Varkenshouderij

Achtergrond 7 reacties

Deelnemers stoppersregeling in kaart gebracht

Voor deelnemers aan de stoppersregeling komt de deadline van 1 januari 2020 dichterbij. Voor hen is het zaak een definitieve keuze te maken.

Frans Mostert is een van de naar schatting vele honderden deelnemers aan de stoppersregeling Actieplan Ammoniak Veehouderij. De varkenshouder mag nog tot eind 2019 doorgaan met zijn varkenstak. Hij trof ammoniakreducerende maatregelen, maar voldoet niet aan de eisen van het Besluit emissiearme huisvesting. Per 1 januari 2020 moeten de varkens van zijn bedrijf zijn. Tot die tijd worden deze dieren op zijn bedrijf gedoogd, zoals het staat omschreven in het Actieplan Ammoniak Veehouderij.

Bedrijf toekomstbestendig maken

Deelnemers aan de stoppersregeling kunnen er echter ook voor kiezen hun bedrijf voor de deadlinedatum toekomstbestendig te maken. Zij moeten dan alsnog voldoen aan de voorwaarden van het Besluit emissiearme huisvesting. In de praktijk komt dat vaak neer op de aanschaf van een of meerdere luchtwassers. De 68-jarige varkenshouder Frans Mostert gaat daarin niet meer investeren. Hij heeft er met pijn in zijn hart voor gekozen afscheid te nemen van de varkens. Gezien zijn leeftijd en zijn situatie zonder opvolger is het voor de Brabantse varkenshouder niet meer rendabel nog een luchtwasser aan te schaffen. “Investeren zou een onverantwoorde stap zijn”, aldus Mostert, die zijn bedrijf zonder varkens maar met schapen en vleesvee doorzet (zie kader onderaan artikel).

Artikel gaat verder onder de foto.

Het bedrijf van Frans Mostert in beeld. De varkenshouder neemt voor 1 januari 20202 afscheid  van zijn varkens en zoekt een herbestemming voor zijn stallen. - Foto's: Bert Jansen
Het bedrijf van Frans Mostert in beeld. De varkenshouder neemt voor 1 januari 20202 afscheid van zijn varkens en zoekt een herbestemming voor zijn stallen. - Foto's: Bert Jansen

Definitieve keuze maken

Voor andere deelnemers aan de stoppersregeling is het mogelijk wel interessant om ook na 1 januari 2020 door te gaan met het houden van varkens. Zij moeten er echter goed van doordrongen zijn dat het moment van de waarheid nadert. Verschillende adviesdiensten zoals DLV, Rombou, Agrifirm Exlan en Agra-Matic raden twijfelende varkenshouders aan snel een definitieve keuze te maken. De aanvraag van een nieuwe milieuvergunning kost nu eenmaal tijd en voor je het weet is de deadline verstreken. “Er is een groep varkenshouders die nog geen duidelijke keuze heeft gemaakt”, vertelt Jos de Groot, directeur Bouw bij DLV Advies.

Meer duidelijkheid binnenkort

De komende maanden wordt meer duidelijkheid verwacht over de stand van zaken rondom de stoppersregeling. “We zijn bezig in kaart te brengen wat individuele varkenshouders van plan zijn, zodat we ze goed kunnen adviseren”, vertelt Dick Hengeveld, senior specialist bij Rombou. Gieljan van Iersel, senior adviseur bedrijfsontwikkeling bij Agrifirm Exlan en Guus ten Hove, adviseur Varkens- en Pluimveehouderij bij Agra-Matic, laten desgevraagd ook weten dat zij bezig zijn met een inventarisatie van de keuzes van hun klanten.

POV: gedoogstoppers niet in saneringsregeling

Volgens POV-voorzitter Ingrid Jansen wordt spoedig bekend hoeveel varkensbedrijven zich voor de stoppersregeling hebben aangemeld. In het hoofdlijnenakkoord (warme sanering varkenshouderij), waar Boerderij vorige week uitgebreid over berichtte, is afgesproken dat provincies en gemeenten op korte termijn de situatie met betrekking tot zogenoemde gedoogstoppers in beeld brengen. Zo moet er zicht ontstaan op het precieze aantal stoppers en doorstarters.

Saneringsregeling

Wat Jansen betreft worden deelnemers aan de stoppersregeling niet toegelaten tot de saneringsregeling. “Op basis van de uitkomst van de inventarisatie van de provincies en gemeenten wordt besloten of het doelmatig is om gedoogstoppers toe te laten tot de saneringsregeling. Gemeenten hebben hierin een specifieke verantwoordelijkheid, omdat zij toezien op de handhaving van deze gedoogregeling. De POV is geen voorstander om gedoogstoppers toe te laten en pleit op dit punt voor hardere toezeggingen.”

Artikel gaat verder onder de foto.

