Veel animo voor levering PlanetProof-melk

Foto: Hans Prinsen
Het aantal melkveehouders dat PlanetProof-melk levert, loopt snel op. FrieslandCampina ziet kansen, maar houdt ook een slag om de arm.De inkt van het uiteindelijke certificatieschema voor PlanetProof-zuivel was nauwelijks droog of de eerste Campina-melkpakken met keurmerk stonden al in de winkel. De druk om snel een eigen duurzame zuivellijn te presenteren, was groot nadat concurrent A-ware in samenwerking met Albert Heijn vorig jaar zomer een eigen lijn duurzaam geproduceerde zuivelproducten introduceerde.Vanaf volgend jaar 2 cent extra voor PlanetProof-melkVolgens Bas Roelofs, directeur FrieslandCampina Nederland, is de stap van zijn zuivelonderneming geen directe reactie op de stap van A-ware, zo gaf hij aan tijdens een bijeenkomst met Natuurmonumenten in Leusden. Wel besloot FrieslandCampina zijn plannen sneller ten uitvoer te brengen. En dat is gelukt. Begin december werden de definitieve eisen door Stichting Milieu Keur (SMK) gepubliceerd en nog voor de kerst stond de eerste dagverse zuivel onder het keurmerk in de schappen. Inmiddels liggen ook de eerste PlanetProof-kazen in de vitrine.Animo groot om leverancier van PlanetProof-melk te mogen wordenDe animo om voor het nieuwe keurmerk melk te mogen leveren, is groot, zo valt op te maken uit de drukbezochte voorlichtingsbijeenkomsten. Eerst 1 en later 2 cent per kilo melk extra spreekt duidelijk tot de verbeelding. Hoeveel veehouders nu deelnemen, wil FrieslandCampina uit concurrentieoverweging niet bekendmaken, maar duidelijk is dat er snel wordt opgeschaald.Een van de supermarkten waar consumenten zuivelproducten met een PlanetProof-keurmerk kunnen vinden is de Coop. - Foto: Koos GroenewoldDe derde wervingsronde is onderweg en naast de fabrieken in Maasdam (Z.-H.) en Steenderen (Gld.) wordt nu ook PlanetProof-melk verwerkt in Lelystad (Fl.) – Farm Dairy waarin FrieslandCampina een aandeel heeft – en Lutjewinkel (N.-H.). Hiervoor komen na Zuid-Holland, Utrecht en Oost-Nederland nu ook melkveehouders in Friesland en delen van Zeeland en Noord-Brabant in aanmerking. De provinciegrenzen zijn globaal, zo laat de zuivelonderneming weten. Veel hangt af van de logistieke mogelijkheden. Zo hoort bij Friesland ook een paar gebieden in Drenthe en Groningen. De verwachting is dat uiteindelijk 10 tot 15% van de leden-melkveehouders aan de eisen voor PlanetProof kan voldoen.Levering onder nieuw keurmerk geschiedt op eigen risicoFrieslandCampina houdt nadrukkelijk een slag om de arm wat betreft de mogelijkheden. Mocht betreffende melk niet onder het PlanetProof-keurmerk kunnen worden verkocht, dan vissen betrokken melkveehouders achter het net. Ook staat dit jaar een revisie van de melkprijssystematiek op de agenda. Deelname geschiedt in die zin dus op eigen risico. Daarnaast is het niet vanzelfsprekend dat bedrijven de huidige resultaten weten vast te houden. Iets wat melkveehouders, die overwegen flinke aanpassingen in hun bedrijfsvoering door te voeren om deel te mogen nemen, goed moeten meewegen in hun beslissing.Op basis van marktonderzoek lijken de vooruitzichten goed, maar tegelijk blijft de markt onvoorspelbaar. Ook gaat het, ondanks een beperkt aantal veehouders, om een behoorlijk volume melk voor de Nederlandse markt. Dat ziet de retail ook. Vraag is dus of en hoelang de plus van uiteindelijk 2 cent uit de markt kan worden gehaald. Sommige veehouders vrezen dat PlanetProof al snel de nieuwe standaard gaat worden voor Nederlandse zuivel. Dat zou de prijs kunnen drukken. Los van PlanetProof zit ook de concurrentie niet stil.Nu ook zuivel met Beter Leven 1 sterHalf april introduceerde Dierenbescherming zuivel met een Beter Leven 1 ster-keurmerk. Na Albert Heijn duurzame zuivel, PlanetProof en Caring Dairy Plus een vierde duurzaamheidsconcept voor zuivel. Bij de ontwikkeling van het nieuwe keurmerk is samengewerkt met Farmel en Veco Zuivel. Deelnemende melkveehouders (een startgroepje van 6) ontvangen een plus van 6 cent bovenop de normale melkprijs. Die vergoeding is inclusief een bijdrage voor weidegang. Daarvoor moet worden voldaan aan een reeks voorwaarden, die zowel betrekking hebben op milieu, dierenwelzijn als zorg voor weidevogels en insecten.
