3144 x bekeken 1 reactie

‘Nieuwe gentechnieken zijn nog taboe’

Nieuwe gentechniek is ook gentechniek, en daarom taboe bij belangrijke pootgoedklanten van Nederland. Laat Nederland de kans niet verspelen te voorzien in de groeiende vraag naar gentech-vrij voedsel, zegt Bertus Buizer.

Het aardappelhandelshuis HZPC overweegt om onderzoek met nieuwe gentechnieken buiten de EU te doen, meldde Boerderij op 15 februari. In Europa vallen die onder de bestaande wetgeving voor genetische modificatie. Het gaat hier vooral om cisgenese en Crispr-Cas9. Daarbij is, in tegenstelling tot oudere vormen van biotechnologie, geen sprake van transgenese, want overbrenging van soortvreemd DNA speelt hier niet. Maar bij beide nieuwe technieken wordt wel genetische modificatie toegepast. Want er wordt ook hier, anders dan bij klassieke veredeling, gesleuteld aan het DNA.

Phytophthoraresistent

De toepassing van nieuwe gentechnieken in de plantenveredeling is misschien minder ingrijpend voor het DNA van de plant dan de oudere vormen van biotechnologie, en resultaten van een eerste WUR-proefveld van bijvoorbeeld cisgenese (project DuRPh 2013) mogen dan ‘veelbelovend’ zijn wat betreft de resistentie van aardappelen tegen phytophthora, de vraag is wat mij betreft of de Nederlandse agrarische sector hier baat bij heeft. Eigenlijk wil HZPC, zo stel ik mij voor, graag via cisgenese bestaande rassen die al goed bij de consument liggen resistent maken tegen de gevreesde aardappelziekte en met behulp van Crispr-Cas9 misschien zelfs wel nieuwe resistente rassen ontwikkelen. Want met klassieke verdeling ben je zo 15 tot 18 jaar verder als het om een nieuw resistent ras gaat.

Oogst van pootgoed in Wieringerwerf. Nederland moet zijn goede positie in pootgoed niet op het spel zetten door te gaan experimenteren met nieuwe gentechnieken, vindt Bertus Buizer. Foto: Henk Riswick
Oogst van pootgoed in Wieringerwerf. Nederland moet zijn goede positie in pootgoed niet op het spel zetten door te gaan experimenteren met nieuwe gentechnieken, vindt Bertus Buizer. Foto: Henk Riswick

Goed imago op spel

Met een eventuele overstap naar nieuwe gentechnieken riskeren wij ons goede imago te verliezen, met name in Rusland en Noord-Afrika (onder meer Algerije), waar genetische modificatie taboe is.

Behalve ons imago raakt ook onze marketingstrategie voor de ontwikkeling en afzet van ons hoogwaardig uitgangsmateriaal vertroebeld, terwijl de markt voor gmo-vrij voedsel wereldwijd groeit, ook in de VS. Het wordt dan steeds moeilijker om ons te onderscheiden.

De nieuwe gentechnieken cisgenese en Crispr-Cas9 zijn echt niet het Ei van Columbus. Eerder het Paard van Troje. De resistenties tegen ziekten zijn slechts tijdelijk en de aardappelen worden duurder door patenten. Er rusten inmiddels al meerdere dure patenten op Crispr-Cas9. Daar zit dus ook een flink prijskaartje aan voor de veredelingssector en dus ook voor de boeren en tuinders. Zeker voor de vele kleine boeren in de wereld (voor zover die niet door de Bill & Melinda Gates Foundation worden gesteund) die nog steeds de basis vormen voor de voedselproductie in de wereld. Patenten beperken ook de verbetering van rassen en de nodige diversiteit aan rassen.

Mooie uitdagingen

Er zijn naar mijn mening juist heel mooie andere uitdagingen, zoals ik hier beschreven heb. Ook is er inmiddels een techniek beschikbaar om de klassieke veredeling te versnellen. Dat is de zogenaamde ‘merker-techniek’. Daarmee worden in het laboratorium bijvoorbeeld gewenste genen van planten opgespoord om zo voor klassieke veredeling sneller tot de gewenste kruisingsparen te komen.

Eén reactie

  • Piusfloris

    Beste Bertus. Mijn complimenten voor jouw bijdrage. Naar mijn mening heb je precies verwoord wat de boer kan verwachten van GM aardappelen. Jouw bijdrage zou door de aardappeltelers in Nederland gedragen moeten worden. Het probleem is dat veel aardappeltelers er misschien wel de voorkeur aan geven om de mooie verhalen rond genetische verandering van gewassen te luisteren. Dat is in Amerika ook gelukt met mais en soja. Een ziekte als Phytoftera weet binnen één generatie een omweg te vinden om de aardappelplanten binnen te dringen. Dat weten de onderzoekers ook. Maar de zak met onderzoeksgeld die hun wordt voorgehouden maakt het wel aantrekkelijk om vooral veel onderzoek te blijven doen. De natuur kent geen snelle oplossingen. Bertus. Blijf vertellen wat je weet! Dank je.

Of registreer je om te kunnen reageren.