Varkenshouderij

Achtergrond

Meerwaarde biologische varkenssector met EKO-code

Aan de hand van de EKO-code willen biologische varkenshouders die leveren aan de Groene Weg hun bedrijven verduurzamen en zichtbaarder maken, om zodoende meerwaarde te creëren. Joost van Alphen legt uit hoe dat gaat.

Samen met zijn vrouw Jacqueline heeft Joost van Alphen nabij vestingstad Heusden (Noord-Brabant) een groot biologisch varkensbedrijf met bijna 400 zeugen en 1.700 vleesvarkens. Sinds een half jaar is Van Alphen voorzitter van de leveranciersvereniging van slagersformule en ketenregisseur De Groene Weg. Met de zogenoemde EKO-code willen de biologische varkenshouders hun bedrijven verduurzamen en zichtbaarder maken, om zodoende een stukje meerwaarde te creëren.

Wat is de meerwaarde van de EKO-code?

“Ieder biologisch varkensbedrijf is uniek. De 95 leveranciers van De Groene Weg onderscheiden zich op allerlei manieren. Vaak doen we meer dan volgens toezichthouder Skal Biocontrole verplicht is. Daarbij denk ik aan extra maatregelen op het gebied van dierenwelzijn, gebruik van restproducten en omgang met de natuur. We hebben allemaal een goed verhaal en willen onze bovenwettelijke inspanningen via marketing en communicatie meer naar voren laten komen. Zo willen we onze bedrijfsvoering tastbaarder maken voor onze afnemers en een stukje meerwaarde creëren.”

Met behulp van de EKO-code willen we het basisniveau van de biologische varkenshouderij verhogen

Wat houdt dat concreet in?

“Met behulp van de EKO-code willen we het basisniveau van de biologische varkenshouderij verhogen. We willen onze bedrijven verder verduurzamen en verbeteren. Binnen de EKO-code zijn verschillende aspecten van de bedrijfsvoering in categorieën onderverdeeld. Daarbij kun je denken aan dierenwelzijn, energie en klimaat en de kringloop. Binnen iedere categorie zijn punten te halen.”

Wat komt er in de EKO-code nog meer aan bod?

“Er is een scala aan maatregelen te bedenken om je bedrijfsvoering te verbeteren. Binnen de categorie Puur en Schoon wordt onder meer gelet op de waterkwaliteit, ongediertebestrijding, gebruik van alternatieve middelen en van desinfecteermiddelen. Ook is er binnen de EKO-code aandacht voor technische kengetallen. Wat is de dierdagdosering en wat zijn de uitvalscijfers bij zeugen, biggen en vleesvarkens? Binnen alle categorieën zijn streefwaardes opgesteld. Op die manier kun je punten verzamelen.”

Joost van Alphen: “Ieder biologisch varkensbedrijf is uniek. De 95 leveranciers van De Groene Weg onderscheiden zich op allerlei manieren. Vaak doen we meer dan volgens toezichthouder Skal Biocontrole verplicht is." - Foto: Bert Jansen
Joost van Alphen: “Ieder biologisch varkensbedrijf is uniek. De 95 leveranciers van De Groene Weg onderscheiden zich op allerlei manieren. Vaak doen we meer dan volgens toezichthouder Skal Biocontrole verplicht is." - Foto: Bert Jansen

Hoe wordt de EKO-code door de biologische bedrijven ontvangen?

“Over het algemeen positief. Het is een uitdaging om binnen de EKO-code meer punten te scoren en je bedrijf te verbeteren. Sommige leden van de leveranciersvereniging zijn iets gereserveerder en zien de EKO-code als een bedreiging. Alle leveranciers van De Groene Weg werken nu al met de EKO-code en vullen deze in. 2018 is een opstartjaar. We gaan komende winter evalueren. Dan gaan we kijken waar we staan en weten we waar we aan moeten werken. Bedrijven zien dan ook waar ze per onderdeel nog kunnen verbeteren. De EKO-code is bedoeld als een positieve stimuleringsmaatregel. We werken op dit moment niet met sancties. Straffen werkt averechts.”

Wat doet u zelf om uw bedrijf te verduurzamen en punten te scoren voor de EKO-code?

“We zetten in op klimaatneutraal produceren. We hebben in juni 930 zonnepanelen gelegd. Die zijn goed voor 250.000 kilowattuur per jaar en maken ons zelfvoorzienend op het gebied van elektriciteit. Met onze houtkachel zijn we ook zelfvoorzienend op het gebied van warmte. Daarnaast zetten we in op maximaal gebruik van reststoffen. We voeren tarwegries, kaaswei, tarwezetmeel, sojamelk en maismeel. Alle producten zijn uiteraard biologisch. Ze vormen 80% van het totale rantsoen. Een gedeelte van ons voer verbouwen we zelf. Ook kunnen we de mest gedeeltelijk kwijt op eigen grond. Daarnaast doen we veel op het gebied van communicatie. We organiseren open dagen en excursies. Dat zijn sterke punten.”

De uitval is bijna 20%. Dat is op ons bedrijf onder de maat. Ik ben wat dat betreft best kritisch op mezelf

Waar valt voor jullie winst te behalen?

“De biggenuitval is bij ons zeker een aandachtspunt. We komen nog niet aan het gemiddelde in onze sector. De uitval is bijna 20%. Dat is op ons bedrijf onder de maat. Ik ben wat dat betreft best kritisch op mezelf.”

Wat doet u eraan de biggensterfte terug te dringen?

“We zijn bezig met het omschakelen naar andere genetica. We willen een rustigere zeug, die meer kenmerken van het landras heeft. Dat aspect is een verhaal van de lange adem. In de kraamstal zijn we bezig met het doorvoeren van verbeterslagen. We letten extra op het gebruik van onderkruipen en warmtelampen en besteden simpelweg meer tijd en aandacht aan onze dieren.”

Hoe ziet de markt voor biologisch varkensvlees er uit?

“Ik ben positief als het gaat over de lange termijn. We maken als sector een constante groei door. Wat betreft de korte termijn ben ik wat minder positief. Het ruime aanbod van biologisch varkensvlees bemoeilijkt de afzet. Het is lastig om vraag en aanbod goed op elkaar af te stemmen. Gelukkig houden de meeste afnemers daar rekening mee. Dat is een goede ontwikkeling.”

Lees ook: ’Veel maatregelen gaan op termijn geld opleveren’

Of registreer je om te kunnen reageren.