'Meten is weten, maar meten is lastig'
Meten hoeveel ammoniakemissies er uit melkveestallen komen, is een hot topic. Tijdens discussies over doelsturing op ammoniak wordt vaak gesproken over het bepalen van de werkelijke emissies. Maar meten kan niet overal. Volgens Wilco Veenland van CLM is het verbeteren van rekenmodellen daarom realistischer en goedkoper.

Het meten van ammoniak bij een internationale veldproef in Dronten, jaren geleden. CLM-onderzoeker en melkveehouder Wilco Veenland voorziet dat goede rekenmodellen bij verschillende stalsystemen meer zekerheid over de emissies geven dan metingen. Foto: Jan Willem Schouten
Doelsturing aan de hand van de werkelijk gemeten emissies uit stallen lijkt te worden gezien als dé oplossing voor het stikstofprobleem. Maar meten is niet zo eenvoudig en soms zelfs onmogelijk, dus laten we niet de ambitie hebben om in alle melkveestallen een meetinstallatie voor ammoniakemissies op te hangen. Het ontwikkelen van een meetnetwerk om de rekenmodellen te onderbouwen en geschikt te maken voor de diversiteit aan praktijksituaties is realistischer en goedkoper.
Om betrouwbaar te kunnen meten, moet bijvoorbeeld duidelijk zijn hoe de lucht in de stal circuleert en waar de stallucht de stal verlaat. Bij een stal met meer dan één nok kan dit variëren en daardoor valt dit staltype af voor emissiebepaling met de huidige meetsystemen. Om dezelfde reden is het momenteel niet mogelijk om serrestallen betrouwbaar te bemeten.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses








