Home

Achtergrond 15914 x bekeken 19 reacties

Kerst: 'De zuinige boer gaat het redden’

De breed georiënteerde boer die met plezier werkt en niet onder de knoet van de bank zit, heeft perspectief; dat zegt professor Jan Douwe van der Ploeg, hoogleraar aan Wageningen UR, in het kerstthema van Boerderij. Kritisch is hij op de 'plankgasboer': "Het schijnbeeld bestaat dat boeren die hard groeien, de ondernemers van de toekomst zijn."

De Wageningse hoogleraar Jan Douwe van der Ploeg staat erom bekend dat hij geen blad voor de mond neemt. Als het over schaalvergroting gaat, hekelt hij het opjagen van boeren om fors te groeien. “Het moet anders, want we gaan in Nederland naar een totaal andere landbouw toe.” Een interview uit het kerstthema van Boerderij 13.


Groei moet?

“Er is een rare tweedeling. Het schijnbeeld bestaat dat boeren die hard groeien, de ondernemers van de toekomst zijn. Het is het beeld van een wedloop, waarin per definitie hoe groter des te meer competitief zou zijn. Hoe groter, hoe beter. De anderen zouden maar jansalieboeren zijn, die het kalm aandoen. Dat is wel veruit de grootste groep, zeker twee derde van de bedrijven. Deze boeren houden hun bedrijf wel degelijk op peil.”

Wie jaagt die snelle groeiers aan?

“De vaktribune van deskundigen, noem ik het. Een combinatie van ministerie, agribusiness, coöperaties, banken, Wageningen en vooral LTO. Dat is onderhand de actiegroep voor grote boeren. Je ziet het met de fosfaatrechten. Zelfs de extensieve bedrijven die geen fosfaatprobleem hebben, moeten van LTO een deel van de rekening betalen. Ongehoord. Van de industrie begrijp ik die voorkeur voor groot wel. Je hebt als bedrijf liever een grote leverancier dan een stel kleinere. Die vaktribune brengt boeren van de wijs.”

Boeren denken toch zelf na?

“Op de grote, geforceerd gegroeide bedrijven staan ze onder druk. Ze hebben minder tijd om zich te verdiepen. Er is nog een ander aspect. Op die grote bedrijven is boer zijn een eenzaam beroep. Uren op de trekker, uren in de stal: die eenzaamheid vertaalt zich in een tunnelvisie. Ik zal ze eens laten zien dat ik een echte boer, een echte ondernemer ben.”

Wat is er mis met die forse groeiers?

“Door hoge financiële lasten, waarmee de geforceerde groei gepaard gaat, krijg je bij uitstek kwetsbare bedrijven. Er hoeft maar iets te gebeuren, met een dierziekte, met de arbeid, met de markt, en de groeiers zitten in de problemen. Je hebt het in de Verenigde Staten en in Denemarken gezien, je zag het bij de lage melkprijzen in 2008-’09. Bedrijven kwamen in een situatie van een negatieve cashflow. En ja, een aantal stort in de afgrond.”

Welke bedrijven blijven boven water?

“Op basis van accountantscijfers van 1.500 melkveebedrijven hebben we gekeken hoe ze de grote dip in de melkprijs in 2008-’09 hebben doorstaan. De verschillen waren groot. De marge (verschil tussen kosten en opbrengsten) tussen de 25 procent best presterende en de 25 procent slechtst presterende veehouders was bijna 
25 cent per kilo melk. Daarbij kwamen de slechtst presterende bijna een dubbeltje negatief uit. Dat waren de bedrijven die geforceerd gegroeid waren. De zuinige boer kwam er als groep het best uit: minder rentelasten, minder afschrijving en een beter inkomen.”

Wat verstaat u onder een zuinige boer?

“Ze zijn zo veel mogelijk zelfvoorzienend. Ze telen eigen voer, de eigen mest gaat naar het land, ze fokken hun eigen vee op, de kringlopen staan centraal. Ze werken aan de vorming van eigen vermogen. Hun variabele en vaste kosten zijn laag. Het vakmanschap is zeer hoog.”

Volgens het handboek van de economie moet je groeien. Stilstand is achteruitgang.

“Het zit in elke boer om zijn bedrijf door te ontwikkelen. Dat is verkleefd met zijn boerentrots. Maar het gaat om de manier waarop. Groei kan, maar dan stap voor stap, of spant voor spant en niet stal voor stal. Groei moet je het liefst realiseren met eigen financiële middelen. Het is eigenlijk ouderwets werken. Zorg eerst dat de boel op orde is en zet er dan een spant bij. Groei je met veel geleend geld, dan investeer je in kwetsbaarheid. Je speelt een zeer riskant spel. Als je als ondernemer wat wilt, heb je speelruimte nodig. Degenen die die speelruimte hebben opgeofferd, raken in de knel. Ze komen helemaal vast te zitten.”

