Vooruitzichten varkenshouderij 2020 erg onzeker

Foto: Bert Jansen
2020 is voor zowel zeugen- als vleesvarkenshouders goed begonnen. Na topjaar 2019 waarin na jaren van verlies eindelijk weer gebufferd of geïnvesteerd kon worden, begon ook 2020 voortvarend.In het kort:Voldoende buffer op varkensbedrijven Financieel is 2020 gunstig begonnen Coronacrisis en Afrikaanse varkenspest geven onzekerheidDe eerste vier maanden van 2020 hebben, zeker voor de zeugenhouders, een meer dan bovengemiddeld saldo opgeleverd. En ook de vleesvarkenshouders zijn het jaar met een bovengemiddelde voerwinst begonnen.Inmiddels daalt de prijs sterk. Daarbij zijn er te veel onzekerheden om een voorspelling van de rest van het jaar te doen. Door de verschillende externe invloeden is het niet te voorspellen hoe het jaar zal verlopen, geven adviseurs in de sector aan. Externe factoren reden tot zorgReden tot zorg zijn de externe factoren waarbij het de vraag is of de slachterijen open blijven en de grenzen open blijven voor export. Dat blijkt ook wel uit recente ontwikkelingen waarbij China tijdelijk de grenzen heeft gesloten voor varkensvlees van de Vionvestigingen in Boxtel en Groenlo en van Van Rooi en Westfort en het Duitse Tönnies. Vleesbrancheorganisatie COV vertrouwt erop dat deze tijdelijke exportrestrictie met de juiste maatregelen snel opgeheven kan worden. Naast de gevolgen van de coronacrisis is het ook nog de vraag of we Afrikaanse varkenspest buiten de deur kunnen houden.Lees verder onder de fotoBiggen laden voor export. Wereldwijd is er voldoende vraag naar varkensvlees, maar de toekomst is onzeker, mede door exportrestricties van China. - Foto: Bert JansenDip na topsaldo in eerste kwartaal“Zeugenhouders hebben in de eerste vier maanden van 2020 zo’n voorsprong gemaakt dat zelfs de ‘dip’ in het tweede kwartaal een bovengemiddeld jaar, gelijkwaardig aan 2019 niet in gevaar zal brengen”, aldus Kees Ligthart, adviseur bij Abab Agro Advies. Cijfers van Agrimatie geven voor zeugenbedrijven in mei, met een saldo van € 666 per zeug, een ‘dip’ aan. Dat is een daling van meer dan 60% ten opzichte van maart dit jaar. Toen tikte het saldo met € 1.676 een piek aan. En het saldo van mei is bijna gehalveerd ten opzichte van het saldo in april dit jaar. Lagere opbrengsten van biggen veroorzaken voornamelijk de daling. Erg verontrustend is het nog niet; het saldo ligt nog ruim boven het langjarig gemiddelde, dat dit jaar op € 365 per zeug is bepaald. Zeugenhouders zijn de periode van de eerste 4 maanden van 2020 goed begonnen. De daling van het saldo in mei is voornamelijk veroorzaakt door de lagere opbrengsten van de biggen.Vleesvarkenshouders, die normaal gesproken in het derde kwartaal de meeste opbrengsten tegemoet zien, hebben ook een goed begin van het jaar gekend. Volgens Agrimatie kende het eerste kwartaal een gemiddelde voerwinst van € 96 per vleesvarken. In april kent de voerwinst een piek naar € 137, met lage biggenprijzen en de opbrengsten van de vleesvarkens nog op hoog niveau. Het derde kwartaal moet wel wat goedmaken om het weer een topjaar te kunnen noemenIn mei zijn de gevolgen van de coronacrisis duidelijk te merken met lagere opbrengstprijzen, waardoor ook de voerwinst met € 80 onder druk komt en naar het langjarig gemiddelde van € 79 kruipt. De vleesvarkenshouders zitten nu wel met dure biggen in het hok en lagere vleesvarkensprijzen in het vooruitzicht. “Het derde kwartaal moet dit jaar dan wel wat goedmaken om het voor de vleesvarkenshouder weer een topjaar te kunnen noemen”, reageert Ligthart naar aanleiding van de Agrimatiecijfers.Cijfers van Agrimatie geven in 2019 een daling van 10% in de voerkosten. In 2020 is er alweer een lichte stijging te zien in voerkosten. Voldoende vraag naar varkensvleesDe marktsituatie van vraag en aanbod is zeer gunstig. “Wereldwijd is er ruim meer vraag dan aanbod en dat zal ook de komende jaren nog het geval zijn”, aldus Paul Bens van DLV Advies. De voorsprong van de eerste maanden van 2020 is wel voor een flink stuk weg, geeft hij aan, vanwege de daling van de opbrengsten en een lichte stijging van de voerprijzen die zijn te zien in de Agrimatiecijfers van mei. Vanaf mei 2020 zijn de gevolgen van coronacrisis duidelijk te merken met lagere opbrengstprijzen. Daardoor komt ook de voerwinst met € 80 onder druk te staan.Eerst de feestdagen in het voorjaar en daarna de coronacrisis zorgden voor een totaal ontregelde markt. Voor Nederland als exporterend land kunnen mondiale beperkingen, zoals sluitingen van slachterijen of landsgrenzen hard aan komen. Toch is Bens positief over de toekomst van de varkenshouderij. Zo lang er geen langdurige handelsbelemmeringen of beperkingen zijn, ziet het er de komende jaren gunstig uit voor de sector. Efficiënt produceren