Melkveehouder: regionale productie heeft de toekomst

Laatst bijgewerkt:
Foto: Mark Pasveer

Foto: Mark Pasveer


Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!

VOF Elzinga schakelde om naar biologisch. De melkveehouders vinden dat kringlooplandbouw en regionale productie de toekomst heeft.‘Martinizicht’ is de biologische boerderij van de familie Elzinga in Groningen. Het bedrijf ligt ten noorden van de stad Groningen met uitzicht op de Martinitoren, vandaar de naam. “We zijn in 2000 op deze plek beland. Voorheen hadden we een melkveebedrijf in het Friese Drachtstercompagnie”, vertelt Jan Hendrik Elzinga. “We kwamen van zandgrond naar zeer vruchtbare kleigrond met een meer extensieve bedrijfsvoering. Daardoor hadden we al snel een ruwvoeroverschot.”2001: omschakeling naar biologischIn 2001 schakelde de VOF om naar een biologische bedrijfsvoering. “Een biologische werkwijze heeft met kringlooplandbouw en regionale productie de toekomst. Ik kan dat ook beter uitleggen aan consumenten”, zegt Elzinga. “Omdat de overheid streeft naar een groter aandeel biologisch, had omschakeling ook financiële voordelen via een hectaretoeslag en het betalen van minder rente op investeringen.”
Jan Hendrik Elzinga (55) heeft samen met zijn zoon Klaas (26) en zijn vrouw Jeltsje (59, niet op de foto) een VOF. De vennoten hebben een biologisch melkveebedrijf. Daarnaast houden ze vleesvee en schapen en zijn ze erg actief in het beschermen van weidevogels. - Foto: Mark PasveerVOF Elzinga beschermt weidevogelsBedrijfsgegevens
170 melkkoeien
60 stuks jongvee
100 ooien
30 Limousin-koeien en bijbehorend jongvee
204 hectare grond in gebruik, waarvan 80 hectare natuurland
199 hectare gras
5 hectare granen of luzerne
8.300 kg melk per koe per jaar
3,55% eiwit
4,40% vetNieuwbouw rundveestallenIn 2003 is de oude kop-hals-rompboerderij vervangen door een nieuw huis. In 2004 bouwde de VOF een nieuwe melkveestal en in 2013 een tweede stal met werktuigenberging en ruimte voor jongvee. In 2015 kwam er nog een stuk bij voor vleesvee, droge koeien en jongvee. “In Friesland hadden we ook al vleesvee. Een kennis vroeg of we interesse hadden in een biologische werkwijze, omdat hij biologisch rundvlees goed kon afzetten. Dat hielp ook bij de beslissing van omschakeling.”Omschakeling verliep goedOmschakelen van de grond naar biologisch verliep goed. “Met alleen drijfmest en vaste mest produceren we hier met 9 ton droge stofopbrengst per hectare ook voldoende gras”, vindt Elzinga, die 25 tot 30 kuub drijfmest met water gebruikt voor de bemesting. De HF-koeien hadden meer moeite met de omschakeling. “Ze produceerden altijd 10.000 liter melk per jaar, maar met minder krachtvoer daalde de productie. Wij vinden Holsteinkoeien minder geschikt voor een biologisch bedrijf. Daarom zijn we gaan kruisen met MRIJ, Groninger Blaarkop, Montbéliarde en Fleckvieh. De laatste twee rassen zijn gebleven en die kruisen we weer terug met HF-stieren die hoge gehaltes vererven.” Elzinga insemineert zelf de melkkoeien.Vaste mest en bodemverbeteringEr komt al 20 jaar vaste mest op de gras-klaverpercelen. “Dat verhoogt het gehalte aan organische stof in de bodem, waardoor het meer vocht vasthoudt. Dit jaar had ons grasklaverland weinig last van de droogte, ook omdat er steeds op tijd wat regel viel. Vorig jaar misten we wel 1,5 snede door droogte en muizenplaag.” In normale jaren is het bedrijf zelfvoorzienend in ruwvoer. “Droogte heeft op biologische bedrijven wel meer impact, omdat je niet kunt corrigeren met kunstmest.” De begrazing van grasland door de schapen helpt tegen de bestrijding van kweek en ridderzuring.