Er zijn nu dus 4 top-zuivellijnen. PlanetProof, Beterleven *, AH en Caring Dairy plus (daar had ik nog nooit van gehoord?)https://t.co/X8fboBEU0M— Lydia van Rooijen (@Lydienee) 15 april 2019
In eerste instantie zet Jumbo onder Beter Leven 1 ster 5 soorten drinkmelk en yoghurt in de schappen. Een liter halfvolle melk kost 95 cent, 11 cent meer dan het huismerk. Beter Leven wordt hiermee in prijs gepositioneerd tussen PlanetProof en biologische zuivel. Even ter vergelijking: een liter Campina halfvolle melk (ook voorzien van het PlanetProof-keurmerk) kost bij Jumbo € 1,23.De Melkan-melkpakken van inkoopcombinatie Superunie zijn voorzien van het PlanetProof-logo. - Foto: Koos GroenewoldDeel extensieve boeren vist achter het netTot onvrede van een aantal melkveehouders vallen categorieën bedrijven buiten de boot omdat bijvoorbeeld hun extensieve bedrijfsvoering niet past in het plaatje van PlanetProof. Zo kunnen veehouders met een kleinere melkproductie per koe de klos zijn als gevolg van een te hoge CO2-voetafdruk per kilo melk. Ook veehouders die zich inzetten voor natuurbeheer en werken met uitgestelde maaidata kunnen achter het net vissen als ze niet aan het minimale eiwitpercentage van eigen land kunnen voldoen. In ieder geval voor een deel van deze bedrijven is het wrang dat ze niet aan de eisen van het duurzaamheidskeurmerk kunnen voldoen. Tegelijk kun je stellen dat deze bedrijven blijkbaar op een aantal duurzaamheidsaspecten niet optimaal presteren.Nog niet duidelijk of droogte 2018 wordt aangemerkt als calamiteitOok wordt een deel al gecompenseerd via extra overheidssubsidies. SMK is trouwens bekend met de onvrede over de CO2-voetafdruk, maar wil pas bij herziening van de criteria in de loop van 2021 evalueren of gestuurd blijft worden op CO2-equivalenten per kilo meetmelk of dat (ook) gestuurd gaat worden op CO2-equivalenten per hectare.Op meerdere thema’s scorenPlanetProof past bij bedrijven die op de 3 thema’s, biodiversiteit, klimaat en dierenwelzijn en diergezondheid goed scoren en op 1 onderdeel excelleren. Focus je te veel op 1 duurzaamheidsaspect alleen, dan val je door de mand. Het eerste jaar (2019) van deelname is er nog wel wat extra ruimte binnen de thema’s biodiversiteit en klimaat. Deelnemers mogen op deze thema’s 2 ‘jokers’ inzetten op voorwaarde dat een bedrijf minimaal over 10% kruidenrijk grasland beschikt. Verder moet aan alle geldende criteria worden voldaan.FrieslandCampina maakt op dit moment overigens geen gebruik van deze uitzonderingsoptie. Een groep deelnemers dreigt met hun kringloopscore in 2018 vanwege de droogte al direct in de problemen te komen als gevolg van het minimum te behalen percentage eiwit van eigen land. FrieslandCampina heeft SMK gevraagd of dit valt onder de calamiteitenregeling. SMK heeft nog geen besluit genomen.Voor alle besluiten en criteria is van groot belang dat de maatschappij de stappen moet kunnen begrijpen en dat, als het even kan, zichtbare veranderingen op het bedrijf aansluiten bij de wens van de consument. Dat zal niet altijd lukken, maar blijft een punt van aandacht. Een eventueel aanmerken van de extreem droge periode als calamiteit, hoeft wat dat betreft niet bezwaarlijk te zijn. Wel moet worden gewaakt voor te veel focus op technische resultaten, waar door een aantal veehouders tegen wordt geageerd. Waar dat toe kan leiden, heeft de varkenshouderij ervaren. Technisch goede prestaties neerzetten, is wat anders dan maatschappelijk