Home

Nieuws 2480 x bekeken

Brabantse gemeenten hebben geen zicht op veehouderij

Brabantse gemeenten hebben beperkt zicht op de naleving van de vergunningen voor veehouderijen.

Dat blijkt uit een onderzoek onder vijftien Brabantse gemeenten, uitgevoerd door de afdeling Interbestuurlijk Toezicht van de provincie Noord-Brabant. In een aantal gevallen is de uitstoot van ammoniak of fijn stof hoger dan vergund en hebben veehouderijen andere stalsystemen of luchtwassers in gebruik dan in de vergunning staan vermeld.

De provincie denkt dat er drie jaar voor nodig is om Brabantse gemeenten op een eenvormige manier te laten controleren. Een proef met negen gemeenten heeft dat uitgewezen. De provincie wil een eenvormig inspectieprogramma opzetten, aan de hand waarvan alle Brabantse veehouderijen tussen 2018 en 2021 tenminste één keer worden gecontroleerd.

Onderzoek is momentopname

Het onderzoek bij de vijftien gemeenten is een momentopname bij minder dan een kwart van de Brabantse gemeenten. Maar het geeft volgens de provincie desalniettemin ‘een beeld van de mate waarin de betrokken gemeenten toezicht houden op veehouderijen’.

Voor het onderzoek zijn praktijkcontroles uitgevoerd op elf rundveebedrijven, acht varkensbedrijven, zeven pluimveebedrijven en vier gemengde bedrijven. Bij het onderzoek bleek dat de dossiers voor vergunningverlening, toezicht en handhaving in tien van de vijftien gemeenten niet op orde was. Soms ontbreekt in de dossiers de actuele vergunde situatie, of is de correspondentie voor uitgevoerde controles zoek. “Vaak duurt het langer dan vier weken voordat een brief met een bezoekverslag naar de veehouder wordt verzonden”, aldus het rapport. Controles worden soms niet of niet vaak genoeg uitgevoerd. “Dit tast de geloofwaardigheid van toezicht en handhaving aan”, stelt het rapport.

Twaalf van de vijftien vergunningen wijken af van situatie in praktijk

De vergunningen bleken in twaalf van de vijftien gemeenten af te wijken van de situatie in de praktijk. Dat kon betrekking hebben op het gebruikte stalsysteem, de toegepaste luchtwasser, het aantal gehouden dieren, het soort dieren, de technische voorzieningen en de opslag van mest. Niet in alle gevallen hadden de afwijkingen ook een negatieve invloed: “In een enkel geval is een beter stalsysteem toegepast dan op het moment van aanvraag beschikbaar was.”

Of registreer je om te kunnen reageren.