Slachterijen willen grip op varkensaanvoer

De varkensaanvoer bij slachterij Compaxo. Slachterijen willen hun aanvoer graag meer stroomlijnen
Een constante varkensaanvoer zorgt voor kostenverlaging. Deskundigen zien voordelen van meer ketenproductie. ‘Rol varkenshouder blijft belangrijk.’Slachterijen hebben behoefte aan een constantere en gegarandeerde varkensaanvoer. Daar laten zij zich steeds regelmatiger over uit. Om deze reden kwam vleesbedrijf Vion begin maart met het vraaggestuurde programma Good Farming Balance. Varkenshouders die deelnemen aan het Good Farming Balance-programma hebben de keuze uit drie aflevermodules en evenzoveel prijssystemen voor de varkens. Zo biedt Vion drie maal drie, in totaal negen nieuwe mogelijkheden voor het afleveren en uitbetalen van vleesvarkens.Tijdens de introductie van Vions Good Farming Balance kregen varkenshouders een rondleiding door de slachterij en maakten ze kennis met producten voor de Aziatische markt. - Foto: VionEen goede ontwikkeling, ook voor de varkenshouder. Dat is de reactie van Pierre Berntsen, directeur agrarische bedrijven van ABN Amro, op het Vion-initiatief. Allereerst nemen de keuzemogelijkheden toe. Berntsen: “Wie kan daar op tegen zijn?” Andere pluspunten van de Vion-plannen zijn volgens Berntsen kostenverlaging voor de keten en mogelijk financieel voordeel voor de varkenshouder. Dat voordeel kan zitten in een hogere bezettingsgraad of constantere kasstroom. ‘Pluspunt van de Vion-plannen is mogelijk financieel voordeel voor de varkenshouder, zoals hogere bezettingsgraad of constantere kasstroom’
- Pierre Berntsen, directeur agrarische bedrijven van ABN Amro Vion is niet de enige in varkensvleesbranche die met een daarvoor ontwikkeld programma de varkensaanvoer wil stroomlijnen en garanderen. De Duitse vleesverwerker Westfleisch koopt jaarlijks 6 miljoen varkens op contractbasis. Hun programma heet BestSchwein. Zij garanderen een jaar de afname en de boer wordt geacht zijn varkens aan Westfleisch te leveren. Als tegenprestatie ontvangt de varkenshouder aan het eind van het jaar een bonus, afhankelijk van het salmonella-risico van de geleverde varkens en het bedrijfsresultaat van Westfleisch. Het gros van de Nederlandse vleesvarkens eindigt in een van bovenstaande slachterijen. Over leveringscontracten zijn dikwijls wel afspraken te maken.Veel bedrijfskundige achtergrond is niet nodig om te snappen dat een constante varkensaanvoer de kosten in de vleesketen verlaagt. De volatiele weekmarkt staat een stabiele varkensaanvoer echter in de weg. Als de varkensprijs neigt te stijgen, besluiten varkenshouders minder dieren te leveren of het leveren uit te stellen. Voor slachterijen is dat erg onvoordelig. De ene week zitten ze met onderbezetting en de week daarop moeten ze alle zeilen bijzetten om de varkens verwerkt te krijgen. Maar ook voor de bediening van de markt zijn slachterijen gebaat bij een constante aanvoer. De varkensaanvoer bij slachterij Compaxo. Slachterijen willen hun aanvoer graag meer stroomlijnen. - Foto: Henk RiswickIdealiter heeft daarom iedere slachterij wekelijks zijn haken vol. De logistieke en proceskosten zijn dan het laagst en de vleesverwerker is theoretisch in staat een hogere varkensprijs te betalen; zijn marge verbetert.Varkenshouder laten meedelen in betere marges slachterijOm varkenshouders te bewegen leverings- en eventueel afrekenafspraken te maken, is het voor hen nodig dat zij meedelen in de potentiële margeverbetering van de slachterijen. Dat kan in de vorm van een bonus zoals bij Westfleisch. Een andere optie is het verruimen van het kortingsvrije traject, zoals Vion doet. Vion biedt ook de mogelijkheid varkens te leveren met meer spek op het karkas. Ruimere afleverkaders biedt voordelen voor varkenshouders die om welke reden ook nu flink worden gekort bij levering van hun varkens. Als