De geschiedenis laat zien dat sterke groeiers het steeds bij het rechte eind hebben gehad.

“Dat klopte in een tijd waarin boeren met gegarandeerde landbouwprijzen konden werken. Die tijd is voorbij. Door de volatiliteit van de markt ontstaat een nieuwe realiteit. Dat is een heel grote omslag. Nu de beschermde omstandigheden weg zijn is het totaal anders. Het absurde is dat een deel van de boeren die volatiliteit heeft vergroot door veel meer te gaan melken. Dat heeft de prijs verder gedrukt. Hier lag een cruciale rol voor LTO en de coöperaties om ervoor te zorgen dat dat negatieve effect niet kon optreden. Die rol hebben ze niet gespeeld. Ze hebben gefaald de boeren te waarschuwen en ze een andere richting te wijzen. Het gevolg is dat de eersten de laatsten zullen worden en omgekeerd.”

Wat bedoelt u daarmee?

“De eersten zijn degenen die sterk zijn gegroeid met geleend geld. Ze hebben geprofiteerd van de beschermde markt, maar dat is voorbij. We zitten in een situatie van werken voor de wereldmarkt met volatiele prijzen. Die eersten zijn economisch kwetsbaar en worden de laatsten. De boeren waarop eerst werd neergekeken, worden de eersten.”

Over welke boeren hebben we het dan, en houden we eigenlijk nog wel boeren over?


“Gelukkig wel. Het zijn vooral de zuinige boeren die het gaan redden. Ze werken met plezier en niet onder de knoet van de bank. Het zijn vaak ook multifunctionele bedrijven en boeren die zich toeleggen op productie en consumptie in een regionale context, recreatie en zorg. Ze zoeken het in meer toegevoegde waarde. Ze houden rekening met de maatschappij.”

Nederland ziet nog steeds kansen in export.

“Boeren realiseren het zich niet, maar Europa wordt in toenemende mate omringd door zeer grootschalige, kapitalistische landbouwbedrijven. In Rusland heb je een bedrijf met 35.000 koeien, in Oekraïne is een pluimveebedrijf dat even groot is als de helft van de Nederlandse pluimveestapel, je had het voormalige Nederlandse bedrijf Van Oers, dat in Spanje, Portugal, Marokko, Senegal en Ethiopië jaarrond intensief vollegrondsgroente teelt. Alleen al in Marokko gaat het om 1.300 hectare. Deze bedrijven zijn voor de retail heel aantrekkelijk. Ze gaan in alle sectoren de markt beïnvloeden, doordat de Europese markt toegankelijker wordt.”

De melkveehouderij heeft het moeilijk, maar hoe zit het met de varkenshouderij?


“De varkenshouderij loopt op zijn laatste benen. Daar komt nog eens de Vion-flater overheen. De varkenshouderij is niet in staat gebleken om een vertaalslag te maken naar kwaliteit en duurzaamheid. Ze is niet in staat om bijvoorbeeld te concurreren met Brazilië, waar ze bovenop het voer zitten. Op de wereldmarkt gaat de varkenshouderij het verliezen. Alleen degenen die het anders aanpakken met lupine-varkens, Livar, Keten Duurzaam Varkensvlees of biologisch hebben toekomst. Je ziet nieuwe dingen ontstaan.”

Dat is maar een heel beperkt percentage.

“Zo beginnen alle veranderingen.”

De Regiegroep Vitale Varkenshouderij mikt juist op exportgroei in Azië en Afrika.


“Dat dacht de zuivel ook. Kijk wat de zuivelmarkt in China doet en kijk naar de melkprijzen.”

Critici zullen zeggen, daar heb je die betweter uit Wageningen weer.

"Boerderij heeft dat in 2010 een keer gepeild. Toen waren aardig wat boeren het met me eens: 31 procent zei ‘ja dat klopt’, 43 procent zei ‘het klopt, maar Jan Douwe overdrijft wel’. Maar een boer moet niet met oogkleppen oplopen, die zijn voor de paarden en niet voor de boer.”

Jan Douwe van der Ploeg (65), hoogleraar transitieprocessen aan Wageningen UR, neemt in zijn vakgebied de grote veranderingen in de landbouw in ogenschouw. In Peking bekleedt hij aan de Agricultural University de functie van adjunct-professor rurale sociologie, in Brussel adviseert hij de landbouwcommissie van het Europees Parlement en de Europese Commissie, in Rome doet hij hetzelfde bij de FAO. Hij was lid van de Raad voor het Landelijk Gebied en zit nu in het bestuur van Streekproducten Nederland.

