Pluimveehouderij

Achtergrond 1 reactie

‘Scharrelkuikens mooie tweede tak’

Mark en Cariene van de Bunt bouwden in Lelystad een nieuwe scharrelvleeskuikenstal voor 29.250 dieren. Eind juli namen ze deze gebruik, nadat er op Koningsdag nog werd geheid. Mark van de Bunt vertelt erover.

De bouw van een nieuwe pluimveestal gaat soms razendsnel. Van de Bunt kan erover meepraten. “Op Koningsdag werd hier nog geheid. Nu zijn we drie maanden verder en hebben we kuikens in de stal.” Hij gelooft niet dat de bouwsnelheid ten koste is gegaan van de kwaliteit. “Daar ben ik namelijk erg tevreden over. Als ik ooit nog eens een stal neer ga zetten, schakel ik zo dezelfde mensen weer in.”

Waarom hebben jullie gekozen voor scharrelvleeskuikens als tweede tak?

“Het is een mooie aanvulling op ons akkerbouwbedrijf. De combinatie is ideaal. We gebruiken tarwe van eigen land om aan onze kuikens bij te voeren. Het grootste gedeelte van de mest kunnen we terugplaatsen. Dat is duurzaam produceren. Met omgerekend 5,6 rondes per jaar hebben we relatief weinig arbeidspieken. Dat is goed te combineren met de akkerbouwtak. We vinden het bovendien een mooie bedrijfstak om uit te dragen. In een zichtruimte kunnen we mensen ontvangen en hen de dieren laten zien. De kuikens groeien langzaam, hebben veel ruimte en afleiding en een natuurlijk dag- en nachtritme. Dat spreekt ons erg aan. Daarnaast beschouwen we deze tweede tak ook als een stukje risicospreiding.”

Mark van de Bunt poseert op de graansilo. Jaarlijks is 200 tot 230 tarwe nodig voor het bijvoeren van de kuikens. - Foto: Galama Media
Mark van de Bunt poseert op de graansilo. Jaarlijks is 200 tot 230 tarwe nodig voor het bijvoeren van de kuikens. - Foto: Galama Media

De stal is maar deels onderheid, waarom hebben jullie daarvoor gekozen?

“De vloer rust op de grond en is vrijdragend. De spanten staan wel op heipalen. Dat geldt ook voor de graan- en voersilo‘s. In totaal zijn er zo’n 160 heipalen gebruikt. Als we ook de stalvloer hadden onderheid, waren misschien wel het dubbele aantal heipalen nodig geweest. Het was een weloverwogen keuze, die we mede op advies van de stalbouwer en andere specialisten hebben gemaakt. We hebben er zeker € 80.000 mee bespaard.”

Jullie willen de warmte van de kuikens hergebruiken. Hoe werkt dat precies?

“Voor aanvang van de eerste ronde hebben we behoorlijk moeten stoken om de vloer op temperatuur te krijgen. Vanaf de tweede ronde is dat hopelijk niet meer nodig. Onder de stalvloer ligt een laag van 40 tot 60 centimeter freesasfalt. Het freesasfalt dient als warmtebuffer. Na een week leegstand verwachten we dat de stalvloer nog aardig op temperatuur is. De stalwanden zijn 40 centimeter naar beneden doorgezet, om de warmte zo goed mogelijk vast te houden.”

Video: Theo Galama

U was chauffeur en elektromonteur. Nu bent u akkerbouwer en vleeskuikenhouder. Dat is een hele switch.

“Mijn roots liggen op de Veluwe. Mijn ouders hebben in Hoevelaken een vleeskalverbedrijf. Ik ben vier jaar chauffeur geweest en heb ruim zeven jaar als elektromonteur gewerkt. Sinds begin dit jaar ben ik fulltime boer op het voormalige bedrijf van mijn schoonouders. Het was inderdaad een hele switch. Dat dit het zou worden, had ik niet kunnen bedenken.”

Hoe leert u de kneepjes van het vak?

“Bij een scharrelvleeskuikenhouder in de buurt heb ik meegeholpen met het laden en lossen. Ook heb ik daar een paar keer als vakantiekracht gewerkt. De begeleiding van Coppens Diervoeding is daarnaast perfect. Zij zitten er bovenop. Mijn schoonvader is bovendien nog nauw betrokken bij de akkerbouwtak.”

Eén reactie

  • p.stroo1

    Is het wel de tweede tak is de omzet in kuikens niet hoger als de akkerbouw en in de akkerbouw heb je meer gewassen. Dan zou ik graag willen dat je dit als eerste tak benoemd. In de akkerbouw ben je al langer bezich en dan is het nu belangrijk dat je meer tijd in de kuikens bezich bent.

Of registreer je om te kunnen reageren.