“De varkens gaan weg, maar we gaan door met de schapen en het vleesvee. Ons bedrijf stopt niet", aldus veehouder in hart en nieren Frans Mostert.
“De varkens gaan weg, maar we gaan door met de schapen en het vleesvee. Ons bedrijf stopt niet", aldus veehouder in hart en nieren Frans Mostert.

Mogelijk tijdelijke dip in vleesvarkensplaatsen

Het is niet precies bekend hoeveel varkenshouders zich hebben aangemeld voor de stoppersregeling.

Volgens DLV Advies gaat het waarschijnlijk om meer dan 1.500 bedrijven, waarvan wel 1.000 in Noord-Brabant. Het is afwachten wat het precieze effect is op het aantal zeugen en vleesvarkens in ons land. “Het gaat voornamelijk om kleine vleesvarkensbedrijven. Zij hebben het aantal dieren meestal al teruggebracht om te voldoen aan de eisen van de stoppersregeling”, aldus Jos de Groot.

‘Een aanzienlijk deel van de bedrijven stopt’

Dip vleesvarkensplaatsen

De DLV’er sluit niet uit dat de stoppersregeling in de volle breedte voor een tijdelijke dip in het aantal vleesvarkensplaatsen gaat zorgen. De bedrijven met minder dan 2.000 vleesvarkens zijn goed voor 1,7 miljoen vleesvarkensplaatsen, zo blijft uit de Gecombineerde opgave. “Een aanzienlijk deel van deze bedrijven stopt. Zolang de rechten niet worden opgekocht in het kader van de warme sanering blijven ze in de markt. Of ze dan weer worden ingezet voor vleesvarkens is grotendeels afhankelijk van de prijsontwikkelingen”, aldus De Groot.

Doorstart

Gieljan van Iersel van Agrifirm Exlan schrikt niet van de raming dat mogelijk zo’n 1.500 varkensbedrijven deelnemen aan de stoppersregeling. “Ik vind dat een realistische schatting.” Hij is benieuwd hoeveel ondernemers uiteindelijk kiezen voor een doorstart. “Voor vleesvarkenshouders die technisch goed draaien, kan het financieel de moeite waard zijn om een of meerdere stallen aan te passen en alsnog door te gaan, zeker buiten Brabant.” Van Iersel wijst erop dat varkenshouders in Noord-Brabant aan strengere eisen zijn gebonden. Zij moeten voor iedere stal 85% ammoniakemissie realiseren vanwege de Verordening natuurbescherming. “Buiten die provincie gelden de eisen van het Besluit emissiearme huisvesting. Een doorstart is dan sneller en tegen lagere kosten kloppend te maken”, aldus de senior adviseur bedrijfsontwikkeling.

Zoektocht naar herbestemming gebouwen

Het besluit van Frans Mostert om de varkens vaarwel te zeggen, staat wel vast. Net als de Brabantse varkenshouder zijn veel van zijn stoppende collega’s nu op zoek naar een nieuwe invulling van hun gebouwen. “Ruimte-voor-ruimte, staldering, sloop of een herbestemming in de lichte industrie kunnen in dit soort situaties interessant zijn. Wellicht kan een hovenier nog iets met de gebouwen”, aldus Guus ten Hove van Agra-Matic.

Gieljan van Iersel voegt daar nog een aantal alternatieven aan toe. “Je kan ook denken aan een recreatietak, winkel of zorgtak. Misschien zijn zonnepanelen een optie. In Noord-Brabant is de regeling ‘Stal eraf, zon erop’ mogelijk interessant.”

Welke richting deelnemers aan de stoppersregeling ook inslaan, adviseurs zijn het erover eens dat de definitieve keuze zo langzamerhand gemaakt moet worden.

‘Deze keuze werd voor ons gemaakt’

Frans Mostert neemt met tegenzin deel aan de stoppersregeling.

“Ik ben een veehouder in hart en nieren. Ik praat liever niet iedere dag over het feit dat mijn varkens weggaan. Maar dat is nu eenmaal wel aan de orde. Er komt daardoor ook het nodige op ons af. Voor mij is het zaak een goede herbestemming voor de gebouwen te vinden. Daar heb ik nog anderhalf jaar de tijd voor.” Nuchter en realistisch vertelt de 68-jarige Frans Mostert over zijn deelname aan de stoppersregeling Actieplan Ammoniak Veehouderij. Het is alweer enkele jaren geleden dat hij besloot per 1 januari 2020 te stoppen met het houden van varkens. “We hebben 4 zoons en 1 dochter. Zij hebben er geen interesse in het bedrijf over te nemen. Dat is niet erg. Ik zie weinig toekomst voor gezinsbedrijven. De kinderen hoeven mijn problemen ook niet op te lossen. Gezien mijn leeftijd was het niet rendabel om nog eens € 80.000 te investeren in een luchtwasser en alles wat daarmee samenhangt. Dat was een onverantwoorde stap geweest. Deelname aan de stoppersregeling was daarom eigenlijk onontkoombaar. Maar die keuze werd in feite voor mij gemaakt, terwijl ik nog niet aan stoppen toe ben.”

