Meer ruimte voor circulaire meststoffen in nitraatrichtlijn
De Europese Commissie wil in de nitraatrichtlijn meer ruimte gaan bieden voor herwinbare meststoffen, om de afhankelijkheid van de import van minerale kunstmeststoffen te verkleinen. De standaardnorm van 170 kilo stikstof uit dierlijke mest per hectare blijft echter gehandhaafd. Dat blijkt uit de evaluatie van de nitraatrichtlijn, die door de Europese Commissie is gepresenteerd.

De standaardnorm van 170 kilo stikstof uit dierlijke mest per hectare blijft. De Europese Commissie wil wel meer vormen van digestaat gaan toestaan als kunstmestvervanger. Foto: Henk Riswick
De Commissie wil de Renure-wetgeving, die recent na jaren onderhandelen met veel moeite werd aangenomen, uitbreiden. Bepaalde vloeibare vormen van vergiste mest (digestaat) zullen daarbij met passende milieuvoorwaarden toegelaten worden als kunstmestvervangers. De inzet van digestaat als kunstmestvervanger heeft volgens de Commissie groot potentieel om bij te dragen tot een totale grotere hoeveelheid beschikbare biomeststoffen voor gebruik in Europa. Wanneer de toelating komt, is nog niet duidelijk. Als eerste stap zal later dit jaar een eerste voorlopige wetenschappelijke beoordeling worden gepubliceerd.
“Efficiënter en circulair nutriëntenbeheer kan schoner water opleveren en tegelijkertijd de kosten voor landbouwers verlagen”, geeft de Europese Commissie aan. Eerder werd hier in het Meststoffenplan ook al naar gerefereerd. “Het verminderen van de afhankelijkheid van synthetische stikstof kan de veerkracht van landbouwbedrijven versterken en bijdragen tot de strategische autonomie van Europa”, aldus de Commissie.
170 kilo blijft, derogatie niet uitgesloten
De standaardnorm voor het gebruik van stikstof uit dierlijke mest, de veelbesproken 170 kg N/ha, blijft - zoals verwacht- wel gehandhaafd. De Commissie concludeert dat deze norm effectief, wetenschappelijk onderbouwd en kostenefficiënt is, al is deze norm in vervuilde gebieden niet voldoende om de doelstelling van de nitraatrichtlijn te behalen en kunnen aanvullende maatregelen nodig zijn. Daarbij geeft de Commissie aan voorstander te zijn van het verlagen van de veedichtheid in gebieden waar veel vee wordt gehouden. Derogatie op de standaardgebruiksnorm voor dierlijke mest wordt in de evaluatie niet uitgesloten. “Het biedt flexibiliteit, maar de evaluatie toont aan dat het de effectiviteit van de nitraatrichtlijn kan beïnvloeden. Derogatie moet daarom zorgvuldig worden gebruikt om negatieve gevolgen op lange termijn te voorkomen”, aldus de Commissie.
Evaluatie: nitraatrichtlijn doeltreffend
In de evaluatie concludeert de Europese Commissie dat de Nitraatrichtlijn doeltreffend is om de Europese wateren te beschermen tegen nutriënten uit de landbouw. Volgens de evaluatie blijft de nitraatrichtlijn relevant voor de aanpak van nitraatverontreiniging uit de landbouw en de gevolgen daarvan voor de waterkwaliteit en ecosystemen. “De nitraatrichtlijn draagt al meer dan 30 jaar bij aan de bescherming van de Europese wateren. Uit de evaluatie van vandaag blijkt dat dit noodzakelijk en relevant blijft, maar ook dat we de uitvoering in de lidstaten kunnen vereenvoudigen. Door vervuiling te verminderen en nutriënten efficiënter te gebruiken, de circulariteit te vergroten, kunnen we zowel de milieubescherming als de veerkracht van onze landbouwsector op lange termijn ondersteunen.”, aldus Jessika Roswall, commissaris voor Milieu, Waterweerbaarheid en Circulaire Economie
Om de regelgeving te vereenvoudigen en de administratieve lasten voor boeren te verminderen, wil de Europese Commissie samen optrekken met lidstaten. De Commissie benadrukt daarbij wel dat de vereenvoudigingen geen negatieve gevolgen mogen hebben voor de waterkwaliteit.