gewaardeerd worden.Binnen 8 maanden fysieke beoordeling op locatieVeehouders die zich aanmelden voor deelname aan PlanetProof wacht eerst een administratieve beoordeling. Op basis van diverse kengetallen voor de onderdelen Dier, Natuur en Klimaat vanuit onder meer de KringloopWijzer kijkt FrieslandCampina of een bedrijf aan de eisen voldoet. Leden verklaren bovendien dat zij aan de eisen kunnen voldoen via een aanvullend contract dat ingaat zodra zij kunnen deelnemen. FrieslandCampina vraagt ook via een deelnemersverklaring om extra bewijsmateriaal dat de melkveehouder ook echt kan voldoen aan alle eisen. Vervolgens volgt uiterlijk binnen 8 maanden een fysieke beoordeling op locatie.Glyfosaatverbod geldt niet voor bouwlandOok is sprake van een keer per jaar een periodieke audit die, indien mogelijk, wordt gecombineerd met de controle voor Foqus planet of weidegang. Zodra de melk daadwerkelijk tot PlanetProof-zuivel wordt verwerkt, ontvangen leverende melkveehouders dit jaar 1 cent extra per kilo melk. Volgend jaar gaat het om 2 cent. Ook is het idee dat een deel van de meeropbrengst terugvloeit naar de coöperatie voor andere duurzaamheidsinitiatieven, zo is aan de leden gecommuniceerd.Een RMO-chauffeur lost PlanetProof-melk bij de kaasfabriek van FrieslandCampina in Steenderen. - Foto: Hans PrinsenIn principe wordt gewerkt in leveringsperiodes van 1 jaar tenzij sprake is van een calamiteit of een plotselinge afname van de marktvraag. Een ander punt dat goed in ogenschouw moet worden genomen, is het feit dat SMK de eisen elke 3 jaar mag aanscherpen. Een aantal aanscherpingen van de normen is al aangekondigd, zoals in 2020 een verbod op het gebruik van glyfosaat op het eigen erf en grasland en eveneens per 2020 een verplichte inkoop van groene stroom. Opvallend wat betreft het glyfosaatverbod is trouwens dat niet wordt gesproken over bouwland. SMK laat weten in de huidige criteria alleen te willen focussen op erf en met name grasland, omdat deze activiteiten het meeste ‘handelingsperspectief’ bieden voor alle ondernemers. Mais en andere voedermiddelen zouden daarbij regelmatig elders worden geproduceerd. Een verbod op het gebruik van glyfosaat op bouwland leidt volgens SMK tot een ongelijk speelveld, omdat de eis praktisch niet aan ingekochte veevoerproducten te stellen zou zijn.Bij niet voldoen an de eisen dreigt uitsluitingBelangrijke vraag voor veehouders is natuurlijk wat er gebeurt als niet aan de eisen wordt voldaan. Als de basiseisen op het gebied van bijvoorbeeld melkkwaliteit en weidegang niet worden nageleefd, volgt directe uitsluiting. Voor andere criteria geldt veelal een herstelperiode van een maand. Als dan nog steeds niet aan de eisen kan worden voldaan, stopt de betaling van de extra vergoeding. Een veehouder mag zich opnieuw inschrijven zodra hij weer aan de eisen kan voldoen, wel volgt een nieuwe aanmeldingsperiode. In de praktijk zal dit volgens FrieslandCampina vooral bij tijdelijk slechtere scores op het vlak van dier- of basiseisen zijn. Bij een slechte KringloopWijzer- of klimaatscore kan hij een jaar niet deelnemen. Hier telt immers het resultaat van een jaar eerder. Alleen als sprake is van bewuste fraude wordt ook melkgeld teruggevorderd. Daarnaast kunnen veehouders voor een periode van 2 jaar worden uitgesloten van deelname als bewust wordt verzuimd om het niet meer kunnen voldoen aan de eisen te melden.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