Artikel gaat verder onder de foto.

Naam: Frans Mostert (68). Plaats: Someren (N-B). Bedrijf: Gemengd bedrijf met 1.000 varkens (voergeld), 100 schapen en 15 stuks vleesvee. Bij het bedrijf hoort 15 hectare, waarvan 10 hectare pacht.
Naam: Frans Mostert (68). Plaats: Someren (N-B). Bedrijf: Gemengd bedrijf met 1.000 varkens (voergeld), 100 schapen en 15 stuks vleesvee. Bij het bedrijf hoort 15 hectare, waarvan 10 hectare pacht.

Reductie ammoniak

Ook zonder luchtwasser was Mostert als stopper verplicht ammoniakreducerende maatregelen te treffen. Hij zei de zeugentak vaarwel. Dat was een emotionele beslissing voor de veehouder, die het bedrijf vanaf 1971 opbouwde en de aanfok in eigen handen had. “Het houden van vee zit in ons bloed. We hebben nooit dieren aangevoerd”, aldus Mostert, die afscheid nam van 230 zeugen. Hij schaalde het aantal vleesvarkens op van 600 naar 1.000 en koos voor een voergeldcontract.

Verouderde gebouwen

De 3 varkensstallen op het bedrijf dateren uit 1971, 1980 en 1990. Het zijn degelijke, maar verouderde gebouwen. Mostert zoekt naar een goede herbestemming van de stallen. Daarbij denkt hij aan opslagruimte voor de verhuur. Verhuizen is voor hem nog geen optie. “We hebben het hier naar onze zin en genieten iedere dag van het werken met onze dieren. De varkens gaan weg, maar we gaan door met de schapen en het vleesvee. Ons bedrijf stopt niet. Ik vind het te vroeg om naar het dorp te gaan en achter de geraniums te zitten.”

Medewerking gemeente

Bij het vinden van een herbestemming rekent Mostert niet op veel medewerking van de gemeente. “Alles is verboden, tenzij verplicht. Ik word gezien als een stoppende boer.” De veehouder vreest dat hij zelf voor eventuele sloop- en asbestsaneringskosten moet opdraaien. “Dat is het doemscenario”, aldus Mostert, die de restwaarde van het bedrijf en de bijbehorende varkensrechten als zijn pensioen beschouwt.

Laatste reacties

  • vinnetrad

    een kruidenier op de hoek die 68 jaar is en last heeft van een groot winkelbedrijf verderop die doet zijn winkel van de hand en stopt, logisch toch ?.
    Hij krijgt ook geen overheids geld.
    Maar boeren blijven maar klagen en intussen groter groeien,produceren op een volle markt,zich niet afvragen kan de markt dit verwerken,waar moet ik met mijn mest heen. Toch uit eindelijk geen probleem de overheid lost het wel op !!! NIET DAN !!

  • Hogman1

    een lidl supermarkt beginnen in die varkenstal en het probleem is opgelost
    wat een vergelijk vinnetrad
    die mens had nog wel 10 jaar varkens willen houden maar dat vindt de overheid niet goed
    hij mag niks anders doen met die varkensstal ook dat vindt de overheid niet goed

  • vinnetrad

    68 jaar en dan nog 10 jaar waarvoor ? geen Lidl ,gewoon stoppen en genieten ,zonder subsidie.

  • kleine boer

    vinnetrad waarom zou stoppen genieten zijn? Hij zou wel tijd hebben om beetje te stoken op groene sites net als jij hier doet.

  • GerritLozeman

    Wat een hypocriete opstelling van het POV. Vorig jaar zei Erik Douma op een ledenbijeenkomst in Dalfsen dat er ook voor de stoppers zou worden opgekomen. Ik concludeer momenteel dat Ingrid Jansen alle macht naar zich toe trekt en zij alleen voor de grote bedrijven is die koste wat kost door moeten. Daarom adviseer ik iedereen die het hier niet mee eens is voor 1-12 2018 zijn lidmaatschap op te zeggen.

  • moniek

    wwwdalfsen.nl

  • Ik denk dat ik me maar eens niet aan de afspraken binnen de stoppersregeling hou net als de Burgemeester die me middels een vergunning het beloofde een aantal varkens te mogen houden en vervolgens zich daar ook niet aan hield en me de stoppersregeling opdrong . Kijken wat er gebeurd ......ik heb al gemeld dat mijn privé ,even privé is als dat van hen ,ik zal zijn gezin (en dat van ambtenaren )met evenveel respect behandelen als zij mijn privé en mijn gezin gaan behandelen ,dreigbrieven en dwangsommen zal ik in de avonduren terugbrengen bij de opdrachtgever of ambtenaar

Laad alle reacties (3)

Of registreer je om te kunnen reageren.