Home

Nieuws 1123 x bekeken

RvS: groen licht voor biogasinstallatie Varsseveld

De rechtbank Gelderland heeft ten onrechte de vergunning geweigerd voor het bouwen en inwerking hebben van een biogasinstallatie in Varsseveld. Tot die conclusie komt de Raad van State (RvS) woensdag in een uitspraak in hoger beroep.

Biogasvereniging Achterhoek, waarbij ruim meer dan 100 boeren zijn aangesloten, kan alsnog op het industrieterrein Hofskamp-Oost in Varsseveld een biovergistingsinstallatie bouwen.

Gerard Boenink, secretaris van de Biogasvereniging Achterhoek, is blij met de uitspraak van de RvS. "Daarmee komen we in de volgende fase van het project: het rondzetten van de financiering en de vorming van een coöperatie." Over een verder plan van aanpak kan Boenink nog niets zeggen. "De uitspraak ligt er net, we gaan als bestuur eerst rond de tafel."

Niet de 'beste beschikbare technieken'

De rechtbank Gelderland was in december 2014 van mening dat de 4 enkelwandige tanks bij de biogasinstallatie niet voldoen aan de zogenoemde 'beste beschikbare technieken' om bodem- en waterverontreiniging te voorkomen. Daarom moest volgens de rechtbank de vergunning worden aangepast en was een nieuwe aanvraag nodig om de biogasinstallatie aan die eisen te kunnen laten voldoen. Daarom besloot de rechtbank de omgevingsvergunning zelf te weigeren.

De Raad van State (RvS) concludeert in zijn uitspraak dat de rechtbank Gelderland met die beslissing te ver is gegaan. De rechtbank is ten onrechte tot de conclusie gekomen dat niet de beste beschikbare technieken worden toegepast.

RvS eens met GS Gelderland

De RvS is het daarmee eens met het College van Gedeputeerde Staten van Gelderland en de exploitant van de biogasinstallatie, Biogasvereniging Achterhoek (BVA), dat de rechtbank ten onrechte tot de conclusie is gekomen dat het BAT Reference document on Best Available Techniques on Emissions from Storage (BREF) van toepassing zou zijn op de 4 (na)vergistingstanks.

Volgens het college en BVA blijkt uit de doelstelling van het BREF dat deze voornamelijk ziet op de op- en overslag van gevaarlijke vloeistoffen en vloeibare gassen, oftewel stoffen met daarin gevaarlijke c.q. schadelijke eigenschappen, wat niet opgaat voor de betreffende vergisters.

Geen sprake van pure opslag

De Raad van State baseert zijn in zijn uitspraak onder andere op een deskundigenbericht dat zegt dat er bij vergisting geen sprake is van pure opslag, want het is een proces waarbij het mengsel langzaam verandert van samenstelling. Daarom concludeert de RvS dat er geen sprake is van opslag in de (na)vergistingstanks in de zin van het BREF en dat het BREF hierop daarom niet van toepassing is.

Ook het argument dat de mest een risico op een 'significante' bodemverontreiniging bij enkelwandige tanks wordt door de RvS van tafel geveegd. In het deskundigenbericht wordt het opruimen van meststoffen een reële maatregel genoemd om het ontstaan van een ernstige bodemverontreiniging te voorkomen. Watergangen kunnen simpel worden afgesloten zodat verontreiniging goed voorkomen kan worden.

Er is daarom geen reden er van uit te gaan dat de opslag van mest risico vormt voor een significante bodemverontreiniging dan wel een significante verontreiniging van een aangrenzende watergang, aldus de RvS. De in 2013 verleende vergunning voor de biogasinstallatie blijft in stand.

Of registreer je om te kunnen reageren.