Pluimveehouderij

Nieuws 2 reacties

Chickfriend-bestuurders: we vertrouwden ons middel

123 pluimveehouders willen dat het bedrijf Chickfriend opdraait voor de schade die zij hebben geleden tijdens de fipronil-crisis. Bij de eerste zitting in deze zaak lieten ook de eigenaren van ChickFriend voor het eerst van zich horen.

De twee hoofdverdachten in de fipronil-affaire hebben nooit geweten dat hun middel schadelijk was. Dat zeiden ze woensdag in de rechtbank in Arnhem. Het is voor het eerst dat de twee een verklaring naar buiten brengen.

‘We vertrouwden Patrick op zijn blauwe ogen’

Mathijs IJ. en Martin van de B. waren de eigenaren van bloedluisbestrijder Chickfriend. In de zomer van 2017 werd bekend dat bij bedrijven waar zij schoonmaakten een te hoge dosis van het verboden middel fipronil in de eieren zat. Bedrijven werden stilgelegd, eieren vernietigd en 3,5 miljoen kippen werden geruimd. De vraag of Chickfriend aansprakelijk is voor de door de pluimveehouders geleden schade, lag woensdag 30 oktober voor in een civiele rechtszaak in Arnhem. Wat er precies zat in het middel Dega-16, dat de twee in de stallen spoten, wisten ze niet. Chickfriend had hun Belgische leverancier Patrick R. gevraagd naar een product dat goed te vernevelen was. De testresultaten waren verbluffend. ‘Te mooi om waar te wezen?’ vroeg een van de rechters. “We vertrouwden Patrick op zijn blauwe ogen”, reageerde IJ. Pas vlak voor de inval door de NVWA kregen ze argwaan. “Ik had hiervoor nog nooit van fipronil gehoord.”

Inbeslagname van verdacht materiaal in opdracht van de NVWA in 2018. - Foto: ANP
Inbeslagname van verdacht materiaal in opdracht van de NVWA in 2018. - Foto: ANP

Schade verhalen op Chickfriend

De fipronil-crisis zorgde uiteindelijk voor tientallen miljoenen euro’s aan schade. Maar wie gaat dat betalen? In juli oordeelde de rechtbank in Den Haag dat de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) niet voor de schade hoeft op te draaien. Nu proberen de pluimveehouders de schade te verhalen bij het bedrijf dat wordt gezien als de veroorzaker van deze crisis: Chickfriend. 123 pluimveehouders willen dat Chickfriend voor de schade opdraait en anders diens verzekeraar.

Verzekeraar

Bij alle 123 pluimveebedrijven die het Barneveldse bedrijf nu aansprakelijk stellen, kwamen ‘de jongens met hun wondermiddel’ langs om bloedluis te bestrijden. En bij alle bedrijven bleek later een te hoog gehalte fipronil in de eieren te zitten, zegt advocaat Anita Winter. Bij sommige bedrijven duurde het weken voordat het verboden middel volledig uit de stallen verdwenen waren. Al die tijd mochten ze geen eieren leveren. Chickfriend gebruikte Dega-16, een middel op basis van esoterische oliën, zo hoorden de pluimveehouders. Dat daar wel degelijk fipronil in zat, bleek uit monsters genomen op de machines van het bedrijf, zegt ze. Maar op vragen wie de verzekeraar van Chickfriend is, geven de twee eigenaren niet thuis. Onduidelijk is of er überhaupt een verzekeraar is. “Chickfriend nam geen enkele verantwoordelijkheid en schuift alles af. Excuses zijn bovendien nooit gemaakt.”

