‘Grondige bijeenkomst over melkveehouderij’

Foto: Bert Jansen
Netwerk Grondig wil een aparte categorie worden, maar er moet ook aan de afzet worden gedacht.Een poosje geleden was ik op de Dag van de Grondgebonden melkveehouderij, georganiseerd door Netwerk Grondig en FPG. FPG is de Federatie van Particulier Grondbezit, een club van vooral landgoedeigenaren. De bijeenkomst was bij een boer in Weesp, pal aan het Amsterdam-Rijnkanaal, bijna naast de Johan Cruijff-arena. Het was geen massale bijeenkomst, maar wel een mooi divers publiek. Naast leden van het netwerk en FPG en andere boeren, waren er mensen van allerlei milieu- en natuurclubs en bijvoorbeeld ook van CLM. Het was een bijeenkomst zoals ik ze van 40 jaar geleden ken. Met mensen met idealen, die de landbouw en het beleid willen veranderen, maar die nog niet precies weten hoe. De bijeenkomst ging dus niet over hoe het geloof in grondgebondenheid te verspreiden, maar vooral over waar je naartoe wilt en hoe je samen kunt optrekken. Een zinnige discussie dus, met soms heel verschillende meningen. Grondgebondenheid is prima, maar kom op voor je eigen groepOver wat grondgebondenheid is, is in deze kring wel brede overeenstemming: niet meer koeien dan je land hebt, simpel te controleren, want staarten tellen. Het is feitelijk de definitie van grondgebondenheid die ook in de Meststoffenwet staat. Dat is een stuk begrijpelijker dan de omschrijving van LTO: 65% eiwit van eigen land, plus voercontracten binnen een straal van 20 kilometer. Het is duidelijk dat LTO iets bedacht heeft waar vrijwel alle boeren aan kunnen voldoen en dat met grondgebondenheid niet zo veel te maken heeft. Ze zeggen dat zelf ook met zoveel woorden.Toch kan het niet alleen gaan over andere regels en uitzonderingenDe grondige deelnemers in Weesp spraken onder meer over de vraag of het streven moet zijn om de hele melkveehouderij grondgebonden te maken, of dat het slimmer is meer voor de eigen groep op te komen. In dat geval is het beter ervoor te zorgen dat regels en wetten de grondgebonden bedrijven niet in de weg zitten, en dat er passende uitzonderingen op algemene regels komen.Keurmerken en opbrengsten zijn nodig voor rendabel boerenDe hele melkveehouderij veranderen, klinkt leuk, maar is ook heel lastig. Daar komt bij dat dan de omschrijving van grondgebondenheid snel verwatert. Er was daarom toch ook veel steun voor de wat minder idealistische benadering. Feitelijk vraag je dan om een aparte benadering voor grondgebonden bedrijven: zij mogen dingen die anderen niet mogen. Het gaat dan bijvoorbeeld om uitzonderingen rond het uitrijden van mest, en rond de fosfaatregels. Dat laatste is bij de invoering van de fosfaatregels trouwens gebeurd: grondgebonden bedrijven kregen geen generieke korting.Toch kan het niet alleen gaan over andere regels en uitzonderingen. Om wat te verdienen, zal de melk ook op een rendabele manier moeten worden afgezet. Daarvoor zijn keurmerken nodig en consumenten die daarvoor willen betalen. Ook daarvoor zijn aanzetten, maar die kunnen nog een stuk grondiger.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









