere inspecties voor de driejaarlijkse hercertificering. Maar het is zeker niet ingeschat als het onderdeel dat het hoogste risico betrof, en daarmee kreeg het ook niet de meeste aandacht.”

NGO Foodwatch vroeg inspectierapporten van Skal op. Daaruit bleek dat bij een inspectie in 2016 al het bedrijf ChickClean naar boven kwam, omdat het een verboden middel had gebruikt op een pluimveebedrijf.

“Wat daar gebeurd is, is dat een inspecteur geconstateerd heeft dat een bedrijf niet aan de biologische werkwijze heeft voldaan doordat het een middel heeft ingezet dat niet conform de biologische richtlijn gebruikt mag worden. Dat bedrijf is daar op gesanctioneerd.”

Maar dat middel mocht ook gangbaar niet gebruikt worden.

“De componenten hebben allemaal een registratie bij het Ctgb. Het klopt dat het betreffende middel nog niet in Nederland is geregistreerd.”

Had dat niet doorgegeven moeten worden aan de NVWA?

“Onze inspecteurs komen op bedrijven omdat ze de biologische werkwijze handhaven. Als we constateren dat structureel of op grotere schaal middelen onjuist gebruikt worden, dan nemen we contact op met de NVWA. Dat was hier niet het geval.”

‘Bij individuele gevallen bestraffen we het bedrijf omdat het de biologische verordening overtreedt’

“Als je kijkt naar de samenstelling van het middel, dan zijn er gelijksoortige middelen met een registratie op de markt. Bij individuele gevallen bestraffen we het bedrijf omdat het de biologische verordening overtreedt.”

In een recente evaluatie van de Skal constateerde de Kwinkgroep dat de samenwerking met de NVWA beter zou kunnen. Waar zitten punten voor verbetering?

“De samenwerking kan altijd beter, we zijn voortdurend bezig om onze samenwerking met de NVWA te verbeteren. Het is constant de uitdaging om elkaar goed te vinden op basis van hoe je elkaar in het toezichtveld tegenkomt en hoe je informatie met elkaar deelt. Daarnaast is het zo dat de biologische sector door groei steeds kwetsbaarder wordt voor fraude. In eerste instantie komen geregistreerden bij Skal omdat ze vanuit een bepaalde beleving biologische producten willen produceren, maar je ziet dat het ook commercieel steeds interessanter wordt om biologisch te produceren. Certificeringssystematiek is niet altijd een goed handvat om te kijken naar fraude.”

Controle van Skal Biocontrole op een biologisch melkveebedrijf. - Foto: Ronald Hissink
Controle van Skal Biocontrole op een biologisch melkveebedrijf. - Foto: Ronald Hissink

“Daarom kijken we met de NVWA welke vormen van toezicht wij dan wel op de sector kunnen inzetten om te zorgen dat we scherper aan de wind kunnen zeilen wat betreft fraude. Binnen Skal moeten we daar meer capaciteit op zetten.”

Verhoogd risico op fraude, omdat steeds meer bedrijven overstappen naar biologisch vanwege het verdienmodel, is dus een punt van zorg voor Skal?

“Ja, we zien dat ook als we kijken naar de vondst van residuen. Bij tijd en wijle moeten we constateren dat regulier product als biologisch is verkocht. Het is een trend, waar niemand blij mee is. We kijken hoe we los van certificering meer in kunnen zetten op niet-gecertificeerden, en hoe we ons toezicht zo vorm kunnen geven dat het vertrouwen in het biologisch keurmerk niet geschaad wordt. Het vraagt een andere manier van kijken dan alleen nagaan of een onderneming in zijn productieproces voldoet aan de biologische werkwijze.”

Hoeveel moet Skal groeien in de komende 2 tot 3 jaar om deze taken aan te kunnen?

“Dat hangt van de groei van de sector af, maar ook van de inspanning die de sector wil steken in het samen met ons waarborgen van de betrouwbaarheid van het biologisch keurmerk. In zekere mate zal het groei zijn, maar we moeten ook kijken hoe we zaken efficiënter kunnen doen. Zo zijn we met de sector aan het kijken naar digitale mogelijkheden, zoals blockchain, een techniek die nog in de kinderschoenen staat, maar waarvan we goede hoop hebben dat dit ons iets gaat brengen. Als toezichthouder moet je meedoen met professionaliseren. Voedselfraude blijft iets dat geld oplevert, waardoor voedselproductie integraal kwetsbaar blijft voor dit soort zaken. Dat is niet alleen een klus voor de NVWA, maar ook voor ons en voor de sector.”

Wat verwacht u van de sector, meer dan nu?

“Ik denk dat de sector heel alert moet zijn op zaken die hij zelf signaleert. Ondernemers wisselen veel informatie uit, en heel vaak is het zo dat zij eerder op de hoogte zijn van dingen die niet helemaal goed gaan. Er komt een bepaalde solidariteit bij kijken, maar het is belangrijk voor de sector om het te melden als je ongewenste zaken ziet. Dan kunnen wij daar iets mee.”

Mede-auteur Lydia van Rooijen

Laatste reacties

  • Vhouder

    ik denk dat je alleen biologisch kunt boeren als je er zelf achter staat als je het doet om meer te verdienen is de kans op sjoemelen veel groter

  • farmerbn

    Bij de NVWA werken veel mensen die graag de boeren pakken. Bij de biologische controleur Skal lijkt het dat daar mensen werken die wegkijken. Een wezenlijk verschil. Er zal hetzelfde percentage zijn die fraudeert; gangbaar of biologisch. Alleen de gangbare fraudeur komt in de media.

  • mr X

    Een biologische boer moet boeren met zijn hart. Als het puur om geld gaat, dan krijg je van die uitglijders...

  • oeleboele

    een biobedrijf moet ook niet te groot zijn, want dan is het hele bio verhaal er af. wanneer een boer biologisch groot wil zijn, en grote aantallen dieren wil hebben of heeft, dan gaat het idd om het geld, en dat maakt de sector kapot!
    men kan ook met minder wel toe, ook in het gangbaar is dat het geval. ´Het meer is nooit vol´.

  • 1455

    Biologisch is puur GELD (in de meeste gevallen)

  • Steyr cvt

    Er komen er steeds meer die over gaan naar biologisch om economische redden en steeds meer mega groot ook. Ze zoeken de rand op van wat toegelaten is ,net als bij gangbaar. Dus Skal maak je borst maar nat.

  • koestal

    Biologische boeren zijn vaak creatief

Laad alle reacties (3)

Of registreer je om te kunnen reageren.