Als de schade wel door Chickfriend is veroorzaakt, betreurt ze dit en biedt ze daarvoor excuses aan. Maar de bestuurders hebben dit nooit geweten. Chickfriend hoopt van harte dat de Belgische leverancier hiervoor verantwoordelijk gehouden kan worden

Mark Murris, advocaat van Chickfriend

‘Geen overtuigend bewijs’

Via een civiele procedure bij de rechtbank in Arnhem poogde Winter met twee collega’s te bewijzen dat er een direct verband ligt tussen de schade van de pluimveehouders en het handelen van Chickfriend. Maar het bedrijf zegt dat ze deed wat gevraagd was: het met succes bestrijden van bloedluis. Ze deed dat echter door het niet toegestane bestrijdingsmiddel fipronil te gebruiken. Advocaat Mark Murris – die Chickfriend bijstaat – ziet geen overtuigend bewijs dat die verhoogde concentratie fipronil in de eieren een gevolg is van het handelen van het bedrijf uit Barneveld. “Ruim twee jaar na de arrestatie van de twee bestuurders is het Openbaar Ministerie nog altijd aan het onderzoeken.”

Eric Hubers (2L), voorzitter Pluimveehouderij bij LTO Nederland, bij de rechtbank waar de rechter deze zomer uitspraak deed in de zaak die LTO Nederland aanspande tegen de NVWA over de fipronil-crisis in 2017. Volgens de landbouworganisatie had de schade bij pluimveehouders voorkomen kunnen worden als de toezichthouder haar taken beter had uitgevoerd. - Foto: ANP
Eric Hubers (2L), voorzitter Pluimveehouderij bij LTO Nederland, bij de rechtbank waar de rechter deze zomer uitspraak deed in de zaak die LTO Nederland aanspande tegen de NVWA over de fipronil-crisis in 2017. Volgens de landbouworganisatie had de schade bij pluimveehouders voorkomen kunnen worden als de toezichthouder haar taken beter had uitgevoerd. - Foto: ANP

Volgens hem is het nog maar de vraag of Mathijs IJ. en Martin van de B. vervolgd gaan worden. Murris wijst de beschuldigende vinger naar de Belgische leverancier van het bestrijdingsmiddel. “Als de schade wel door Chickfriend is veroorzaakt, betreurt ze dit en biedt ze daarvoor excuses aan. Maar de bestuurders hebben dit nooit geweten. Chickfriend hoopt van harte dat de Belgische leverancier hiervoor verantwoordelijk gehouden kan worden.”

Er stonden meer producten die we aan het testen waren. Door de schrikreactie en dat we niet wisten wat er precies in zat, wilden we die weg hebben

Chickfriend-bestuurder Matthijs IJ.

Dega-16 had nooit gebruikt mogen worden

“We hebben nooit een moment gehad dat we dachten verkeerd bezig te zijn”, zei Mathijs IJ. Zijn verklaring en die van compagnon Martin van de B. in deze rechtszaak zijn opvallend omdat het OM tot nu toe tegenover twee zwijgende verdachten zat. Toch blijkt uit een WhatsApp-conversatie tussen de twee dat vlak voor de controle van de NVWA ‘die proeven’ weggehaald moesten worden. Wat zat er dan in die verwijderde jerrycans? “Er stonden meer producten die we aan het testen waren. Door de schrikreactie en dat we niet wisten wat er precies in zat, wilden we die weg hebben”, zei IJ. Toch werd ook twee dagen na de inval nog gespoten in een lege stal. Dat kon volgens hun Belgische leverancier Patrick R. geen kwaad, zei Van de B. Ze wisten niet dat er verboden stoffen in hun bestrijdingsmiddel zat, zeiden ze. Een potentiële klant vroeg ze in 2016 al om de samenstelling en om papieren van het middel. IJ. verwees de man door naar de Belg, waarna het contact doodliep. IJ.: “Er is toen nooit een belletje bij mij gaan rinkelen.” Los van wat er in Dega-16 zat: het had sowieso niet gebruikt mogen worden, zei advocaat Thijs Franssen namens de Staat. Het product had namelijk geregistreerd moeten worden. Dat is nooit gebeurd.

Uitspraak in januari 2020

De rechtbank in Arnhem beslist in januari of de heren aansprakelijk te stellen zijn voor de schade van 123 pluimveebedrijven. Is dat het geval, dan wordt daarna in een aparte procedure de hoogte daarvan bepaald. Tegen het duo loopt ook nog een strafrechtelijk onderzoek.

Laatste reacties

  • Kelholt

    Van een kale kip valt niet te plukken...

  • hondwafwaf

    Naam bij je beroep... IJ

Of registreer je om te kunnen reageren.