Home

Achtergrond 5 reacties

Adviseurs: extra aandacht bedrijfsovernames

Veel bedrijven staan voor moeilijke keuzes over de toekomst. Bedrijfsopvolging staat daarom hoog op de agenda bij de agrarisch adviseurs, blijkt op een thema-bijeenkomst.

Stoppen, doorgaan of doorgeven zijn feitelijk de keuzes die een boer heeft bij het maken van een besluit voor de toekomst van zijn bedrijf. Dat lijkt makkelijk, maar dat is het zeker niet. Het najaarsseminar ‘stoppen, doorgaan, doorgeven’, georganiseerd door de Vereniging Agrarische Bedrijfsadviseurs (VAB) afgelopen donderdag 22 november, bevestigde de complexiteit.

De VAB ziet de laatste jaren een lichte toename in enthousiasme onder boerenzonen en -dochters om het bedrijf voort te zetten, maar zij benadrukken ook de problemen die zich vaak voordoen rond de overname. Alle reden dus voor extra aandacht bij bedrijfsadviseurs die meer werk krijgen. Deze thema-avond bood ruime mogelijkheid voor adviseurs om extra kennis op te doen.

Lees verder onder de tweet.

Familie- en bedrijfsbelangen scheiden blijkt lastig

Boerenbedrijven zijn vaak familiebedrijven. Op het moment dat de keuze gemaakt is om de boerderij door te geven aan een familielid (zoon of dochter), treedt vaak complexiteit binnen. Zowel familiair als financieel. Er is geen afdelingschef waar je je verhaal kwijt kunt, je hebt continu met familie van doen. Het scheiden van familiebelangen en bedrijfsbelangen blijkt in de praktijk vaak moeilijk, aldus familiebedrijfskundige Erik Bakker.

Tegenwoordig is nog maar 7% van de agrarische bedrijfshoofden jonger dan 35 jaar

Als iemand van de volgende generatie het bedrijf overneemt, moet bij meerdere kinderen rekening worden gehouden met hun positie en rechten. Succes wordt behaald met behulp van goede communicatie met alle familieleden en wanneer daadwerkelijk alle neuzen dezelfde kant op staan. “Continuïteit van de onderneming en harmonie binnen de familie staan centraal”, aldus Bakker.

Lees verder onder de foto.

Bij melkveebedrijven is ruim 60% van de bedrijfshoofden 55 jaar of ouder. - Foto: ANP
Bij melkveebedrijven is ruim 60% van de bedrijfshoofden 55 jaar of ouder. - Foto: ANP

De jeugd is de toekomst, ook voor voedselzekerheid

Bovendien is er momenteel een gebrek aan opvolgers jonger dan 35 jaar in de agrarische sector, liet vicevoorzitter Iris Bouwers van het Nederlands Agrarisch Jongeren Kontakt (NAJK) weten. Tegenwoordig is nog maar 7% van de agrarische bedrijfshoofden jonger dan 35 jaar. Dit was in 1979 nog 24%. Daarentegen is het aantal bedrijfshoofden boven 65 jaar toegenomen van 12% tot 38%, toont het Centraal Bureau voor de Statistiek. Melkveebedrijven hebben over het algemeen de oudste bedrijfshoofden: ruim 60% is ouder dan 55 jaar.

“Verbazingwekkend! We moeten jonge boeren motiveren en inspireren om aan het roer te gaan staan”, aldus Bouwers. “De jeugd is onze toekomst om voedselzekerheid te garanderen, daar maken wij ons als NAJK sterk voor.”

Laatste reacties

  • massy

    Je hoeft jonge boeren niet te motiveren als je ze maar een toekomst biedt. maar dat hebben ze hier niet op deze manier maar dat snappen ze in Den Haag niet.en ze moeten ook gewoon goed kunnen verdienen.want anders kun je veel beter gewoon gaan werken.dan heb je zeker geen last van al die zakkenvullers en erfbetreders.

  • Gradje 1966

    Die adviseurs moet je niet te veel laten komen kosten handen vol geld stoken vaak onrust in de familie en als je naar hun luistert kan bijna niemand nog een bedrijf door geven als je alles op waarde zet zijn er geen mogelijkheden .

  • GJ Bunt

    gradje, is helaas mijn ervaring...

  • farmerbn

    De melkveehouderij verdwijnt voor een groot deel uit Nederland. Melkveebedrijven zijn te duur geworden. Een jonge boer die het ouderlijke bedrijf gaat overnemen en 30 jaar moet laten bestaan heeft teveel geld nodig in zijn leven dan hij kan verdienen met zijn bedrijf.Stel hij moet beginnen met 1 miljoen liter met 40 ha en na 20-30 jaar moet hij verdubbeld zijn. Dat zijn bedragen die hij nooit bij elkaar krijgt. Lukt hem dat wel om die pakweg 5 miljoen euro bij elkaar te verdienen dan worden buitenlandse boeren schatrijk want de melkprijs en veeprijs zijn gelijk.Tenzij je een uniek product gaat maken die die buitenlanders niet kunnen maken zoals MRY-melk uit de uiterwaarden van de Maas, Rijn en Yssel. Of FH-melk uit Friesland of Blaarkop/Lakenvelder-melk uit het Veengebied.

  • GJ Bunt

    Farmerbn: we moesten toch groot worden?

Laad alle reacties (1)

Of registreer je om te kunnen reageren.