Home

Nieuws 1241 x bekeken

Rechter zet streep door Brabantse MER-eis voor mestproject

Mestcoöperatie MACE hoeft toch geen milieueffectrapportage te maken voor de aanvraag van een omgevingsvergunning voor de bouw van een composteerbedrijf. Dat blijkt uit een voorlopige uitspraak van de Raad van State.

Eind september besloot het Brabantse provinciebestuur dat MACE toch een MER (milieueffectrapportage) nodig heeft voor de bouw van een mestbewerkingsinstallatie in de gemeente Sint Anthonis. Daarmee zou het vergunningstraject een jaar vertraging hebben oplopen. MACE heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt en de zaak in een kort geding voorgelegd aan de hoogste rechter. In een voorlopige uitspraak bepaalde de Raad van State dat het om een mestbewerkingsproject gaat en een MER niet nodig is.

Composteerbedrijf

MACE heeft daarop de aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend bij de gemeente Landhorst. MACE wil een composteerbedrijf opzetten voor de bewerking van 500.000 m3 mest. De gecomposteerde mest wil MACE zelf gaan exporteren naar Frankrijk, waardoor het initiatief voldoet aan de mestverwerkingsplicht.

Alternatieve locatie

Volgens MACE-voorzitter Frans Meulenmeester komt de provincie binnenkort met een voorstel voor een alternatieve locatie op een industrieterrein. Het provinciebestuur ziet grootschalige mestverwerkingsprojecten liever op een industrieterrein en niet in het buitengebied. De locatie waarvoor MACE nu een vergunning heeft ingediend ligt in het buitengebied. De provincie wilde niet bevestigen of zij daadwerkelijk actief op zoek is naar een alternatieve locatie voor MACE.

MACE is vanaf 2008 bezig een geschikte locatie te vinden voor grootschalige mestverwerking. Eerdere pogingen op vier verschillende locaties strandden, onder meer door verzet van omwonenden. Bij de coöperatie zijn ruim 200 veehouders aangesloten.

Of registreer je om te kunnen reageren.