Varkenshouderij

Achtergrond 3806 x bekeken

Hogere productie op steeds grotere varkensbedrijven

Schaalvergroting en optimalisering is wat de Nederlandse varkenshouderij ook in 2015 kenmerkt, zo blijkt uit de jongste Agrovision-cijfers.

De technische resultaten in de varkenshouderij verbeteren doorgaans van jaar tot jaar. Ook 2015 is daar geen uitzondering op, zij het dat de vooruitgang minder groot lijkt dan in voorgaande jaren. Zo is het aantal gespeende biggen gestegen van 29,1 naar 29,2 biggen. In de jaren voor 2015 liep dit kengetal vaak met 0,3 biggen per jaar op. Ook in de vleesvarkenshouderij is het beeld stabiel. De vleesvarkens groeiden in 2015 een paar gram meer per dag, maar de gemiddelde voederconversie ging van 2,57 naar 2,58.

Grote verschillen

De schaalvergroting in de varkenshouderij gaat gestaag verder. Zo telt het gemiddelde bedrijf met zeugen 500,9 zeugen, 15 meer dan in 2014. Vleesvarkensbedrijven tellen gemiddeld 1.888 dieren, 40 meer dan een jaar eerder.
De verschillen in bedrijfsomvang zijn groot in Nederland. De 20% grootste zeugenbedrijven hebben gemiddeld 1.094 zeugen, de 20% kleinste 166. Soortgelijke verschillen zijn te zien in de vleesvarkenshouderij waar de 20% kleinste en de 20% grootste bedrijven in omvang uiteenlopen van 363 tot 4.513 plaatsen.

Het aantal levend geboren biggen per worp steeg in 2015 van 14,2 naar 14,4. De sterfte tot spenen is 13,8%. Op de grotere bedrijven ligt de uitval iets lager.

Uit de tabellen blijkt ook dat bedrijfsomvang nadrukkelijk verband houdt met de technische resultaten. Het aantal gespeende biggen per zeug per jaar ligt bij de 20% grootste bedrijven al op 29,8 biggen, met een uitval van 13,2% tot spenen. De 20% kleinste bedrijven spenen 27,9 biggen, met een uitval tot spenen van 15,2%.

In hoeverre de goede technische resultaten bijdragen aan een beter financieel rendement is onduidelijk. Wat de saldo’s en voerwinsten op deze bedrijven zijn, maakt Agrovision sinds twee jaar niet meer bekend. Veel klanten willen niet dat die cijfers met de buitenwereld worden gedeeld.

Grootste winst door drukken voederconversie

Uit de Agrovision-cijfers blijkt dat in de vleesvarkenshouderij de groei per dier per dag op 803 gram is uitgekomen. Bij een voerconversie van 2,58 en een EW-conversie van 2,84. Dat zijn waardes nagenoeg gelijk aan 2014. Net als in de zeugenhouderij zijn de verschillen groot tussen de grootste en de kleinste bedrijven met vleesvarkens. De grootste winst wordt gepakt met het drukken van de voederconversie. Deze is op de 20% grootste bedrijven 2,55 tegen 2,65 op de 20% kleinste bedrijven.

Het gemiddeld aantal vleesvarkensplaatsen per bedrijf ligt op 1.888. De 20% grootste bedrijven hebben 4.513 plaatsen. De grotere bedrijven hebben een scherpere voederconversie.

Of registreer je om te kunnen reageren.