Jan Hendrik Elzinga brengt zijn melkkoeien naar de wei. Hij laat het melkvee zo lang mogelijk weiden, 8 tot 12 uur per dag. Dit jaar had het grasklaverland van VOF Elzinga weinig last van de droogte. De regen kwam steeds precies op tijd. De 100 schapen zet Elzinga in voor het na-grazen van grasland en dat helpt tegen onkruiden, zoals kweek en ridderzuring. 8 tot 12 uur weiden per dagIn de zomer weidt het melkvee 8 tot 12 uur per dag en vreten de koeien veel vers gras. In de winter bestaat het gemengde rantsoen uit graskuil, aangevuld met maismeel met gerst en sojaschroot. Daarnaast kunnen de koeien maximaal 10 kilo krachtvoer per dag opnemen via vier krachtvoerboxen. “Op basis van de individuele melkproductie, voeren we er één energierijke brok bij.” De vennoten zorgen extra goed voor hun droge koeien om problemen rondom afkalven te voorkomen. Ze krijgen kuilgras met een laag kaligehalte voor een goede kation-anionbalans. De close-upkoeien staan op stro en voor de far-offgroep zijn speciale flexibele buizen gemonteerd in de ligboxen. Het afkalven gebeurt in een groot strohok. “Fleckvieh start langzamer op dan Holstein, dat beperkt het risico op melkziekte.”Te veel predatie van weidevogelsElzinga is al 30 jaar actief in het behoud van weidevogels, zoals bijvoorbeeld grutto, kievit, tureluur, scholekster. “Ik word blij van vogels”, zegt Jan Hendrik. Hij steekt er samen met zijn zoon Klaas veel tijd in om zoveel mogelijk weidevogels te laten broeden op hun eigen grond en de 80 hectare natuurland. “We willen al het land aantrekkelijk maken voor weidevogels door er ruige mest op te brengen. Dat past goed bij biologisch. We maaien later op stukken met veel nesten en beweiden deze percelen ook later. Op andere percelen maaien we bewust om nesten heen. Op lage stukken land creëren we plasdras-situaties met hoog waterpeil via pompjes met zonnepanelen. Dat trekt weidevogels aan en verjaagt muizen.”
Jan Hendrik Elzinga vindt het erg jammer dat rovers van weidevogels vrij spel hebben. “Zo schiet het niet erg op met verbetering in de weidevogelstand.” Voor de weidevogels zijn op lage gronden via pompjes met zonnepanelen plas-drassituaties gecreëerd met hoog waterpeil.‘Moedeloos’In 2010 leverde al deze inspanningen onder andere 55 grutto-broedparen op. “Nu zijn er nog maar 12 paar, want predatie is echt een drama. Kraaien, vossen, buizerds, verwilderde katten, marters en ooievaars vreten veel jonge kuikens op. Soms worden we er moedeloos van”, zegt Elzinga. Het Collectief Groningen West kaart het probleem ook wel aan bij natuurbeherende instanties, maar ziet weinig beweging. “Zolang rovers van weidevogels worden beschermd, schiet het helaas niet op met verbetering in de weidevogelstand. Dat is heel erg jammer.”

Dit artikel is alleen voor abonnees

Al geabonneerd? 

Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement


Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen

Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen

Vorm je eigen mening met opinies en analyses


Bekijk aanbod

Snel delen


Sectornieuwsbrief Rundveehouderij


Reacties

Je bent niet ingelogd


Log in of maak binnen 30 seconden een account aan

Reageer op artikelen en deel je mening met anderen.