Foto

  • Professor Jan Douwe van der Ploeg is kritisch over 'plankgasboeren'. Foto: Jan Willem Schouten

    Professor Jan Douwe van der Ploeg is kritisch over 'plankgasboeren'. Foto: Jan Willem Schouten

Hans Siemes

Laatste reacties

  • Hr19

    Eindelijk iemand die het hardop zegt.

  • Bennie Stevelink

    Jan Douwe van der Ploeg maakt onderscheid tussen grote groeiers en de kleinere. Volgens mij zit het verschil in overlevingskans juist tussen de boeren met voldoende grond onder de koeien en boeren met weinig grond onder de koeien. Daarbij is groot zijn geen nadeel zolang er maar grond onder zit.
    LTO Noord wilde grondgebonden melkveehouderij, ZLTO juist niet, die wilden een uiterst kwetsbare bedrijfsopzet. De kritiek van Jan Douwe van der Ploeg op LTO had dus wat genuanceerder gemoeten.

  • geert150

    de beste stuurlui staan aan wal,
    als ze zelf boer waren dan hadden ze nog achter het paard gelopen of het bijltje er al bij neer gegooid .
    prettige kerstdagen !

  • farmerbn

    Dhr Van der Ploeg is een socialist van de PvdA en dat blijkt uit zijn uitlatingen. Niet groeiers ' hebben meer tijd om zich te verdiepen' en 'werken met plezier' . Ook is het 'vakmanschap van de niet groeiers zeer hoog' en 'ze houden rekening met de maatschappij'. Is dhr Van der Ploeg misschien een gefrustreerde zoon van een kleine boer die is afgehaakt? Of wil hij terug naar de boerderij van Ot en Sien? Hij houdt van de zuinige boer die met zijn bedrijf niet de kost kan verdienen maar die een vrouw heeft die buiten de deur werkt zodat hij dromend met een paar koetjes en kippetjes enkele voedselpakketten kan verkopen aan een stelletje linkse yuppen.

  • John*

    t gaat om ondernemerschap, dat vraagt andere kwaliteiten van de eigenaar. Als je hard groeit met relatief weinig eigen vermogen ben je meer afhankelijk van je stakeholders en dien je hier ook op in te spelen. Een goede band opbouwen en laten zien wat er op t bedrijf gebeurt. Alleen met het opbouwen van vertrouwen overleef je verschillende crisissen.

  • piethermus1

    De fiscale wetgeving m.b.t. het overdragen van een bedrijf van generatie op generatie zorgt/zorgde ook voor een opjagend effect. Je mocht immers niet voor een veel te lage waarde overdragen omdat er anders sprake zou zijn van schenking, welke fiscaal belast was/is. Hoe zuinig je ook bent al boer. Er komt een moment dat je als boer je bedrijf verkoopt of overdraagt aan je kind. De fiscus bepaalt voor welke waarde je je bedrijf minimaal over kan dragen aan een kind. Het verhaal van V/d Ploeg gaat daar enigszins mank in mijn ogen. Niet geheel natuurlijk.

  • koeboertje

    Hij heeft wel gelijk in wat hij noemt de speelruimte die je overhoud , als je zwaar gefinancieerd bent kun je nog maar een kant op , volop produceren !
    Ben je niet te zwaar afhankelijk van de bank, zijn er meer mogelijkheden.
    Ik zie ook bedrijven waarvan gezegd werd dat ze te klein waren om over te nemen , toch door een creatieve zoon of dochter met ambitie wordt overgenomen,en die het toch ook hetzij op een iets andere manier het toch ook weer redden.

  • koeboertje

    Farmerbn wat is er verkeert aan als je vrouw buiten de deur werkt ?
    Moet ze dan volop in het bedrijf meedraaien , met wat winstdeling van de maatschap , dus eigenlijk voor nop.
    Het gros van de nederlandse burger vrouwen heeft een baan .

  • farmerbn

    Nee koeboertje , er is helemaal niets mis mee dat de vrouw buiten de deur werkt. Ik wil alleen aangeven dat de linkse politici heel naief zijn en vinden dat de boerderijen klein en knus moeten blijven. De weinige producten die ze produceren moeten met gigantische marges verkocht worden aan andere naievelingen. Ze snappen niet dat de wereld is zoals die is. Als die boer van hen niet mag groeien dan is het gezin verplicht om op andere manieren geld te verdienen zoals baan elders, kinderopvang enz. Niets mis mee maar hij is dan wel de laatste generatie boer. Oplvolgers kunnen dan nooit meer doorgaan met een volledig landbouwbedrijf want die trein rijdt gewoon door.

