Boehringer Ingelheim
Partner

Boehringer Ingelheim

ontwikkelt producten om diergezondheid en dierenwelzijn te verbeteren

Meer over Boehringer Ingelheim

Vragen na Blauwtong-bijeenkomsten voor veehouders

In samenwerking met Boehringer-Ingelheim organiseerden dierenartspraktijken in heel Nederland afgelopen maanden bijeenkomsten over Blauwtong. Deze bijeenkomsten trokken veel belangstelling van zowel rundveehouders als schapenhouders. In dit artikel vindt u de meeste gestelde vragen tijdens deze bijeenkomsten.

Foto: Canva

Foto: Canva


Blauwtong serotype 3 (BTV-3) is een virusinfectie bij herkauwers die wordt overgebracht door knutten. Blauwtong heeft zich inmiddels door heel Nederland en in de omringende landen verspreid. Hierdoor gaan we ervan uit dat we in 2025 weer te maken krijgen met een hoge infectiedruk. Het is belangrijk om dieren vroegtijdig te beschermen tegen BTV-3, voordat in mei de knutten weer actief worden.

Hieronder vindt u de meeste gestelde vragen tijdens deze bijeenkomsten. Staat uw vraag er niet tussen? Neem dan contact op met uw dierenarts of bezoek onze website veegezondheid.nl.

1. Hoe kan Blauwtong overwinteren en zich opnieuw verspreiden?

Het blauwtongvirus kan op verschillende manieren overwinteren:

  • Infectie in runderen: Koeien die besmet zijn geraakt, kunnen het virus nog 2 tot 5 maanden bij zich dragen. Dat betekent dat koeien die in de herfst besmet zijn nog viruspositief kunnen zijn in het voorjaar.  Deze geïnfecteerde runderen kunnen in het voorjaar een nieuwe infectiebron voor de knutten vormen.
  • Viruspositieve kalveren en lammeren: Lammeren en kalveren kunnen viruspositief geboren worden als hun moeders tijdens de dracht besmet zijn. Hoelang deze jonge dieren geïnfecteerd blijven, is nog niet bekend. Het is nog onduidelijk in welk stadium van de dracht een moederdier besmet moet raken om de infectie door te geven aan haar jong.

2. Is een viruspositief kalf ziek of kun je die herkennen?

Kalveren die met virus geboren worden, kunnen afwijkend zijn, zoals het hebben van “blauwe ogen” (beschadiging van het hoornvlies), “domme” kalveren met hersenafwijkingen, ook te kleine en lichte kalveren komen voor. Soms krijgen kalveren kort na de geboorte verschijnselen van Blauwtong, zoals een rode neus. Dit kan ook komen door een recente besmetting.

3.

Hoe veroorzaakt Blauwtong schade aan de bloedvaten?

Na een beet van een besmette knut komt het virus in de regionale lymfeknopen. Hier vermeerdert het virus zich in eerste instantie en dan wordt het via het bloed verspreid door het hele lichaam en naar organen, zoals het hart, lever, longen, baarmoeder en de milt. Daar vermeerdert het virus zich verder in de wanden van de bloedvaten. Hierdoor gaan de bloedvaten lekken en er ontstaan bloedstolsels, waardoor weefsels en organen beschadigd raken. Dit zorgt voor de klinische symptomen en zieke dieren. Klinische symptomen die afgelopen jaar bij rundvee zijn waargenomen, zijn onder andere; slijmvliesbeschadigingen in de bek en op de spenen, koorts, melkproductiedaling, kreupelheid en klauw- en vruchtbaarheidsproblemen, te vroeg geboren kalveren en kalveren met oogafwijkingen.

4. Is de schade door Blauwtong aan mijn dier blijvend?

Sommige dieren lijken volledig te herstellen, maar er zijn ook dieren die er niet meer bovenop komen. Het lijkt per dier te verschillen, afhankelijk hoe ziek de dieren zijn geworden en hoeveel (orgaan)schade er is ontstaan.

5. Waarom zou ik mijn dieren tegen BTV-3 vaccineren?

Er zijn een drietal redenen om te vaccineren die invloed hebben op de emotionele en financiële impact namelijk:

  • Voorkomen of verminderen van klinische symptomen, dit heeft een positief effect op diergezondheid en -welzijn.
  • Voorkomen of verminderen van sterfte, dit is een economisch voordeel.
  • Voorkomen of verminderen van virus in het bloed, waardoor minder kans op verdere verspreiding door knutten. Dit zorgt voor het indammen van de verspreiding.