om met wereldmarkt mee te kunnen doenIn Europa zal de vraag naar varkensvlees licht dalen, maar in bepaalde regio’s in de wereld krijgen mensen meer te besteden en daar zal de vraag toenemen. Ook de situatie met Afrikaanse varkenspest in China zal de komende jaren nog voor extra vraag zorgen. Om met de wereldmarkt mee te kunnen doen, moet er wel efficiënt worden geproduceerd. “De ontwikkelruimte wereldwijd is echter beperkt”, aldus Bens. Hij ziet dat het investeringsklimaat in de intensieve sector onder druk staat. Met de Europese regelgeving is de terugverdientijd van investeringen lang en het risico groot. Bedrijfsopvolgers en arbeidskrachten haken af, mede door het negatieve beeld van de sector. Lees ook: 6 punten die aandacht verdienen in de varkenssectorHogere buffer aanhouden“Er is zeker nog sprake van een varkenscyclus”, aldus Bens die aangeeft dat alleen het tekort aan varkens wereldwijd nu erg groot is. Het is volgens de adviseur daarom wel verstandig om een buffer aan te houden voor mindere tijden en een dip op te vangen. “Vooral op zeugenbedrijven is het zaak om een hogere buffer dan voorheen te hebben”, adviseert Ligthart die net als Bens bedragen van rond de € 300 per zeug en € 25 per vleesvarken aanhoudt. Een buffer betekent dat het geld direct beschikbaar moet zijn om een tijdelijke dip of een periode van een dal door te komen. Daaronder valt ook het negatieve saldo op de rekening courant. “Dat is ook financiële ruimte”, aldus Ligthart die wel varkenshouders adviseert om niet teveel geld voor investeringen van de rekening courant te halen.Lees op eiwittrends.nl het interview met Robert Stienen, specialist varkenshouderij bij ABN Amro: 'Zeugenbedrijf heeft buffer'Lees verder onder de fotoNieuwbouw van een vleesvarkensstal. Afgelopen halfjaar is er weer meer geinvesteerd, vooral door zeugenhouders. - Foto: Hans PrinsenVarkensbedrijven investeren vooral om up-to-date te zijnDe lopende rekening heeft op het gemiddelde varkensbedrijf weer ruimte, wat tot 2017 zeker niet het geval was, blijkt uit de liquiditeitscijfers van Agrimatie. In 2017 en 2019 hebben de meeste bedrijven de dip van 2015 en 2016 weer goed gemaakt. Veel bedrijven hebben weer ruimte om te kunnen investeren of hebben afgelopen jaar al investeringen gedaan.Ligthart geeft aan dat bedrijven vooral geïnvesteerd hebben om weer up-to-date te zijn. Dat varieert per bedrijf van een aankoop van een vleesvarkenslocatie om gesloten te worden, investeren in welzijn met een koelinstallatie of in duurzaamheid, zoals zonnepanelen. Een enkeling heeft ook in onroerend goed buiten de sector geïnvesteerd. Investeren in meer dieren voor meeste bedrijven niet rendabel“Investeren in groei van het aantal dieren is voor de meeste bedrijven niet rendabel, enkel voor de sterk bovengemiddeld producerende bedrijven voegt dat wat toe aan het rendement”, aldus Bens. Hij adviseert ondernemers om kritisch te kijken of de voorgenomen investering de komende tien jaar wel rendement oplevert. De eerste jaren zullen zeker goed zijn, maar daarna zullen we toch weer voorbereid moeten zijn op een concurrerende positie op de wereldmarkt.Onzekerheid toekomst voerleveranciersDoor stoppers in Nederland, maar ook doordat er wereldwijd minder varkens zijn, zal er minder vraag naar voer komen. “Er is zoveel onduidelijk, dat het heel moeilijk is om aan te geven wat het perspectief is voor voerbedrijven en de effecten op de voerprijzen”, stelt Henk Flipsen van voerfabrikantenorganisatie Nevedi.
De opkoopregeling in Nederland, waarbij 10% van de varkens verdwijnt, heeft geen invloed op de internationale grondstoffenmarkt, zoals voor tarwe, mais en soja. De oogstramingen van 2020 voor tarwe en raapzaad, die voor 70% het rantsoen van varkensvoer bepalen, zijn wel naar beneden bijgesteld en kan nog voor een prijsstijging zorgen. Een tekort aan grondstoffen ziet Flipsen echter in elk geval niet ontstaan en er blijft voldoende keuze in voerleveranciers.
Wel brengt de discussie over duurzaamheid, voor de eiwitbronnen soja en palm, inkooprisico’s met zich mee. “Het positieve is wel dat door deze duurzaamheidsdiscussie er meer diversiteit in de vraag naar grondstoffen ontstaat” aldus Flipsen. Hij geeft aan dat het samenstellen van een rantsoen een complexe materie is. “Het ene aminozuur is het andere niet en waar het ene concept zich op efficiënte groei en voerbenutting richt, wil het andere concept een langzaam groeiend varken”, aldus Flipsen. Dat vraagt maatwerk, ook in de prijs van het rantsoen.
Dit artikel is alleen voor abonnees
Al geabonneerd?
Lees onbeperkt Premium artikelen met een abonnement
Boer beter met onbeperkte toegang tot alle artikelen
Speel beter in op jouw markt met actuele prijzen
Vorm je eigen mening met opinies en analyses









