3 reacties

‘Mestafzet goedkoper wanneer sectoren samenwerken’

Het Nederlandse mestprobleem bestaat al vele jaren. Als verschillende sectoren samen werken aan verwerking, is dat voor iedereen voordeliger, constateert Harry Luesink op basis van onderzoek.

Door het verlagen van de gebruiksnormen en de uitbreiding van de melkveestapel is de druk op de mestmarkt tussen 2012 en 2016 flink toegenomen. Met als gevolg dat de mestafzetprijzen voor de rundvee- en varkenshouders in die periode aanzienlijk stegen. In 2006 en 2007 betaalden pluimveehouders minstens € 30 per ton om van hun mestoverschot af te komen.

Duidelijke keuzes in voeraanpassing en mestverwerking

Vanaf 2008 verwerkt de mestcentrale van BMC-Moerdijk jaarlijks een derde van de geproduceerde pluimveemest en de kosten daalden tot € 10 per ton. Is zoiets ook mogelijk voor de varkens- en rundveehouderij? Mijn antwoord daarop is ‘Ja!’, mits alle neuzen dezelfde richting op wijzen.

Voor de goedkoopste oplossing voor het mestoverschot werken rundvee- en varkenshouderij samen. Ze maken duidelijke keuzes in voeraanpassingen en/of mestverwerking waar alle betrokkenen, van mengvoerproducenten tot boeren en verwerkers, zich aan committeren. Dit werd onlangs berekend door Van Wagenberg et al (2019) van Wageningen Economic Research.

165 miljoen kilo fosfaat vanaf 2020

Vanaf 2020, wanneer de voorgenomen sanering van de varkenshouderij is gerealiseerd, zal de jaarlijkse mestproductie in Nederland naar verwachting ongeveer 165 miljoen kilo fosfaat bevatten. Daarvan kan, met de huidige gebruiksnormen, 127 miljoen kilo in Nederland worden afgezet. Als alle pluimveemest is geëxporteerd of verwerkt blijft er nog 10 miljoen kilo fosfaat uit varkens- en rundveemest over die niet in Nederland kan worden afgezet.

Lees verder onder de foto

Vanaf 2020, wanneer de voorgenomen sanering van de varkenshouderij is gerealiseerd, zal de jaarlijkse mestproductie in Nederland naar verwachting ongeveer 165 miljoen kilo fosfaat bevatten. - Foto: Bert Jansen
Vanaf 2020, wanneer de voorgenomen sanering van de varkenshouderij is gerealiseerd, zal de jaarlijkse mestproductie in Nederland naar verwachting ongeveer 165 miljoen kilo fosfaat bevatten. - Foto: Bert Jansen

Goedkoopste oplossing vergt gezamenlijke inspanning

Onderzoek door Van Wagenberg et al (2019) wijst uit dat de goedkoopste oplossing voor deze mestoverschotten een gezamenlijke inspanning vergt. De melkveehouderij verlaagt de fosfor- en stikstofgehaltes in het voer en scheidt in Zuidoost-Nederland zoveel melkveemest tot alle overschotstikstof in de dunne fractie zit. Alle rundvee- en varkensmest kan dan in Nederland worden afgezet, op ongeveer 1,5 miljoen ton vleesvarkensdrijfmest na.

Het is mogelijk om alle overschotmest van rundvee en varkens in Nederland te plaatsen

Deze mest, die 5 miljoen kilo fosfaat bevat, wordt na een eventuele be- of verwerkingsslag geëxporteerd. Hoe dat gebeurt, maakt economisch niet zo veel uit; volledig korrelen, alleen de dikke fractie van gescheiden mest korrelen, BioEcoSim of de Groene Mineralen Centrale, de kosten per ton zijn vrijwel gelijk. Het is mogelijk om alle overschotmest van rundvee en varkens in Nederland te plaatsen, maar dan moeten de fosfor- en stikstofgehaltes in het voer van melkvee en varkens verder worden verlaagd dan die bij de goedkoopste situatie, de totale kosten zijn dan hoger.

