Home

Achtergrond 3 reactieslaatste update:23 jan 2017

Trends 2017: veehouders nemen heft in handen in mestland

Veehouders nemen zelf het heft in handen en gaan aan de slag met mestbewerking of -verwerking op het eigen erf of in een klein collectief.

Ook in 2017 en daarna blijft mest de gemoederen in de landbouw en daar buiten bezighouden. In de regio Oost gaat het verwerkingspercentage naar 52. In 2016 was dat 35. In Zuid-Nederland stijgt het percentage van 55 in 2016 naar 59 in 2017. Vooral voor de veehouders met een fosfaatoverschot in de oostelijke regio betekent dit werk aan de winkel. In regio Oost is nauwelijks mestverwerkingscapaciteit beschikbaar. Doel van de verhoging van de mestverwerkingspercentages is een evenwicht op de Nederlandse mestmarkt. Dat evenwicht zal echter nog wel even op zich laten wachten.

Regionale mestcoöperaties

In het Actieplan Vitalisering Varkenshouderij van de POV is mestverwerking een speerpunt. Dat plan moet dit jaar uitgerold gaan worden. Daarin staat dat 6 tot 7 regionale mestcoöperaties opgericht gaan worden. Deze coöperaties gaan de mest van aangesloten veehouders beheren en verwerken.

FrieslandCampina kwam medio april 2016 ook al met een soortgelijk plan: mest direct vergisten op het boerenerf van melkveehouders waarna het restproduct verwerkt gaat worden bij 5 mestverwerkingsinstallaties verspreid over het land. Het beheer komt in handen van boerencoöperaties. In de melkveehouderij worden de mestcoöperaties mestkringen genoemd. Mestkring Noord is inmiddels opgericht. Deze coöperaties moeten gezamelijk hun mest gaan vermarkten en zo mogelijk ook verwerken.

Eigen mest op erf vergisten

Daarnaast gaan 200 melkveehouders de eigen mest op het erf vergisten. Doel hiervan is emmissiereductie. Provincie Brabant wil naar een soortgelijke, verplichte bewerking van mest op het erf toe. Dit voorjaar wil het provinciebestuur een besluit nemen over het plan. Drijfmest mag niet meer worden opgeslagen onder of naast de stallen, maar moet direct vergist worden op het boerenerf. Het digistaat wordt verder verwerkt in centrale mestverwerkingsinstallaties op industrieterreinen. Deze verwerkte mest moet een maatproduct gaan worden voor de akkerbouwers in binnen- en buitenland.

Doel is de mestafzetkosten voor veehouders omlaag te krijgen. De mestafzet is voor veehouders nagenoeg de grootste kostenpost. Dat zal ook in 2017 naar verwachting nog zo blijven omdat het de vraag is of er ook daadwerkelijk meer beschikbare mestverwerkingscapaciteit bij gaat komen. Bestaande mestverwerkers kampen niet zelden met financiele of technische of vergunningsproblemen. In Brabant draaien circa zeven toonaangevende verwerkers op halve kracht of helemaal niet. Dit is zo’n 16% van de verwerkingscapaciteit. Daar komt bij dat sinds 2015 in Brabant een bouwstop geldt voor mestverwerkingsinstallaties.

Mestverwerking bij Verkooyen in Langeweg (N-Br.). Zij verwerken drijfmest tot water, dikke fractie en mineralenconcentraat. Foto: Peter Roek
Mestverwerking bij Verkooyen in Langeweg (N-Br.). Zij verwerken drijfmest tot water, dikke fractie en mineralenconcentraat. Foto: Peter Roek

Het heft in eigen hand

De trend is dat (grote) veehouders zelf het heft in handen nemen en aan de slag gaan met be- of verwerking van mest op het eigen erf of in een kleinschalig collectief. Het gaat daarbij niet meer om een oplossing voor het fosfaatprobleem, maar veel meer om stikstof. Ingedikte fosfaatrijke dikke fractie vindt zijn weg wel naar het buitenland of composteerders. De komende jaren gaat het er vooral om een technische oplossing te vinden voor de stikstofrijke dunne fractie. Het verwijderen van ammoniak uit mest en digistaat wordt de belangrijkste stap die genomen moet gaan worden, bijvoorbeeld door middel van strippen of kraken van mest. Het resultaat is een mineralenconcentraat en loosbaar water.

Normen voor mestproductie worden aangepast

De normen voor mestproductie van een aantal diersoorten worden in 2017 aangepast. Het gaat om een deel van het vleesvee, geiten, schapen, pluimvee en een aantal diersoorten die beperkt worden gehouden. De nieuwe normen zijn door het ministerie van EZ gepubliceerd in de Staatscourant en zijn ingegaan per 1 januari 2017.

Verder valt op dat het mestbeleid meer op maat wordt gemaakt voor regio’s en bedrijven. Staatssecretaris Van Dam wil ruimte bieden voor het gebruik van bedrijfsspecifieke managementsystemen (KringloopWijzer) waaruit de naleving van gebruiksnormen en gebruiksvoorschiften blijft. Deze ruimte krijgen zowel veehouders als akkerbouwers.

Laatste reacties

  • John*

    weet je wat nu het kromme is van stikstof verwerking: het makkelijke deel wordt door bacterien omgezet in stikstofgas. en 100 km verderop weer door de kunstmestfabriek voor veel geld omgezet in kunstmest. De moeilijk te verwerken stikstof blijft in het effluent en wordt op t land gebracht..

  • Frederiqe

    Ik neem de ketsplaat in handen

  • Zandboertje

    Dat is kletspraat

Of registreer je om te kunnen reageren.