Rundveehouderij

Partner

Gemengd voeren of voer mengen?

Mengen is een werkwoord. Het is een arbeidsintensief klusje, dat zorgvuldig uitgevoerd moet worden. In de praktijk gaat het mengen van voer nog wel eens mis. En dat terwijl met een paar kleine aanpassingen een prachtig resultaat bereikt kan worden.

Als melkveehouder wil je dat de koeien aan het voerhek niet kunnen selecteren. Iedere koe zou hetzelfde voorgeschoteld moeten krijgen, op elk moment van de dag. Dit zorgt ervoor dat de koe zoveel mogelijk drogestof binnenkrijgt. Dit zorgt voor een goed pensmilieu, een hoge melkproductie, goed verteerde mest en bovenal gezonde koeien.

Maatwerk

Gemengd voeren is maatwerk per bedrijf. Het is afhankelijk van onder andere de voermengwagen, de voeders, deeltjeslengte, drogestof en het aandeel krachtvoer in het basisrantsoen. Het drogestofgehalte en de deeltjeslengte zijn dus geen doel op zich, maar slechts een middel om tot een goed gemengd rantsoen te komen.

Zin en onzin van water

Een mooi voorbeeld is het toevoegen van water. Als water een positief effect heeft op de opname van drogestof en selectie tegengaat, is het toevoegen hiervan zinvol. Stelregel hierbij is dat je een voormengsel maakt. Dit mengsel moet 40 tot 45 procent drogestof bevatten. Dit papje heeft de textuur van bierborstel en zorgt ervoor dat het meel aan het ruwvoer plakt. Daardoor kiezen de koeien niet de krenten uit de pap.

Papje maken

Maar hoe bereik je dit? Om tot een voormengsel van 40 tot 45 procent drogestof te komen, voeg je 1 tot 1,5 liter water per kilo meel toe. Begin met het meel en voeg daarna water toe, zodat het meel van de vijzels gespoeld wordt. Meng vervolgens tot je na een paar minuten een papje krijgt. Vervolgens kun je het overige voer toevoegen, te beginnen met het mineralenmengsel.

Geen nacht laten staan

Sommige melkveehouders laten dit mengsel een nacht inweken. Dit is af te raden, omdat het voer aan voedingswaarde verliest. Wanneer de resultaten juist wel verbeteren bij het inweken, is het verkeerde grondstoffenmengsel gebruikt. Dan kunnen er beter en sneller oplosbare grondstoffen gekozen worden, zodat de voedingswaardeverliezen tot een minimum beperkt blijven. Een ander risico van inweken is het ranzig worden van vetten en oliën.

Na het voeren

Ben je klaar met voeren? Maak de mengwagen dan regelmatig schoon. Draai hem na het voeren goed leeg zodat er geen voer achterblijft. Zo krijgen broei en schimmels geen kans. Als het warm is, gebruik dan een broeiremmer in het rantsoen. Dan blijft het voer fris en smakelijk. Mocht je meer informatie willen over gemengd voeren, neem dan contact op met een van onze specialisten.

Tip voor de voermengwagen

  • Een voermengwagen is bedoeld om voer te mengen en vooral niet om voer te snijden. Probeer het gras daarom al tijdens de oogst te verkleinen door middel van hakselen;
  • Zorg dat de messen van de mengwagen scherp zijn;
  • Monteer altijd een magneet, zodat er geen spijkers, ijzerdraad en andere rotzooi tussen het voer kan komen;
  • Controleer periodiek de weeginrichting, zodat de rantsoenberekening blijft kloppen;
  • Meng met voldoende toeren voor een goed mengresultaat, 25 omwentelingen per minuut is het streven.

Wil je meer weten over rantsoenen en goede melkproductie? Lees hier meer.