Boerenblog

‘De jaarlijkse nieuwe trui’

Als boer heb je weinig nette kleren nodig. Dat wordt straks anders, als Henk boer-af is.

Het is 2020. Wát een decennium ligt er achter ons. U hebt het allemaal met ons meegemaakt via mijn columns.

Als ik terugkijk op de bijdragen die ik de afgelopen negen jaar schreef voor Boerderij, dan komt er veel voorbij. Ik zou willen dat onze fotoboeken ook zo’n mooie samenvatting van ons leven zouden kunnen geven. Echter, ik ben pas bij 2009 met onze fotoboeken. Toen kwamen de mobiele telefoons met camera in ons leven en ineens hadden we foto’s in overvloed.

Er is een baken dat ons bij foto’s altijd laat weten welk jaar het is: ‘de trui van het jaar’ van Henk

We kunnen ze er nu altijd bij pakken, zolang we onze mobiele telefoon maar bij ons hebben. En dan kijken we naar jongere, dunnere gezichten van onszelf en onze naasten. Met andere kapsels en nu al zeer verouderde kledingstijl. Hoe snel de ontwikkeling van de mode gaat, verbaast me nog steeds. Hoe dan ook, er is één baken in deze hoeveelheid foto’s. Dat baken laat ons altijd weten welk jaar het is. Het is ‘de trui van het jaar’ van Henk.

Elk jaar koopt Henk vlak voor de kerst een nieuwe trui

Elk jaar koopt Henk vlak voor de kerst een nieuwe trui. Soms met een overhemd erbij en een spijkerbroek. Maar omdat hij de rest van het jaar in een overall en werkkleding loopt, slijten de ‘nette’ kleren eigenlijk nooit. Die nieuwe trui is bijna een traditie, zo zitten we er allemaal netjes bij met de kerst. De rest van het jaar doet die trui dienst op alle verjaardagen, etentjes, uitjes en borrels. Totdat het weer kerst wordt. Dan is ie te klein geworden. Of te verwassen. Vaak gaan die truien een tweede leven tegemoet bij een goed doel.

Werktruien vaak niet kapot te krijgen

Henk zijn werkkleren zijn overigens allemaal hetzelfde: donkerblauwe trui, afgedankte spijkerbroek en een grijs hemd zonder mouwen. Een aantal van de werktruien heeft hij al langer dan ik hem ken, ze zijn haast niet kapot te krijgen. Soms worden ze wat dun op de ellebogen en vallen er wat gaten bij de zoom, maar dat is niet erg. Er gaat een overall overheen en dan ziet niemand het meer. Zo lopen er wel meer boeren bij, is mijn ervaring. Als je ze op de borrel ziet, hebben ze nette kleren aan en vaak de nette klompen. Thuis aan de keukentafel herken je ze soms niet meer.

Maar goed, wat moet je ook met nieuwe nette kleding op een boerderij? Het is maar even en ze stinken, daarna zit er al een veeg, een vlek of een gat op of in. Dat hoort erbij.

Als Henk straks boer-af is, redt hij het niet met één nette trui per jaar

Het vouwen van onze was is ook zoiets. Er ligt een enorme stapel kleding voor de kinderen en voor mij, de berg handdoeken natuurlijk en daarnaast vaak alleen wat ondergoed van Henk. Zijn was gaat meer tussen de bedrijven door. Een paar keer per week gooit Henk ’s avonds na het werk zijn kleren in de wasmachine, als we gaan slapen gaan ze de droger in en voor ’t melken ’s ochtends is alles weer droog.

Dit jaar wordt het wennen. We stoppen immers met ons bedrijf. En als Henk straks boer-af is, redt hij het niet met één nette trui per jaar.

Of registreer je om te kunnen reageren.