Twentse bodem mergelt niet uit

Foto: Ronald Hissink
De bodemvruchtbaarheid van dekzand in Twente lijkt over een periode van 12 jaar iets te verbeteren.Twentse bodems laten wat bodemvruchtbaarheid betreft een stabiele tot licht toenemende verbetering zien. Dat blijkt uit een rapport dat Mineral Valley op 4 oktober in Goor presenteerde. In het rapport is door Eurofins Agro bodemdata geanalyseerd op negen verschillende parameters die een indicatie zijn voor de bodemvruchtbaarheid.Onderscheid tussen dekzand, dalgrond en kleigrondDaarbij is onderscheid gemaakt tussen dekzand, dalgrond en kleigrond. Binnen deze gronden is gekeken naar het gebruik gras, mais of overig. Verreweg het grootste deel van de bodems in Twente bestaat uit dekzand en op deze gronden wordt nagenoeg alleen gras en mais geteeld. Juist op deze gronden wordt een trend tot lichte verbetering van de bodemvruchtbaarheid gevonden, gebaseerd op onder meer zuurtegraad, organische stofgehalte en stikstofvoorraad.“Er zit verbetering in de bodemvruchtbaarheid en dat betekent dat boeren goed voor hun grond zorgen.” Variatie tussen bodems en bodemvruchtbaarheidVolgens Johan Temmink van ForFarmers, een van de partners in het onderzoek, is het belangrijk om vast te stellen dat het niet zo slecht gesteld is met de bodem dan alom wordt geroepen. “Sterker nog, er zit verbetering in de bodemvruchtbaarheid en dat betekent dat boeren goed voor hun grond zorgen.” Temmink beseft ook wel dat er variatie zit tussen bodems en hun bodemvruchtbaarheid. “Maar dat biedt ook gelijk de gelegenheid om samen te werken aan verbetering van de bodemvruchtbaarheid. Zo kunnen we de totale bodemvruchtbaarheid verder verbeteren.”Presentatie onderzoek meetnet bodem in opdracht van @MineralValley door @Eurofins_AgroNL bij @gemhofvantwente. Conclusie: Twentse boeren zorgen dat bodemvruchtbaarheid op peil blijft. pic.twitter.com/njN3I63d9t— Jos Jogems (@JosJogems) October 4, 2019Streekgerichte aanpak nodigVolgens Temmink geeft dit rapport de veehouders een uitgangspositie. Nu kan een individuele veehouder zien waar hij staat ten opzichte van de rest van de boeren in de directe omgeving. Voor verbetering is dan ook een streekgerichte aanpak nodig. Temmink vindt dat elke regio een eigen rapport zou moeten krijgen. Zo zal er op de zandgronden in Noord-Brabant waarschijnlijk een andere uitgangssituatie zijn dan in Twente. Daarom moeten veehouders zich kunnen spiegelen aan de resultaten en gemiddelden uit hun eigen gebied.Bodemanalyse eenvoudiger presenterenOm boeren nog meer in beweging te krijgen om met verbetering van de bodemvruchtbaarheid aan de slag te gaan, is het nodig dat de bodemanalyse eenvoudiger wordt gepresenteerd. Temmink: ‘’Geef gewoon duidelijk aan per parameter waar het goed gaat en waar het beter kan, maar laat van de belangrijkste parameters ook de ontwikkeling in de tijd zien. Dat geeft direct inzicht en maakt het voor veehouder en hun adviseurs en leveranciers gemakkelijker om ook daadwerkelijk stappen te kunnen zetten die nodig zijn om verbeteringen te realiseren.”
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









