Mais in Brabant: Vrij droog met grote variatie voederwaarde

Foto: Groeikracht
De gemiddelde voederwaarde van mais in Noord-Brabant komt uit op 990 VEM en 389 gram zetmeel per kilo droge stof, bij een drogestofpercentage van 40%.Dat blijkt uit de verse maismonsters die Groeikracht Zuid, adviesorganisatie voor de ruwvoerteelt, heeft onderzocht op proefvelden en praktijkpercelen van boeren en loonwerkers in 2017. ”De mais is gemiddeld vrij droog en de voederwaarde varieert behoorlijk”, concludeert Mark De Beer van Groeikracht. De maismonsters zijn onderzocht door Eurofins Agro.Kolfaandeel lagerIn 60% van de monsters lag het drogestofgehalte boven de 40%. De gemiddelde voederwaarde ligt een fractie lager dan in 2016. Door het veelal massale gewas, is het kolfaandeel wat lager dan in 2016. Toch is het gemiddelde VEM-gehalte met 990 VEM per kilo droge stof een uitstekende energiedichtheid. De spreiding is echter groot met variaties van 932 tot 1.034 VEM. Die spreiding in voederwaarde wordt veroorzaakt door het zetmeelgehalte en de verteerbaarheid. Het zetmeelgehalte varieert bijna 160 gram, van slechts 303 gram tot zelfs 461 gram per kilo droge stof.
Artikel gaat verder onder de foto.Een van de proefvelden van Groeikracht. Foto: GroeikrachtVerteerbaarheidDe verteerbaarheid van de organische stof (VCOS) wisselt van 73% tot 79,3%. De Beer: “Deze verschillen hebben een flinke invloed op de voederwaarde en melkdrijving uit de snijmais. Voor Groeikracht is uit bovenstaande spreiding duidelijk dat een betrouwbare kuilanalyse belangrijk is voor de juiste inzet van het rantsoen. “Meten is weten, gissen is missen”, zo stelt De Beer. Lees ook: Hoger hakselen voor hogere voederwaarde
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









