Roest in grasland rukt op door veranderend klimaat en lagere mestgiften

Foto's: Barenbrug
De combinatie van lage mestgiften en vochtige warme nazomers, blijkt een ideale voedingsbodem voor kroonroest in weidegras. Dit zorgt voor een toenemende bezorgdheid bij melkveehouders en grasexperts, juist omdat de grasgroei zich onder invloed van droge zomers steeds meer naar de nazomer en herfst verplaatst. De opname én opbrengst van gras worden door een roestbesmetting sterk negatief beïnvloed.

Vooral in ouder grasland en op percelen waar meerdere keren per seizoen wordt geweid, duikt de roestschimmel sneller op. De besmetting treft met name Engels raaigras, het belangrijkste voedergewas in Nederland. Onder milde temperaturen, bij een hoge luchtvochtigheid en lage (kunst)mestgift, is deze grassoort gevoelig voor roest.
Impact op voederkwaliteit en diergezondheid
De gevolgen van een roestbesmetting zijn niet te onderschatten. De schimmels verbruiken de licht verteerbare koolhydraten in de plant, waardoor de voederwaarde daalt en de verteerbaarheid afneemt. Dit heeft ook invloed op de inkuilbaarheid van het gras, omdat voeding voor melkzuurbacteriën ontbreekt. Van de andere kant mijden melkkoeien besmet gras vanwege de geur en smaak. Dit leidt tot een lagere grasopname. Hoewel roestschimmels een beperkt risico vormen voor de gezondheid van melkkoeien, is het raadzaam om alert te zijn. Zeker als het besmet gras gevoerd wordt aan hoogproductief melkvee of jongvee.
Grasklaver, een weerbaar alternatief

Niet elke weide is even gevoelig voor roest. Grasklaverpercelen laten doorgaans minder besmetting zien. Klaver is zelfs ongevoelig voor roest en verrijkt de bodem met stikstof, waardoor ook het gras minder vatbaar wordt. Bovendien stimuleert de smakelijkheid van klaver de grasopname door koeien. Kort houden van de wei door tijdig omweiden en regelmatig (uit)maaien, kunnen helpen om de besmetting te beperken. Bij herinzaai of doorzaai loont het om te kiezen voor mengsels met een hoge roestresistentie.
Jan Rinze van der Schoot, onderzoeker in Wageningen University & Research, adviseert een mengsel te kiezen met een roestresistentie van 8 of hoger. Aan een mengsel kan eventueel klaver toegevoegd worden. Dit biedt aantoonbaar de beste bescherming tegen schimmelaantasting. Barenbrug heeft meerdere mengsels die hoog scoren op resistentie tegen kroonroest, zoals Smakelijke Weide, Maaien, Weide 365 en Doorzaai.
Aanbevelingen bij roestbesmetting in grasland
Treedt roest toch op in een weide? Grijp dan tijdig in. Een eerste aanwijzing kan een verandering in het eetgedrag van koeien zijn. Op percelen die gevoelig zijn voor roest is het raadzaam om vroeg te weiden, stelt Van der Schoot, nog vóórdat de aantasting zichtbaar wordt. Wanneer er toch een lichte roestbesmetting optreedt, is het belangrijk om het gras zo snel mogelijk in te kuilen. Dit voorkomt verdere verspreiding van de schimmel. Omdat een korte grasmat minder vatbaar is voor roest, kan het helpen om het gras niet te lang te laten worden. Bij het maaien is het verstandig om altijd te beginnen met de gezonde percelen en pas daarna de besmette percelen te maaien. Besmetting van schone percelen wordt zo voorkomen.
Grasland vernieuwen en mestgiften spreiden
Ook graslandvernieuwing helpt om een roestbesmetting te voorkomen. Jong gras is minder vatbaar dan een oude weide. Van der Schoot: “Met graslandvernieuwing kun je meteen gebruik maken van de nieuwste rassen met een hoge resistentie.” Ook een goede bemestingsstrategie – met giften verspreid over het jaar – vergroot de weerbaarheid van weidegras. Gras blijft daardoor constant groeien zodat de groeiperiode tot de volgende snede kort is en roest geen vat krijgt op de weide.
Kortom: met zorgvuldig graslandbeheer, resistente mengsels en een goed bemestingsplan (inclusief bekalken voor een goede bodem-pH), is veel schade door roest te voorkomen.
Dit artikel is gemaakt in samenwerking metJan Rinze van der Schoot (Projectmanager en Onderzoeker WUR Plant Research).Verantwoordelijk voor de CGO Rassenlijst Voedergrassen.








