Boerenleven

Achtergrond

Boerin Astrid: ‘klei onder de nagels en eelt op de handen’

Astrid van Telgen-Groot runt met haar vader de zorgtak op het akker- en rundveebedrijf in Lelystad. Ze voelt zich een boerin met ‘klei onder haar nagels en eelt op haar handen’.

Astrid groeide op een akkerbouwbedrijf op. Ze wilde altijd al boerin worden, maar zag het werken op een akkerbouwbedrijf niet zitten. Daarop koos ze voor de opleiding Dier- en Veehouderij in Dronten, met het plan om de richting van de intensieve veehouderij op te gaan. “Op de opleiding besefte ik dat ik een achterstand had ten opzichte van de studenten die opgroeiden op een melkveebedrijf. Mijn vader zei op een dag: laten we gaan verbreden. Toen ik in de derde klas zat, zijn we begonnen met een zorgtak op het bedrijf. Het begon met één deelnemer.”

Astrid van Telgen-Groot

Astrid van Telgen-Groot (33) is getrouwd met Marc (35), hun kinderen zijn 2 en 7 jaar. Het bedrijf in Lelystad heet Hoeve Vredeveld en kent drie takken: biologische akkerbouw, rundvee en verbrede landbouw: een zorgboerderij, kinderopvang, educatie en een boerderijwinkel. Astrid runt met haar vader de zorgtak, haar oom doet de akkerbouwtak, het rundvee is de verantwoordelijkheid van echtgenoot Marc.

Astrid van Telgen-Groot. - Foto: Jan Willem Schouten
Astrid van Telgen-Groot. - Foto: Jan Willem Schouten

Zorgboerderij Hoeve Vredeveld

Inmiddels telt de zorgtak binnen Hoeve Vredeveld zo’n dertig deelnemers per dag en honderd per week. Er werken vijftien betaalde krachten, in totaal zes fte. “De boerderij vormt de basis voor wat we met de mensen doen. We hebben allerlei deelnemers: mensen met autisme, alzheimer of bijvoorbeeld een verstandelijke beperking. Het gaat heel goed samen. Iemand met een verstandelijke beperking kan iemand met alzheimer het toilet wijzen. Zo helpen ze elkaar, iedereen op zijn eigen niveau, met zijn eigen interesses en tempo. Mensen komen hier omdat ze hier graag zijn.” De zorgboerderij gaat in een ander tempo dan de rest van de boerderij. “Toch voel ik me altijd een boerin. Ik heb eelt op mijn handen en klei onder mijn nagels.”

De telefoon gaat de hele dag. ik vind dat praktisch, zo kan ik twee dingen tegelijk doen

Familiebedrijf voor vier inkomens

Astrid groeide op in het familiebedrijf. “Mijn opa’s broer zat er al in.” Het is een grootschalig bedrijf. “We moeten er ook vier inkomens uithalen.” Tegenwoordig doet haar oom de akkerbouwtak. Zelf runt zij samen met haar vader Sjaak de zorgboerderij. “Wij hebben binnen het bedrijf geen wekelijks overleg en bemoeien ons niet met elkaar, maar we weten wel van elkaar waar we mee bezig zijn. Mijn oom kan gewoon de trekker kopen die hij wil hebben, dat overleggen we niet.” Voor haar man Marc was het familiebedrijf wel even wennen. “Hij is er ingegroeid. Toen in 2015 het melkquotum werd vrijgegeven, kon hij een stal bouwen voor het melkvee.”

Als de kinderen in bed liggen, help ik met het voeren van de kalveren

Nu Astrids vader 63 is, neemt hij wat meer afstand van de zorgboerderij. Marc helpt steeds iets meer mee, het is te groot voor Astrid alleen. Vroeger waren Astrids ouders thuis als ze van school kwam. “Ik vind het waardevol dat mijn kinderen dat nu ook hebben. Als boerin heb ik veel verplichtingen maar ik ben ook flexibel, dat kan omdat het bedrijf wat groter is. Om drie uur haal ik zelf mijn dochter van school, zij hobbelt daarna lekker mee op het bedrijf.” Als de kinderen aan het ontbijt zitten, regelt ze het vervoer met de busjes op haar telefoon. “Als de kinderen in bed liggen, help ik met het voeren van de kalveren. We zijn dan bereikbaar voor de kinderen.”

Boerderijwinkel uitbreiden

De zorgboerderij bestaat uit een centrale ruimte, een woonkamer voor de ouderen, het kinderdagverblijf en de boerderijwinkel. In de stal tref je naast het vleesvee en de melkkoeien kippen, konijnen en ezeltjes. Er is een houtwerkruimte, een plantenkas, een volière, een buitenspeelplaats voor de kinderen en een grote binnenzandbak. De telefoon gaat de hele dag. Astrid vindt dat praktisch. “Dankzij die telefoon kan ik twee dingen tegelijk doen.”

Tijdens het interview regelt ze met de telefoon even iets en ze helpt tussendoor een klant in de boerderijwinkel. “Vroeger was ik meer met de deelnemers bezig, nu neem ik nog wel deelnemers mee op sleeptouw voor de winkel en maak met iedereen een praatje, maar richt me verder vooral op de coördinatie van de zorgboerderij.”

Marc en Astrid zien elkaar ’s ochtends in de stal, en als er overdag iets besproken moet worden zoeken ze elkaar op. “Ik ben tussen vijf en half zes klaar met werken, Marc is om zeven uur klaar. Ik heb het eten dan op tafel staan.” Veel behoefte aan vakantie heeft ze niet. “Het is hier een vakantieomgeving, ik hoef niet weg. Op maandag ben ik vrij, dan plan ik dingen als zwemles in. We gaan ieder jaar wel een weekend naar een huisje in Nederland.” Ambities zijn er wel. Astrid wil de boerderijwinkel graag uitbreiden. “Er is interesse voor lokaal en eerlijk geproduceerd voedsel. De omvang van de zorgboerderij is prima zoals die nu is.”


Welke bladen lees je:

“Ik lees alleen als ik tijd heb, dat is niet vaak. Ik lees bladen over de landbouw en de multifunctionele landbouw.”

Welke opleiding heb je gedaan?

“Hogere Agrarische School in Dronten, dier- en veehouderij.”

In wat voor auto rijd je?

“We hebben een Suzuki Grand Vitara met een trekhaak, waar de veewagen achter kan.”

Wat is je favoriete televisieprogramma?

“Televisiekijken is een moment van ontspanning. Ik vind programma’s over de zorg leuk en hou ook van simpele Engelstalige comedy’s.”

Wie zou je wel eens willen ontmoeten?

“Ik zou wel eens willen kijken op het ministerie van Landbouw. Ik kan er met mijn hoofd soms niet bij hoe de regelgeving daar tot stand komt. Het lijkt me niet dat daar een efficiënte bedrijfsvoering gehanteerd wordt.”

Of registreer je om te kunnen reageren.