Veehouder kan zelf laboratorium kiezen bij test IBR en BVD

Foto: Ronald Hissink
Laboratoria kunnen bij ZuivelNL een toelating aanvragen voor onderzoek naar IBR en BVD in het kader van de landelijke bestrijding IBR en beheersing BVD.Bericht is van 9 november. Aanvulling 10 november, zie laatste 2 alinea‘s.ZuivelNL beheert de regeling voor toelating op verzoek van LTO Nederland, de Nederlandse Zuivel Organisatie (NZO) en Stichting Brancheorganisatie Kalversector. Door de regeling zijn de laboratoriumuitslagen, ongeacht het laboratorium, betrouwbaar en uitwisselbaar en toepasbaar voor de landelijke aanpak van IBR en BVD. Wageningen Bioveterinary Research, voorheen CVI, houdt toezicht op de laboratoria en adviseert ZuivelNL over de toelating. Centrale databankToegelaten laboratoria moeten alle resultaten die van belang zijn voor de aanpak van IBR en BVD leveren aan een centrale databank. Met deze regeling kunnen veehouders kiezen voor een binnen- of buitenlands laboratorium waar zij hun dieren op IBR en BVD laten testen.Lees ook: Kosten IBR/BVD-bestrijding grootste struikelblokMarktwerkingMet de erkenning van andere laboratoria wil de werkgroep Voorbereiding nationale aanpak IBR/BVD-bestrijding marktwerking creëren. Toon van Hoof, voorzitter van de stuurgroep Voorbereiding nationale aanpak IBR/BVD-bestrijding licht de keus toe: “Veehouders willen marktwerking en niet alleen aangewezen zijn op de GD (Gezondheidsdienst voor Dieren, red.). Die marktwerking creëren we nu door laboratoria zich te laten aanmelden en inschrijven bij ZuivelNL en vervolgens te laten toetsen en erkennen door het CVI. Op deze manier heb je ten alle tijden bij elk dier lab-uitslagen die vergelijkbaar en uitwisselbaar zijn.” Foqusplanet FrieslandCampinaDe erkenning van andere laboratoria gaat ook invloed krijgen op bijvoorbeeld Foqusplanet van FrieslandCampina. Veehouders kunnen met de aanpak van IBR en BVD punten krijgen binnen Foqusplanet. Momenteel accepteert de zuivelonderneming alleen de bestrijdingsprogramma’s van de Gezondheidsdienst voor Dieren (GD). Dat betekent dat wanneer veehouders al langere tijd met een programma van een ander laboratorium werken voor die punten alsnog terug naar de GD moeten gaan. Dit brengt extra onderzoek en extra kosten met zich mee. FrieslandCampina-woordvoerder Jan-Willem ter Avest meldt dat, nu er meer laboratoria een erkenning kunnen krijgen, deze regel binnen de leveringsvoorwaarden bij de volgende herziening aangepast wordt. Dit kan volgend jaar al zijn.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