Voor succes van mestverwerking op lange termijn moet een systeem worden opgezet waarbij de aanvoer van mest naar verwerkers wordt gewaarborgd, ook wanneer afzet op de binnenlandse markt goedkoper is. Het systeem van verplichte mestverwerking, dat al in de mestwetgeving is vastgelegd, is hiervoor een goede basis.

Kosten melkveesector compenseren

De berekeningen hebben plaatsgevonden op nationaal niveau voor sectoren; voor individuele bedrijven kan het economisch resultaat echter anders uitpakken dan het gemiddelde op sectorniveau. Bij de goedkoopste situatie worden er maatregelen genomen – en kosten gemaakt – door de melkveesector. Omdat deze bedrijven er zelf nauwelijks of niet van profiteren, moet er een geldstroom op gang komen van de sector en bedrijven die er van profiteren (varkens), ter compensatie van de gemaakte kosten. Dat gaat niet vanzelf, dat dient georganiseerd te worden.

Lees verder onder de foto

Volledig korrelen, alleen de dikke fractie van gescheiden mest korrelen, BioEcoSim of de Groene Mineralen Centrale, de kosten per ton zijn vrijwel gelijk. - Foto: Ronald Hissink
Volledig korrelen, alleen de dikke fractie van gescheiden mest korrelen, BioEcoSim of de Groene Mineralen Centrale, de kosten per ton zijn vrijwel gelijk. - Foto: Ronald Hissink

Stikstofderogatie en fosfaat uit zuiveringsslib

Wanneer Nederland geen derogatie meer heeft van de EU op de nitraatrichtlijn, daalt de plaatsingsruimte voor stikstof uit dierlijke mest in Nederland. De mestafzetkosten voor de melkveehouderijsector kunnen dan oplopen met € 160 á € 170 miljoen per jaar (van Wagenberg et al, 2019). Wanneer er, met behoud van derogatie, teruggewonnen fosfaat uit zuiveringsslib in Nederland wordt afgezet, dan dient er meer dierlijke mest te worden verwerkt en geëxporteerd, met als gevolg wat hogere mestafzetkosten.

Om de hierboven omschreven oplossingen mogelijk te maken, is langdurige zekerheid en stabiliteit nodig over (1) het beleid dat de omvang van de plaatsingsruimte voor stikstof en fosfaat in Nederland bepaalt en (2) het beleid van de omvang van de Nederlandse fosfaat- en stikstofproductie in Dierlijke mest.

Stabiliserende mestmarkt

Kortom, werk samen en bespreek met iedereen die hierbij is betrokken of hun vertegenwoordigers (mengvoerfabrikanten, boeren, mesttransporteurs, mestverwerkers, overheid) wat je gaat doen en leg dat voor een lange periode vast. Als alle betrokkenen zich aan die afspraken houden, dan zal de mestmarkt zich stabiliseren, met als gevolg lagere mestafzetprijzen voor zowel varkens- als melkveehouders.

Laatste reacties

  • farmerbn

    De overheid wil minder vee, minder mest en het vervuilde zuiveringsslib op het land. Zogenaamd iedereen blij en vooral de overheid.

  • Noordam2

    Farmerbn, je slaat de spijker op zijn kop. Wij hebben als akkerbouwer al diverse pogingen tot vergaande samenwerking met veehouders gedaan. Steeds mislukt, deels door de overheid die op oneigenlijke gronden de boel blokkeerden, bang dat ze de groei van de veehouderij niet meer konden reguleren, maar ook door de veehouderij sector zelf mislukt het. Het is heel bijzonder dat de samenwerking afketst op vertrouwen. Vertrouwen dat je met elkaar geld kan verdienen. Steeds maar weer bang zijn dat de akkerbouwer de enige is die er aan verdiend. vertrouwen is het enige belangrijke aspect in iedere samenwerking

  • farmerbn

    Elkaar vertrouwen en een ander wat gunnen. De ene keer valt het iets voordeliger uit aan de ene kant en later een keer aan de ander

Of registreer je om te kunnen reageren.