  • koeboertje

    Daar heb je wel gelijk in farmerbn , ot en sien bedrijven zijn het ook niet , meschien een enkeling .
    Ik lees in het artikel van j d vd ploeg: bedrijven die niet verdubbeld zijn maar rustig zijn ontwikkeld zonder onverantwoorde leningen, dit zijn in miin ogen gemiddelde bedrijven die een melkprijsdip zoals het laatste jaar makkelijk op kunnen vangen , en ik houd er rekening mee dat zulke jaren nog meer voor gaan komen
    Dus zorgen voor ruim voldoende saldo per liter melk en dat kan ook met een gemiddeld bedrijf

  • cornelis 22

    Dat bouwen aan eigen vermogen in een familiebedrijfje valt ook niet mee . Iedere 35 jaar wordt door vererven de zaak leeg gehaald, Je moet er eigenlijk zo een baantje als van de Ploeg bij hebben ,vrijblijvend keuvelen voor een megasalaris.
    Dan nog de bijbaantjes van die man,allemaal overheid ,ngo etc. nergens hoeft met produceren de tent overeind gehouden te worden. Jan Douwe maar zakken vullen.

  • Farmer4life2

    Jan Douwe vd ploeg vergeet dat er in 2006 een beslissing is genomen om het kapitalisme als element weer toe te voegen in de melkveehouderij.

    De huidige nieuwe trend is zeer veel melk per kg fosfaat om een inkomen te behouden.
    Maximale efficiëntie.
    Want een 1mans bedrijf of met meer personen. 'T gaat om de liters melk per VAK + de daarbij behorende kostprijs.

    Wij boeren kunnen veel beter zorgen voor de natuur, platteland en fauna. Veel mensen hebben daar juist geen kennis over.

  • kleine boer

    Wa kijkt die man triest kan niet geloven dat ie geniet van zijn werk zoals vele boeren wel doen ook met dip in de prijzen of het nu melk varkens akkerbouw is.....Er zijn maar weinig boeren die zo chachie kijken als jan douwe. Tja tis ook wat altijd zeuren over een ander zijn vak....

  • info36

    Farmerbn, jij roept van alles maar snapt er maar weinig van hoe alles in elkaar zit. Te groot gegroeide bedrijven zijn kapitaaltechnisch bijna niet over te nemen. Je denkt als jongere wel 2 keer na alvorens je je voor miljoenen in de schuld te steekt. Overigens is goede marges pakken een must bij iedere onderneming.

  • John*

    @info36

    er is wel behoefte in de toekomst aan de lage kostprijsprijzen van de grote bedrijven. De kapitaalbehoefte gaat anders ingevuld worden. Deze generatie zet de bedrijven op. Straks worden ze overgenomen door integraties en uitgebaat door een goed (betaalde vakman). Die ontwikkeling stopt niet meer.

  • Jef Geldof

    Een ruraal socioloog van wereldformaat ziet wat vrijemarkteconomen niet (willen/kunnen) zien. Zonder oogkleppen van het geld, met de brede blik van integrale plattelandsontwikkeling wereldwijd.

  • WJHDKremer

    Ondernemen is een financieel plaatje. Succesvolle ondernemers zijn ondernemers die grote winstmarges kunnen realiseren of financieel gezonde bedrijven runnen. Succesvol ondernemen heeft niet te maken met kwantiteit. De kunst is vaak door krapte te behouden de marge hoog te houden. Groeien is in mijn ogen het financieel gezonder maken van de onderneming. Dit hoeft niet altijd gepaard te gaan met een hogere productie.
    Bedrijven die dus het aantal koeien of hectaren vergroten wil niet zeggen dat deze niet groeien. Voorgaande heeft natuurlijk niet betrekking op individuele bedrijven, echter wel op de sector.

  • farmerbn

    Info 36; Het is de kunst om de bedrijfsgroote te koppelen aan de verdiencapaciteit en dus de mogelijkheid om rente en aflossingen te betalen. Als vader het bedrijf flink laat groeien (met meer omzet!) en veel afschrijvingen creeert zonder veel aflossingen dan wordt de overname moeilijk. Lost hij flink af dan is de overname makkelijker.

  • hansvanbergen

    Het is natuurlijk logisch dat als je de boerderij van pap en mam overneemt met pachtgrond van de kerk en de gemeente. En je investeert nooit niksdat je dan lage financieringslasten hebt. En tussen het melken door vang je gehandicapten op en savonds nog ff de wc en de douches van de camping schoonmaken. Zondags de hele gasten in de theetuin misschien en tussendoor een cupcakecursus. Zo heb je dag en nacht werk weinig kosten in toch een inkomen. Btw vd Ploeg bij een koeienstal kun je niet zomaar een spantje eraanplakken. Als u wel eens in een stal geweest zou zijn zou u dit weten.

Laad alle reacties (15)

Of registreer je om te kunnen reageren.