6. Welke dieren moet ik vaccineren?

Wil je reageren? Maak dan gratis een account aan!
  • Schapen en koeien die nog niet gevaccineerd zijn of waarvan je niet zeker weet of ze Blauwtong doorgemaakt hebben.
    Na vaccinatie moeten dieren zelf bescherming (immuniteit) opbouwen. Bij koeien duurt dit 6 weken na de eerste vaccinatie. Vaccineer daarom in het voorjaar, zodat dieren bescherming hebben opgebouwd voordat het knuttenseizoen weer begint.
  • Hervaccineer dieren die in 2024 een basisvaccinatie hebben gehad, om ervoor te zorgen dat ze volgend knuttenseizoen ook nog beschermd zijn (duur van de bescherming is nog niet vastgesteld). De hervaccinatie hangt af met welk vaccin de basisvaccinatie is gedaan.
    Lammeren en kalveren vanaf 3 maanden leeftijd vaccineren in aanwezigheid van maternale immuniteit (antistoffen via de biest).

Vraag uw dierenarts voor advies op maat.

7. Wanneer kunnen lammeren of kalveren worden gevaccineerd?

Lammeren en kalveren kunnen vanaf 3 maanden leeftijd gevaccineerd worden in aanwezigheid van maternale immuniteit (antistoffen via de biest). Antistoffen kunnen aanwezig zijn in de biest als het moederdier is gevaccineerd of een natuurlijke infectie heeft doorgemaakt. Wanneer het moederdier niet is gevaccineerd en geen natuurlijke infectie heeft doorgemaakt dan kan het lam of kalf vanaf een maand gevaccineerd worden, als dat op de bijsluiter staat. Vraag uw dierenarts voor advies op maat.

8. 

Moet een dier dat blauwtong heeft doorstaan, gevaccineerd worden?

Op basis van kennis die er is over andere Blauwtong-serotypen, denken we dat dieren die BTV-3 hebben doorgemaakt voldoende immuniteit hebben opgebouwd en levenslang beschermd zijn. Het is wel belangrijk om te weten of de dieren, BTV-3 hebben doorgemaakt. Er zijn ziekteverschijnselen die veel op blauwtong lijken. Bij twijfel binnen een koppel, als je niet precies weet welke dieren het hebben doorgemaakt, is het verstandig om de hele koppel te vaccineren. Vraag uw dierenarts om advies.  

9. 

Hoelang is de duur van bescherming (immuniteit) van de Blauwtongvaccins?

Onderzoeken naar de duur van immuniteit lopen nog. Op basis van de ervaringen met   Blauwtongvaccins tegen andere serotypen gaan we uit van 1 jaar. Daarom is op dit moment het advies om een hervaccinatie te doen.

10. Is het belangrijk dat elke veehouder vaccineert?

Omdat BTV-3 niet weg is in het voorjaar en om de BTV-3 uitbraak in te dammen is koppelimmuniteit nodig. Dit wordt bereikt als meer dan 80% van de dieren beschermd zijn. Dieren zijn beschermd als ze een veldinfectie hebben doorgemaakt of als ze gevaccineerd zijn. Vaccinatie voorkomt of vermindert de klinische verschijnselen én voorkomt of vermindert de vermenigvuldiging van veldvirus in het bloed. Dit betekent dat de knut het virus niet meer kan oppikken en verspreiden. Dus hoe meer veehouders er vaccineren, hoe eerder we met elkaar BTV-3 kunnen indammen.

11. Werken de BTV-3-vaccins ook tegen het nieuwe BTV-12?

Nee, een vaccin tegen BTV-3 werkt niet tegen andere serotypen zoals BTV-12. Hiervoor zou een nieuw vaccin moeten worden ontwikkeld. Er is ook nog niet veel bekend over BTV-12. De verspreiding lijkt beperkt.

12. Wat moet ik doen als mijn dieren ondanks vaccinatie toch blauwtongverschijnselen vertonen?

Met de recente uitbraak van mond-en klauwzeer (MKZ) in Slowakije en op een veehouderijbedrijf in Kisbajcs, in het noordwesten van Hongarije en in de Duitse deelstaat Brandenburg, is het extra belangrijk om alert te zijn op ‘Blauwtong-symptomen’. MKZ komt voor bij runderen, varkens, schapen, geiten en andere evenhoevige dieren.

Afgelopen herfst kregen we in Nederland te maken met een ander serotype van Blauwtong, namelijk BTV-12. En er zijn ook nog andere Blauwtong-serotypen die in Europa rondgaan. Daarnaast is er ook een kans dat epizoötische hemorragische disease (EHD) zich verspreidt vanuit Frankrijk naar andere landen. Dat is ook de reden dat men in België verplicht moet vaccineren. De verschijnselen van Blauwtong, MKZ en EHD lijken op elkaar. In de winter en het voorjaar verwachten we nauwelijks gevallen van Blauwtong. Wees alert wanneer dieren verdachte klinische symptomen vertonen en neem contact op met uw dierenarts.


Snel delen


Sectornieuwsbrief Rundveehouderij