meer spreiding in de geleverde varkens goed past bij de werkwijze van een boer is dat ook een voordeel voor hem, stelt Jan Pijnenburg, adviseur intensief van DLV Advies. Pijnenburg: “Zelfs als het saldo gelijk blijft.”DLV‘er Pijnenburg vindt dat in leverings- en eventueel prijsafspraken perspectief zit. In wezen gebeurt het al bij conceptproductie, betoogt hij. Met de keuze voor een concept bindt een varkenshouder zich min of meer aan een slachterij door zijn productiewijze aan te passen aan de conceptvoorwaarden. Dat gebeurt niet voor een productieronde. Desondanks signaleert Pijnenburg dat het merendeel van de varkenshouders tot dusver kiest voor vrijheid en zich niet wil vastleggen aan een afnemer. In dat verband ziet hij meer in prijs- dan leveringsafspraken om de varkensaanvoer te regelen. Een boer heeft meer aan een vaste prijs dan aan constante levering, is zijn motivering. Dat geldt zelfs bij gelijk saldo. ‘Een boer heeft meer aan een vaste prijs dan aan constante levering. Dat geldt zelfs bij gelijk saldo’
– Jan Pijnenburg, adviseur intensief van DLV AdviesVoordelen van een vaster inkomstenpatroon voor de varkenshouder zijn volgens Pijnenburg dat een boer minder risico loopt rood te staan bij zijn bank en minder hoeft te herfinancieren in slechte tijden. Dat kost allebei geld. Pijnenburg: “Tijdelijk de aflossing en/of rente stopzetten, doen banken niet of nauwelijks meer.” Investeringen noodgedwongen uitstellen, zal minder vaak aan de orde zijn met een vaste varkensprijs. Vion zegt dat met hun nieuwe (langetermijn)prijssystemen de kasstroom van de varkenshouders constanter wordt.Varkenshouder moet zelf oplettenBankdirecteur Berntsen vindt het de taak van de varkenshouder om te waken dat hij ook de vruchten plukt van de leverings- en prijsafspraken met de slachterij. Hij benadrukt dat een afspraak niet inhoudt dat een varkenshouder zich willoos overlevert aan de slachterij. Berntsen: “Als varkenshouder blijf je een belangrijke partij. Zorg als veehouder dat je waarde toevoegt door varkens te leveren waarmee de slachterij de maximale marge kan halen.”Een voordeel van afspraken maken met een slachterij kan zijn dat bedrijfsprocessen ook verbeteren, zegt Berntsen. Als de bezettingsgraad stijgt en de omloopsnelheid ook is dat in het voordeel van de boer. Met de nieuwe Vion-module ‘Breed’ kost gewichtsspreiding een boer minder geld. In een keer een afdeling leegmaken of all in-all out-levering van varkens wordt daarmee aantrekkelijker. Dat kan uiteindelijk de diergezondheid op het bedrijf ook ten goede komen.Vooralsnog zijn Vion en het Duitse Westfleisch het verst als het gaat om het intensiveren van de band met hun leveranciers en het stroomlijnen van de varkensaanvoer. Westfleisch slacht jaarlijks 800.000 varkens van Nederlandse herkomst, voor een deel afkomstig van contractleveranciers. Deze twee vleesbedrijven hebben tastbare programma’s waar een varkenshouder voor tekent. Bij Westfleisch ligt het gros van de aanvoer vast. Bij Vion hebben de eerste varkenshouders getekend voor het Good Farming Balance-programma en staan boeren op het punt dat te gaan doen.Wie bij Van Rooi Meat de varkenslevering contractueel wil vastleggen, kan dat, betoogt inkoopdirecteur Addy van Rooi. “Dat kan al tien jaar. Dat is niet nieuw.” Niettemin ziet Van Rooi dat 95% van zijn leveranciers trouw is aan hen. “Van een varkenshouder die continu wisselt van afnemer, koop ik geen varkens.”In haar laatste column schrijft NVV-voorzitter Ingrid Jansen dat met de nieuwe marktmodules van Vion varkenshouders kleur moeten bekennen en laten zien bereid te zijn langere tijd met een afnemer te willen samenwerken. Meer ketenproductie en deelcollectieven is geheel in de geest van het Actieplan Vitalisering Varkenshouderij, stelt de NVV-voorzitter.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









